Een late verkiezingsbelofte van het cdH toont hoe op 26 mei nog alles kan, maar vanaf de 27ste misschien eventjes niets meer.

Politici zijn bang van verrassingen in de laatste week voor verkiezingen, wanneer de grote groep zwevende kiezers stilaan tot een besluit komt. Voor CD&V kwam die verrassing dinsdag van over de taalgrens, waar cdH-voorzitter Maxime Prévot duidelijk maakte dat hij na 26 mei in geen geval samen met de N-VA wil regeren. De demarche verhoogt de druk op CD&V om duidelijker te zeggen welke koers de partij vanuit het centrum van de macht ambieert.

De gedachte aan een nieuwe langgerekte politieke crisis komt met de dag dichterbij.

Uiteraard blijft de vraag of Prévot meent wat hij zegt. Zijn uitspraak, op enkele dagen van de verkiezingen, doet denken aan Charles Michel, die vijf jaar geleden in de laatste campagneweek zei bij de N-VA de ‘geur van racisme’ te ruiken en een project van discriminatie, misprijzen en separatisme te ontwaren. Het belette Michel niet enkele maanden later te melden dat hij zich had vergist en op basis van een gemeenschappelijk sociaal-economisch programma premier te worden van een regering met de N-VA.

Het is niet uitgesloten dat ook Prévot nog terugkomt op zijn uitspraken als ze binnen enkele weken of maanden de cdH-ambitie voor de macht in de weg zouden zitten. Wat er nu als hypocrisie of verraad uitziet, kan na verloop van tijd met een zeker aplomb als staatsmanschap worden verkocht.

Langgerekte crisis

Wat er nu als verraad uitziet, kan na verloop van tijd als staatsmanschap worden verkocht.

Ondanks de kans op politiek bochtenwerk leert Prévots demarche ons nu al iets: dat de gedachte aan een nieuwe langgerekte politieke crisis met de dag dichterbij komt. In de jongste peilingen hebben de grootste drie partijen van Vlaanderen - de N-VA, CD&V en het Vlaams Belang - geen zusterpartijen meer in de top drie van Franstalig België.

Zelfs wat vroeger een regering van nationale eenheid was - de Belgische christendemocraten, socialisten en liberalen - heeft met moeite nog een meerderheid in de Kamer. Dat Prévot vlak voor de verkiezingen in Franstalig België een electoraal sprintje probeert te trekken door te beloven nooit samen te werken met wat vermoedelijk de grootste partij van Vlaanderen blijft, zet extra in de verf hoe lastig het straks wordt de keuze van de Vlaamse kiezer met die van de Franstalige te verzoenen.

Naar clash

Als een gewone regering al lastig wordt, dan is het nog moeilijker geworden te zien hoe na zondag een federale regering kan worden gevormd die met volle overtuiging zal doen wat moet. En dat is werk maken van de werven die België tot een land maken waarin meer mensen werken, de staat slanker is, de schulden lager liggen, de al torenhoge belastingen niet nog méér stijgen, de vergrijzing betaalbaar wordt, de mobiliteit vlotter loopt en het klimaatbeleid vruchten afwerpt zonder dat het financieel de levenskwaliteit onderuithaalt.

Als een gewone regering al lastig wordt, dan is het nog moeilijker geworden te zien hoe na zondag een federale regering kan worden gevormd die met volle overtuiging zal doen wat moet.

Voor alle duidelijkheid: op veel punten zijn er wel degelijk raakvlakken en kansen tot compromis tussen de meeste partijen. Maar op het gebied van de binaire keuze tussen meer besparingen en meer belastingen om de begroting op orde en de welvaartsstaat betaalbaar te krijgen, lijken we naar een clash te gaan.

Of zoals de cartoonist Erik Meynen onlangs schertste: in de verkiezingen straks kan alles nog. Maar daarna misschien niets meer.

Lees verder

Tijd Connect