Onder ons

©Saskia Vanderstichele

De arrestatie van de verdachte van de moordaanslag op de Brusselse Zavel, maakt nog eens pijnlijk duidelijk hoe dicht het conflict in Syrië is. En dat de gevaren van de jihadisten en de radicalisering binnen de islamitische bewegingen niet mogen onderschat worden.

De arrestatie van de man, Mehdi Memmouche, in Marseille kwam na een routinecontrole. Hij is afkomstig van het Noord-Franse Roubaix en heeft een crimineel verleden. Na zijn laatste gevangenisstraf, eind 2012, verdwijnt hij uit Frankrijk.

Richting België, Verenigd Koninkrijk, Syrië blijkbaar, maar ook Duitsland. Hij was gesignaleerd in de hele Schengen-zone en de Franse veiligheidsdienst hield hem in de gaten, maar tot vorige week was hij niet meer op Franse bodem geweest sinds zijn vrijlating.

Blijkbaar kon Memmouche beroep doen op een uitgebreid netwerk over heel Europa. Dat netwerk leverde hem niet alleen een radicale overtuiging op, maar ook wapens en geld om zijn daden te financieren. Het toont aan dat de politie- en veiligheidsdiensten een gevecht moeten leveren met een onzichtbare vijand, die beschikt over een uitstekend uitgebouwd netwerk.

De aanhoudende conflicten in het Midden-Oosten en in Noord-Afrika zijn blijkbaar een lokmiddel om jongeren in de val van de radicale islam te lokken. Conflicthaarden in Syrië maar ook in Irak of nog Mali en andere landen, bieden een vruchtbare voedingsbodem om de haat tegen alles wat niet islam is aan te wakkeren.

Het is niet de eerste keer dat dit soort daders een reeks slachtoffers maakt. Eerder doodde Mohammed Merah zeven mensen in Toulouse en omstreken, onder dezelfde ideologische vlag. Met dezelfde willekeur en dezelfde haat.

Voor de overheid en de politiediensten is dit soort ondergrondse terreur een groot probleem. Natuurlijk kunnen er zichtbare veiligheidsmaatregelen genomen worden, en bepaalde mogelijke doelwitten beter beschermd worden. Dat is goed voor de betrokkenen en voor het algemeen veiligheidsgevoel, maar neemt het fundamenteel probleem niet weg.

Hét probleem is dat schijnbaar ‘gewone’ jongelingen in die mate gemanipuleerd kunnen worden dat ze omslaan in terroristen, die onafhankelijk toeslaan. De voorbeelden daarvan zijn legio, wat er precies gebeurd is met hen, dat is veel minder duidelijk.

De uitdaging is om de netwerken bloot te leggen en de mensen die verantwoordelijk zijn voor het aanzetten van dit soort aanslagen op te pakken. Dat is niet eenvoudig. Het is niet toevallig dat zowel Merah als Memmouche een camera bij hadden. Daarbij wilden ze hun aanslagen op het net zetten om te dienen als bewijs en voorbeeld voor de strijd die de jihadisten aangaan.

Hier blijkt de kracht van de sociale media maar meteen ook de schaduwzijde. De informatietechnologie laat een grote mate van ondergrondse activiteiten toe, die moeilijk te achterhalen zijn. De informatie verloopt misschien langs de grote en de bekende mediakanalen, maar de stroom is er, voor wie het weet.

De aanslag op de Zavel heeft nog maar eens duidelijk gemaakt dat de radicalisering van de islam die geworteld is in onze samenleving. Dat is geen prettige vaststelling.

De waakzaamheid voor de Syriëstrijders zal nu ongetwijfeld opflakkeren, maar te vrezen valt dat die zal wegebben met de tijd. Zoals de oorlog in Syrië ook stilaan verworden is tot een conflict dat niet langer bovenaan de politieke agenda staat. Al beloofde de Amerikaanse president Barack Obama een verhoogde aandacht voor het conflict eind vorige week.

In Europa zal een gecoördineerd beleid moeten opgesteld worden. De omzwervingen van Memmouche tonen aan dat de grenzen geen obstakel zijn, dat de toevluchtsoorden overal gevonden worden en dat geld noch wapens een probleem zijn.

Een goed antwoord daarop vinden is niet eenvoudig. Het kan niet de bedoeling zijn dat een heksenjacht wordt ontketend. Maar efficiënt optreden tegen het gevaar, dat blijft een delicate oefening tussen repressie en het voorkomen van aanslagen.

Sluitend zal het voorkomingsbeleid wel nooit worden, maar het zou een stap vooruit zijn als de mazen in het net wat kleiner zouden worden en dat vooral ook ingezet wordt op het voorkomen dat jongeren in dit soort dubieuze netwerken verzeild geraken. Preventie is altijd al een moeilijke oefening, maar in dit geval kan het veel schade en leed besparen.

 

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud