'Onzekerheid ontregelt vastgoedmarkt'

(tijd) - 'De vastgoedmarkt is ernstig ontregeld door een overdaad aan regelgeving, overlappende wetgevingen en juridische onzekerheid. Meer en meer vastgoedontwikkelaars en vastgoedinvesteerders hebben het daar erg moeilijk mee.' Dat zei Gaëtan Hannecart, voorzitter van de Beroepsvereniging van de Vastgoedsector, gisteren tijdens een hoorzitting in het Vlaams Parlement over betaalbare bouwgronden.

De voorbije weken was er heel wat te doen over de prijzen en het aanbod van bouwgronden in Vlaanderen. Zo stelden de sp.a en Groen! een speculatieheffing op 'slapende bouwgronden' voor. Daarmee willen ze grondeigenaars aanporren hun percelen op de markt te gooien. Vertegenwoordigers van de vastgoed- en bouwsector herhaalden gisteren in de commissie Ruimtelijke Ordening dat het vooral particuliere eigenaars en de overheid zijn die hun bouwgronden in handen houden in afwachting van hogere prijzen. 'De professionele grondeigenaar verkoopt zijn gronden wel, al was het maar omdat hij anders in kapitaalnood komt', zei Marc Dillen, directeur-generaal van de Vlaamse Confederatie Bouw (VCB).

Dillen wees erop dat de vastgoedsector slechts 6 procent van de bouwgronden bezit. 'Maar toch is de sector al te vaak de kop van Jut', zegt Gaëtan Hannecart, voorzitter van de Vlaamse afdeling van de Beroepsvereniging van de Vastgoedsector. Die vertegenwoordigt de vastgoedinvesteerders, -ontwikkelaars en -verkavelaars.

De vastgoedsector zegt best bereid te zijn mee te werken aan een betaalbaar grond- en pandenbeleid. Maar daarvoor moeten dringend de kafkaiaanse toestanden worden aangepakt. In de vastgoedsector heeft men het steeds moeilijker met de juridische onzekerheid, de trage planningsprocessen en de snel wijzigende wetgeving, zegt Hannecart. Hij verwijst ondermeer naar de toepassing van de watertoets (zie kader). 'Die werd in de vorige legislatuur ingevoerd, maar het is nog steeds wachten op alle uitvoeringsbesluiten'.

Ook stelt Hannecart vast dat de situatie op de bouwmarkt al te vaak botst op de principes van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen (RSV). 'De voorziene ontwikkeling van duizenden hectare woon- en woonuitbreidingsgebied wordt bemoeilijkt of onmogelijk gemaakt door de enorme overlapping met reglementeringen die gelden in bijvoorbeeld vogelrichtlijngebieden en overstromingsgebieden.' Ook blijkt dat 80 procent van de bedrijven in woongebied ligt. 'Heeft de overheid bij het opstellen van het RSV in 1997 hiermee rekening gehouden?', vroeg hij zich af.

Volgens Hannecart en Dillen blijkt dat het RSV de woonbehoefte fel onderschat. (zie grafiek) Enkel in Vlaams-Brabant ligt de bouwactiviteit vandaag nog niet boven de in het RSZ geraamde behoefte. Maar ook daar wordt de behoefteprognose tegen 2007 overschreden. KVe

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect