Senior writer

Het vzw-statuut en de belastingvrijstelling van de sociaal secretariaten, die uitgegroeid zijn tot commerciële spelers, moeten kritisch worden herbekeken.

De sociaal secretariaten zijn een belangrijke schakel in het socialezekerheidssysteem in ons land. Ze doen de loonberekening van 2,7 miljoen werknemers, helpen bedrijven hun weg te vinden in het kluwen van de sociale wetgeving, innen de sociale en fiscale bijdragen, en storten die door aan de overheid. De ‘sociale’ functie van de loonberekenaars heeft echter aan belang ingeboet: ze hebben zich ontwikkeld tot sterke en commerciële spelers in human-resourcesdiensten. Sommige gaan zelfs internationaal.

Dat reikt een stuk verder dan waarvoor ze oorspronkelijk zijn opgericht. En het valt steeds moeilijker te rijmen met het uitzonderlijke statuut dat ze nog altijd hebben. De erkende sociaal secretariaten zijn verenigingen zonder winstoogmerk (vzw’s), die geen belastingen betalen op de winsten die ze realiseren.

Die winsten kwamen soms rijkelijk binnengestroomd, dankzij de intresten op de miljardenbedragen die via hun rekening van bedrijven naar de sociale zekerheid en de fiscus stroomden. Daardoor konden ze een vermogen van ruim een kwart miljard euro bijeen sparen.

De geldstromen tussen de sociaal secretariaten, verwante andere dienstenbedrijven en de werkgeversorganisaties zijn weinig transparant.

Als vzw hebben de sociaal secretariaten geen aandeelhouders en mogen ze hun winsten niet uitkeren. Maar ze zijn, in sommige gevallen, een niet-onbelangrijke financiële sponsor van de werkgeversorganisaties waar ze bij aanleunen. De geldstromen tussen de sociaal secretariaten, verwante andere dienstenbedrijven en de werkgeversorganisaties zijn weinig transparant.

Dat is het gevolg van de manier waarop delen van ons sociaal systeem midden vorige eeuw zijn opgezet: de werknemersorganisaties kregen een belangrijke taak toebedeeld in de ziekteverzekering en de werkloosheidsuitkeringen, de werkgevers mochten de organisatie van de kinderbijslag en de inning van de sociale bijdragen op zich nemen.

Het model heeft zijn verdiensten. Maar het mag eens kritisch geëvalueerd worden. Het is een relict van het verleden. Waarom moet, in deze digitale tijden, de betaling van bedrijven aan de overheid via tussenorganisaties verlopen die daar dan een aardig centje aan mogen verdienen? Past het statuut van vzw en de belastingvrijstelling nog wel bij dienstverleners die steeds nadrukkelijker de commerciële toer op gaan?

Moeten in deze digitale tijden geldstromen van bedrijven naar de overheid nog via tussenorganisaties lopen?

Het vzw-statuut beschermt de sociaal secretariaten tegen de concurrentie van buitenlandse loonberekenaars, voor wie dat een ernstig obstakel is om zich op de Belgische markt te begeven. En door dat gebrek aan concurrentie betalen de bedrijven in ons land misschien te veel voor de diensten van de loonberekenaars. Tegelijk is het vzw-statuut een hinderpaal voor de commerciële en internationale ambities van de loonberekenaars. De tijden zijn veranderd, het speciale regime van de sociaal secretariaten is niet meer gerechtvaardigd. Vorm ze om tot gewone, échte bedrijven.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud