OESO waarschuwt voor gevolgen dure euro

(tijd) - 'De dure euro bedreigt de ene motor waarop het vliegtuig van de Europese economie vliegt: de export', waarschuwt Philippe Cotis, de hoofdeconoom van de OESO. 'Sinds november is de euro met 10 procent in waarde gestegen. Dat is voldoende om al het goede economische nieuws van de voorbije maanden weg te vegen. Als de euro verder blijft stijgen, moeten de beleidsmakers ingrijpen en bijvoorbeeld de rente verlagen.'

Philippe Cotis, de Franse hoofdeconoom van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), liet zich gisteren tijdens de jaarvergadering van het World Economic Forum in Davos vrij somber uit over de economische vooruitzichten van de eurozone. Vooral de forse stijging van de wisselkoers van de euro baart hem zorgen.

De eurozone groeit dit jaar met 2 procent, zegt Cotis. Dat is beter dan de 1,7 procent die de OESO in november naar voren schoof. 'Maar indien de euro verder stijgt, belandt de eurozone in de gevarenzone.' Een nog duurdere euro dreigt de groei te doen dalen tot onder de prognose van 1,7 procent van november.

'De Europese economie is een vliegtuig dat vliegt op één motor: de export. En de dure euro bedreigt die ene motor, want de binnenlandse vraag, normaliter de tweede motor, laat het afweten', meent Cotis. 'De consumptie lijdt onder de vrees dat de werkloosheid oploopt als gevolg van de laagconjunctuur.'

Indien de euro verder stijgt, 'moeten de beleidsmakers ingrijpen.' De Europese Centrale Bank (ECB) kan eventueel de rente verlagen, alhoewel die zich al op een voor de conjunctuur erg stimulerend laag peil bevindt, meent de hoofdeconoom.

'Canada wordt met hetzelfde probleem geconfronteerd als de eurozone: een fors stijgende munt. De Canadese centrale bank verlaagde daarom eerder deze week de rente.' Cotis suggereert, zonder het expliciet te zeggen, dat de ECB best het Canadese voorbeeld volgt. 'Een renteverlaging in de eurozone dreigt immers niet te leiden tot een hogere inflatie en betekent een belangrijk psychologisch signaal: dat de ECB de binnenlandse vraag wil aanjagen.'

Cotis presenteerde een tabel waaruit moet blijken dat het wereldwijde economische herstel geografisch erg onevenwichtig is. In het vierde kwartaal van 2003 boekten de VS en Japan een vermoedelijke groei van 5,6 en 4,4 procent op jaarbasis (kwartaal-op-kwartaalgroei maal vier) tegen 2,4 procent voor de eurozone. Ook Azië groeit stevig. De eurozone, toch al de zwakke schakel van de wereldeconomie, zit dan nog eens opgescheept met de dure euro.

De eurolanden beschikken niet over de ruimte hun conjunctuur via budgettaire weg aan te jagen. 'Tijdens de hoogconjunctuur werden te weinig begrotingsoverschotten gegenereerd die tijdens de huidige laagconjunctuur hadden kunnen worden gebruikt om de groei te stimuleren. Europa heeft tijdens de goede dagen zijn begrotingsbeleid laten ontsporen: de belastingen werden verlaagd zonder ook de uitgaven terug te schroeven.' De hoofdeconoom van de OESO roept de grote eurolanden op budgettair zo snel mogelijk orde op zaken te stellen. Dat geldt ook voor Japan en de VS. 'De enige uitzondering is het wonderkind Canada.' Cotis vreest dat de dure ruwe olie een negatieve impact zal hebben op de economische activiteit. 'Maar de dure euro tempert de impact voor de eurozone', want de ingevoerde olie wordt betaald met goedkope dollars.

In China dreigt een oververhitting van de economie, waarschuwt Cotis. 'De geldhoeveelheid en de kredietverstrekking nemen er spectaculair toe. Dat laatste kan ontaarden in een hoop slechte leningen.' Het economisch herstel in Japan wordt bedreigd door een verdere stijging van de wisselkoers van de yen. Want, net als in de eurozone, stoelt het Japanse herstel veel meer op de uitvoer dan op de binnenlandse vraag. Cotis roept de Japanse centrale bank op de rente op 0 procent te houden. CP

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud