In de deelstaten negeren de formateurs de rekenkunde. Ofwel omdat de schok nog niet verteerd is, ofwel om de federale puzzel niet nog moeilijker te maken.

In landen met een electoraal meerderheidsstelsel, zoals in Frankrijk of de Verenigde Staten, worden politici in twee rondes gekozen. De eerste keer stemt de kiezer met het hart. In de tweede ronde, als nog twee kandidaten overblijven, stemt hij met het verstand. In België stemt de kiezer met het hart. Daarna is het aan de partijvoorzitters om in de formatiegesprekken het verstand te laten spreken.

Daarbij helpen de harde wetten van de rekenkunde soms een handje. Nadat in Franstalig België het cdH voor de oppositie heeft gekozen, sloeg gisteren ook de extreemlinkse PTB de deur dicht. Daardoor raakt de PS in het Waals Parlement alleen nog samen met de MR aan een meerderheid, eventueel aangevuld met het qua zetels overbodige Ecolo.

In het voorzichtige schaakspel dat de formatie van de Vlaamse, Brusselse, Waalse en federale regering is, rijst de vraag wat de volgende stap wordt. Door met de MR in zee te gaan zou PS-voorzitter Elio Di Rupo niet meteen zijn droomcoalitie smeden, al kan ze in Luik op veel steun rekenen.

Daarom blijft het gevaarlijk grote conclusies te trekken. En omdat het handjevol mensen dat weet hoe de onderhandelingen lopen momenteel zwijgt, blijft het belangrijk te kijken naar wat ze doen. En naar wat ze niet doen.

Is de schok van 26 mei zo groot dat De Wever nog tijd nodig heeft om zijn achterban die te laten verteren?

Zo is het interessant dat niemand luidop de conclusie maakt dat de rekenkunde de PS en de MR naar elkaar toe drijft in Wallonië. De PS deed gisteren zelfs nog een amechtige poging de PTB toch weer om de tafel te krijgen.

In dezelfde logica is het interessant dat Vlaams formateur en N-VA-voorzitter Bart De Wever woensdag het Vlaams Belang voor de derde keer uitnodigde. Dat lijkt tijdverlies, omdat de N-VA en het VB samen onvoldoende zetels hebben voor een meerderheid en niemand anders met het Belang wil samenwerken. Ook hier wordt de rekenkunde dus nog even genegeerd.

Eveneens interessant is hoe de federale informateurs Johan Vande Lanotte (sp.a) en Didier Reynders (MR) vorige week net dat laatste wiskundige argument - onvoldoende partijen willen met het VB of de PTB samenwerken - gebruikten om iéder gesprek met extreemrechts en extreemlinks meteen te weigeren. Vande Lanotte en Reynders benadrukten ook dat er weinig tijd is.

De optelsom van die vaststellingen kan twee betekenissen hebben. Ofwel dat de schok van 26 mei zo groot is dat De Wever en Di Rupo nog tijd nodig hebben om hun achterban die te laten verteren.

Ofwel dat in de deelstaten traag wordt gewerkt om niet in de weg van de federale informateurs te lopen. Vijf jaar geleden werd bijzonder snel geschakeld in de deelstaten, net om een deel van de macht al vast te klikken. Nu gebeurt dat uitdrukkelijk niet, misschien wel omdat De Wever en Di Rupo beseffen dat ze elkaar op het einde van de rit weer tegenkomen, op zoek naar een België dat voor de ene confederaal genoeg wordt en voor de andere Belgisch genoeg blijft.

Lees verder

Tijd Connect