'Offertes voor geneesmiddelen besparen tot 1,9 miljard'

(tijd) - Een centraal aankoopbeleid van geneesmiddelen kan de ziekteverzekering en de patiënten jaarlijks tot 1,9 miljard euro besparen. Dat berekende de huisarts Jan Van Duppen. Zijn pleidooi voor de invoering van openbare offertes voor geneesmiddelen werd de jongste weken door de politieke wereld overgenomen. Van Duppen haalde zijn mosterd in Nieuw-Zeeland dat al tien jaar openbare aanbestedingen organiseert voor geneesmiddelen.

Van Duppen lanceerde de discussie over een centraal aankoopbeleid van geneesmiddelen. Hij analyseerde naar aanleiding van zijn boek 'De cholesteroloorlog' ons geneesmiddelenbeleid, en ging na waarom medicatie in België zo duur is. Bij zijn zoektocht stootte de huisarts bij Geneeskunde voor het Volk op het Nieuw-Zeelandse systeem. Dat gaat uit van 'de beste koop' en niet van 'de hoogste prijs die de markt kan dragen'.

Nieuw-Zeeland introduceerde in 1997 een centraal gestuurd aankoopbeleid. Voor elk geneesmiddel organiseert het politiek onafhankelijke instituut Pharmac een openbare aanbesteding. Enkel het product dat als beste koop uit de bus komt, wordt door de overheid maximaal terugbetaald. Pharmac selecteert wel een aantal alternatieven voor dat beste geneesmiddel, maar zij worden minder terugbetaald. Het beste product krijgt een licentie voor drie jaar.

Nieuw-Zeeland gebruikt het centrale aankoopmodel voor alle geneesmiddelen waarvan het patent vervallen is. De situatie is complexer voor geneesmiddelen waarvan het patent nog niet vervallen is. 'Daar kiest Nieuw-Zeeland voor maatwerk', weet Van Duppen. Soms wordt er een offerte georganiseerd, maar vaak worden er ook onderhandse overeenkomsten gesloten. De regering beslist dan een innovatief nieuw product terug te betalen op voorwaarde dat het bedrijf de prijs van andere nuttige geneesmiddelen fors doet dalen.

Het Nieuw-Zeelandse systeem leidde tot prijsdalingen van 40 tot 90 procent. Van Duppen staaft dat met concrete voorbeelden. In België zijn er bijvoorbeeld negen producenten van de cholesterolverlager simvastatine op de markt. Het duurste product kost 123,5 euro, het goedkoopste 54,5 euro. In Nieuw-Zeeland kost het geneesmiddel 47 euro. Een standaard pijnstiller in België zoals Dafalgan of Perdolan kost 4,3 euro voor 30 tabletten. In Nieuw-Zeeland is dat 0,23 euro.

Van Duppen schat dat de invoering van het 'Kiwi-model' een besparing oplevert van 1,9 miljard euro op een geneesmiddelenomzet van 4,5 miljard euro. De ziekteverzekering zou 1,5 miljard euro minder moeten uitgeven, de patiënt zou 0,4 miljard euro besparen. Dat geld moet volgens Van Duppen prioritair worden gebruikt om 25.000 extra jobs in de gezondheidszorg te bekostigen.

De forse besparing is niet het enige voordeel van een centraal aankoopbeleid. Van Duppen wijst erop dat het systeem de farmaceutische industrie de motivatie tot buitensporige marketinginspanningen ontneemt. Bovendien is een systeem met één geneesmiddel per aandoening veel eenvoudiger voor patiënt, arts en apotheker dan het Belgische systeem waarbij tientallen gelijkaardige producten per aandoening in omloop zijn.

Het Nieuw-Zeelands model vindt stilaan gehoor in andere landen. Australië, de Canadese provincie British Columbia en Amerikaanse staten als Maine en Oregon hebben elementen van het systeem overgenomen. Ook de Belgische politieke wereld loopt stilaan warm voor het idee. De sp.a-voorzitter, Steve Stevaert, schaarde zich als eerste achter Van Duppen, en dit weekend lieten ook de VLD, CD&V en Groen! weten een centraal aankoopbeleid genegen te zijn.

Rudy Demotte (PS), de federale minister van Sociale Zaken, is ook een voorstander van het systeem, maar hij twijfelt nog over de juridisch-technische waterdichtheid ervan en hij vreest Europese bezwaren. Het kernkabinet besliste daarom vorige week een haalbaarheidsstudie naar de invoering van het Kiwi-model te laten uitvoeren.

Van Duppen is er gerust in. 'De prijsbepaling en de terugbetalingsvoorwaarden van geneesmiddelen zijn nationale bevoegdheden. Ik zie niet in waarom Europa zich zou verzetten tegen een centraal aankoopbeleid.' Hij haalt bovendien aan dat België al experimenteert met het systeem. Het leger koopt zijn geneesmiddelen op die manier aan, en Vlaanderen schrijft algemene offerte-aanvragen uit voor vaccins. Het systeem werd al voor twee vaccins toegepast en levert een jaarlijkse besparing van 2 miljoen euro op.

Het Kiwi-model wordt door de geneesmiddelensector verguisd en afgedaan als 'communistische woordenkramerij'. De farma-industrie vreest dat de innovatie in het gedrang komt, en dat de therapeutische vrijheid van artsen aan banden gelegd wordt.'

Van Duppen noemt dat nepargumenten. Hij wijst erop dat voor innovatieve producten uitzonderingen gemaakt kunnen worden, en dat alternatieve producten niet noodzakelijk de toegang tot de markt ontzegd moeten worden. Het volstaat ze niet of veel minder terug te betalen. Het discours van de therapeutische vrijheid noemt hij 'niet meer van deze tijd'.

Evelyne HENS

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud