De angst van politici om onpopulaire klimaatmaatregelen op te leggen is vooralsnog groter dan de angst voor de klimaatverandering zelf.

In aanwezigheid van enkele staatshoofden en regeringsleiders is gisteren in Madrid de 25ste VN-Klimaatconferentie begonnen. Klimaat is een hot topic sinds de kwalijke gevolgen van de klimaatverandering zich steeds nadrukkelijker manifesteren en staat sinds kort ook hoog op de politieke agenda. Het Europees Parlement riep vorige week de klimaatnoodtoestand uit, Ursula von der Leyen wil als nieuwe Commissievoorzitter met de Europese Unie een voortrekkersrol spelen in de strijd tegen de opwarming van de aarde, en Christine Lagarde wil met haar Europese Centrale Bank een monetair steentje bijdragen.

Maar ronkende verklaringen en plechtige beloftes zetten geen zoden aan de dijk. Concrete maatregelen zijn nodig om de CO2-uitstoot sterk te verminderen en het energieverbruik terug te dringen. Mensen moeten ertoe worden aangezet zich anders te verplaatsen, anders te wonen, hun woningen beter te isoleren en anders te verwarmen. Maar dat roept weerstand op, of er hangt een aanzienlijk prijskaartje aan. En dan wordt het moeilijker. Zelfs politici die ervan overtuigd zijn dat maatregelen nodig zijn, durven ze niet door te drukken omdat ze weten dat veel van de kiezers ze niet lusten.

Symptomatisch zijn de maatregelen die Vlaams minister voor Omgeving en Energie Zuhal Demir (N-VA) voorstelt als Vlaamse bijdrage tot het Nationaal Energie- en Klimaatplan dat België aan de Europese Commissie moet voorleggen om de CO2-uitstoot tegen 2030 met 35 procent te verminderen. Het recente Vlaams regeerakkoord is al weinig ambitieus op klimaatvlak. Dat is de verantwoordelijkheid van de N-VA, Open VLD en CD&V, de drie partijen in de coalitie. Demir durft haar nek niet verder uit te steken, uit vrees dat een onpopulaire maatregel naar haar wordt vernoemd, zoals Annemie Turtelboom (Open VLD) overkwam met de Turteltaks, die het einde betekende van haar politieke carrière. En Ben Weyts (N-VA) met de Benbelasting (rekeningrijden), die werd afgevoerd voor ze was ingevoerd.

Het klimaatplan van Demir ademt een teleurstellend gebrek aan ambitie.

De voorstellen van Demir sparen de burgers zo veel mogelijk. De Vlaamse regering is er als de dood voor als een belastingregering te worden bestempeld. Of de voorstellen leggen de bal - en de factuur - in het kamp van de federale regering, die zelf nog minder geld op overschot heeft. Het hele plan-Demir ademt een teleurstellend gebrek aan ambitie.

Veel burgers zijn het ermee eens dat maatregelen nodig zijn om de klimaatverandering tegen te gaan. Maar ze zijn over het algemeen niet happig om ze mee te betalen. De belastingdruk in ons land is al heel hoog. Maar als de klimaatverandering onze samenleving bedreigt en de strijd ertegen cruciaal is, moeten de burgers er toch van overtuigd kunnen worden dat extra geld nodig is en dat dat deels van hen moet komen.

En de beleidsmakers moeten keuzes durven te maken en de middelen anders inzetten. Maar als er meer naar het klimaat gaan, welke domeinen moeten het dan met minder doen? Onderwijs, gezondheidszorg en cultuur? Ook daar gaan de stekels meteen overeind als ze minder krijgen. Maar het geld moet van érgens komen. We kunnen onze politici niet verwijten dat ze te weinig doen als we zelf geen inspanningen willen leveren.

Lees verder

Tijd Connect