Paars begint aan lentecontrole van uitvoering begroting 2006

(tijd) - Na hun terugkeer uit Toscaanse, Alpijnse of andere krokusvakantieoorden beginnen de ministers van de federale regering deze week met de begrotingscontrole. Zoals steeds moet de regering rekening houden met een aantal meevallers en tegenvallers. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) voorspelt voor dit jaar een begrotingstekort van 0,4 procent van het bruto binnenlands product (BBP) of 1,2 miljard euro.

Het is een vaste gewoonte dat de regering in de lente een tussenbalans van haar begrotingsbeleid opmaakt. De komende weken gaan de ministers na of uitgaven en inkomsten op de uitgestippelde koers zitten. In het weekend van 25 en 26 maart worden alle bevindingen samengelegd en wordt beslist of en waar moet worden bijgestuurd.

Paars wil ook dit jaar de overheidsrekeningen in evenwicht afsluiten. Omdat bij de deelstaten en de lokale besturen niet meteen problemen worden verwacht, ligt de sleutel bij de federale regering en de sociale zekerheid.

De regering-Verhofstadt heeft in oktober een krappe begroting opgemaakt. Anders dan vorige jaren bevat ze geen conjunctuurbuffer om een tegenvallende groei op te vangen. Het ziet ernaar uit dat zo'n buffer niet nodig is. De begroting is gebaseerd op een reële groei van het bruto binnenlands product (BBP) van 2,2 procent. In zijn economische begroting van 24 februari bevestigde het Federaal Planbureau die groeiprognose.

Het Planbureau had voor de regering nog meer goed nieuws. Er komen dit jaar 41.100 banen bij, 10.800 meer dan waarmee de regering bij de begrotingsopmaak heeft gerekend, en de werkloosheid zou in plaats van stabiel te blijven, lichtjes dalen. Meer arbeidsplaatsen en minder werklozen betekent meer inkomsten en minder uitgaven voor de sociale zekerheid.

Het Planbureau verlaagde zijn inflatieraming van 2,9 naar 1,8 procent. Dat is goed en slecht nieuws voor de regering. Het betekent dat de spilindex niet in mei overschreden wordt, zoals de regering had gedacht, maar pas in november. Dat de sociale uitkeringen pas in december en de ambtenarenlonen pas in januari 2007 moeten worden verhoogd, maakt enkele honderden miljoenen euro verschil. Ook de dotatie aan de deelstaten die aan de inflatie is gekoppeld, kan bij de begrotingscontrole worden verlaagd. Daartegenover staat dat door de vertraging van de inflatie de lonen en bijgevolg ook de belasting van de lonen (de fiscale ontvangsten) minder snel groeien.

Een tegenvaller voor de regering is de verwachting van het Planbureau dat de rente dit jaar stijgt tot 2,9 procent (korte termijn) en 3,6 procent (lange termijn). De regering had in oktober verondersteld dat de rente tot maar 2,3 respectievelijk. 3,4 procent zou toenemen. De rentelasten zullen dus hoger uitvallen dan was verwacht.

De achilleshiel van de begroting van 2006 zijn de eenmalige inkomsten waarop de regering rekent: 400 miljoen euro van de fiscale regularisatie, 600 miljoen euro van de verkoop van achterstallige BTW-schulden, 560 miljoen euro van de overdracht van overheidsgebouwen aan een vastgoedbevak. Al die operaties moeten nog beginnen. Bij de begrotingscontrole zal het nog niet duidelijk zijn of de doelstelling gehaald wordt.

Ook de impact van de notionele intrestaftrek, het fiscaal gunstregime voor bedrijven dat sinds dit jaar van kracht is, is nog niet duidelijk. Paars schat de minderinkomsten voor de vennootschapsbelasting op 566 miljoen euro. In liberale regeringskringen en in fiscale kringen wordt ervan uit gegaan dat de maatregel veel meer zal kosten. Pas in april - bij de eerste voorafbetalingen - dat de gevolgen van de intrestaftrek voor het eerst zichtbaar zullen zijn.

Er zitten nog meer onbekenden in de begroting. Een nieuwe belasting op de rente van obligatiefondsen en de verhoging van de beurstaks op kapitalisatiefondsen zou 235 miljoen euro moeten opbrengen, een nieuwe belasting op levensverzekeringspremies 220 miljoen euro. Vorig jaar al werd sterk getwijfeld aan de haalbaarheid van beide doelstellingen. Gegevens over de opbrengst van de nieuwe belastingen zijn er nog niet.

Over één post op de ontvangstenzijde van de begroting verschillen liberalen en socialisten van mening. Om elektriciteitsproducent Electrabel aan te sporen ongebruikte capaciteit te verkopen, besliste de regering ongebruikte sites op 1 april te belasten. In de begroting staat 150 miljoen euro genoteerd. Electrabel is klaar om drie sites te verkopen. De liberalen vinden dat de belasting niet kan geïnd worden. De socialisten willen de 150 miljoen euro niet zomaar laten vallen. Sp.a-voorzitter Johan Vande Lanotte stelde op de nieuwjaarsreceptie van zijn partij voor de 'woekerwinsten' te belasten. De 'mottenballentaks' zou geheven worden op stroom die geproduceerd wordt in steenkool- en kerncentrales waarvan de investering volledig is afgeschreven.

Er is nog een dispuut tussen liberalen en socialisten dat bij de begrotingscontrole moet worden opgelost: de terugbetaling van de 100 miljoen euro die de oliesector eind vorig jaar onder dwang aan de regering gaf. Officieel gebeurde dat om de stookoliekorting te prefinancieren. In feite gebruikte de regering het om de staatsrekening uit het rood te houden. De socialisten willen van de terugbetaling gebruik maken om een deel van de factuur van de stookoliekorting naar de sector door te schuiven. Ze spreken van 60 miljoen euro, het deel van de stookoliekorting waarvoor geen geld in de begroting staat. De liberalen zijn daar niet voor te vinden. Tot slot moet ook een oplossing worden gezocht voor het ecotaksprobleem (zie inzet).

Mark DEWEERDTPieter BLOMME

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect