Advertentie

Men moet

Herman Van Rompuy is na anderhalf jaar politieke crisis één van de weinigen die in de Wetstraat nog het voordeel van de twijfel aan zijn kant heeft. In de huidige omstandigheden lijkt hij als formateur de juiste man op de juiste plaats.

(tijd) - Men moet. Zo luidt de titel van het laatste ‘gedicht van de week’ – eentje van Gerrit Kouwenaar - dat formateur Herman Van Rompuy op zijn website heeft gezet: ‘Men moet de zonen nog moed inspreken, de dochters/ een harnas aanmeten, ijswater koken leren/ men moet de fotograaf nog de bloedplas wijzen/ zijn huis ontwennen, zijn inklint vernieuwen’.

Men moet. Toepasselijker kan het niet voor de man die deze maand nog in het VRT-programma Ter Zake zei dat hij in 1994 ook al geen premier wilde worden toen dat dreigde te gebeuren, en er aan toevoegde dat hij in vijftien jaar niet is veranderd. Maar het is niet langer een kwestie van willen. Na anderhalf jaar crisis is politiek in België een kwestie van moeten geworden.

In die moeilijke omstandigheden lijkt Herman Van Rompuy de juiste man op de juiste plaats om een nieuwe regering in de steigers te zetten. Tussen de huidige ploeg is het vertrouwen weg, voor zover het er ooit is geweest. Een van de huidige aftredende ministers kan daarom niet de fakkel van Yves Leterme overnemen.

Een buitenstaander dus, maar toch iemand met kennis van zaken, die ook tot de grootste partij van de meerderheid behoort en toch enigszins boven de mêlée staat. Van Rompuy lijkt tot die categorie te behoren: Hij was adviseur op regeringskabinetten in de jaren zeventig, die periode waarmee deze jaren zo vaak worden vergeleken, werkte op de Nationale Bank en was minister van Begroting.

Maar even belangrijk: al jarenlang inwoner van de communautair onrustige gemeente Sint-Genesius-Rode, zonder – in tegenstelling tot zijn broer Eric – door de Franstaligen als een radicale hardliner te worden aanschouwd. Zowel communautair als budgettair heeft hij daarmee de ervaring die op dit moment meer dan nodig is. En als voorzitter van de Kamer zit hij nog steeds in het hart van de Belgische politiek, wat niet het geval is voor andere ervaren CD&V-zwaargewichten zoals Jean-Luc Dehaene.

En evenmin onbelangrijk: met zijn 61 jaar loopt Van Rompuy niet het risico zijn politieke toekomst te verbranden. In die zin kan hij misschien harder op tafel kloppen dan de aftredende ploeg, die uit dertigers, veertigers en vijftigers bestaat.

De vraag is uiteraard of het zal volstaan. Het antwoord kennen we nog niet, maar het feit blijft dat op dit moment niemand beters zich aandient om het puin te ruimen na de val van de regering-Leterme. Maar na maanden van aanmodderen is er ten minste weer hoop op een uitweg uit de crisis. Of om het te zeggen met een ander citaat dat formateur Van Rompuy op zijn site zette: ‘Ik ben altijd pessimistisch, in de hoop blij verrast te worden.’

Bart Haeck, chef Politiek & Economie

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud