De impact wordt verzacht doordat geen ontslagen vallen. Maar dat KBC 1.400 jobs schrapt, is niettemin een economische mokerslag.

Ze sneuvelen met honderden tegelijk, de banen in de banksector. Na bij ING België, BNP Paribas Fortis en AXA Bank was het woensdag bijltjesdag bij KBC. Dat schrapt de komende drie jaar 1.400 jobs en zet de samenwerking met 400 externe contractuelen stop.

Toch blijft de impact op de individuele KBC-medewerkers beperkt. De bank denkt dat het volstaat mensen die uit eigen beweging vertrekken niet te vervangen, bijvoorbeeld omdat ze een andere interessante job hebben gevonden of met pensioen gaan.

Het siert KBC dat het in tegenstelling tot andere banken - zoals ING en de Nationale Bank - niet grijpt naar het brugpensioen en geen mensen betaalt om thuis te zitten. De kosten van de herstructurering worden dus niet deels afgewenteld op de samenleving. De operatie vergt geen sociaal plan. De bank bewijst zo dat het mogelijk is te herstructureren en af te slanken zonder de botte bijl te hanteren.

 Dat komt natuurlijk ook omdat KBC er de voorbije jaren over gewaakt heeft niet te veel vet aan te kweken. Goed management kenmerkt zich door vooruitziendheid.

Wat nu bij KBC gebeurt, past in een trend die al langer bezig is: het aantal banen in de banksector krimpt. Dat komt niet omdat de sector in crisis is, het heeft vooral te maken met de technologische ontwikkelingen.

Ook andere sectoren - denk aan de landbouw en de industrie - hebben die evolutie al doorgemaakt. Als KBC met minder mensen hetzelfde werk kan verzetten dankzij technologie, robotica en artificiële intelligentie, gaat de productiviteit omhoog. Een kwalijke zaak kan je dat niet noemen.

De tijd dat banken grote jobmachines waren, is voorbij. Om de werkgelegenheid in de economie op peil te houden moeten de banen die daar verdwijnen wel worden gecompenseerd door nieuwe op andere plekken. Dat is de voorbije decennia aardig gelukt. De werkgelegenheid in ons land staat op een recordhoogte.

Om de fundamenten van de economie gezond te houden worden de nieuwe jobs wel het best gecreëerd in de privésector, niet bij de overheid met belastinggeld. De opdracht voor de overheid is de jobcreatie niet te bemoeilijken door overdreven reglementering of hoge lasten op arbeid. Ze dient die te faciliteren, door nieuwe vormen van arbeid mogelijk te maken, zoals deeltijdse arbeid, flexwerk en nachtwerk in e-commercebedrijven. Omdat de aard van jobs verandert, moet de overheid ook inzetten op onderwijs en opleiding.

Op dat vlak hebben ook de bedrijven een verantwoordelijkheid. Ze moeten hun medewerkers de kans bieden nieuwe kwalificaties te verwerven. Als we meer jobs willen in ons land, is het belangrijk dat het ondernemerschap floreert. Dat is de belangrijkste motor van de economische dynamiek.

Het is geen drama dat in bepaalde bedrijven of sectoren jobs verdwijnen, zolang er meer nieuwe ontstaan in andere bedrijven en andere sectoren. Het duidt erop dat de economie innoveert.

Lees verder

Tijd Connect