Senior writer

Trump 'eeuwig verbannen' van Twitter klinkt stoer, maar is een schijnheilig zwaktebod. De grote internetbedrijven hebben te veel macht.

Vier jaar lang regeerde Donald Trump via Twitter de VS. Ministers werden ontslagen op het internetplatform, belangrijke beslissingen kwamen via tweets. Trump was de meest gevolgde man op het platform. In de erg trieste nadagen van deze onwaarschijnlijke president besloot Twitter hem 'voorgoed' te bannen. Facebook heeft nog geen beslissing in die zin genomen, maar bande ook al enkele boodschappen van de president. Google, Apple en Amazon weren dan weer de app Parler, blijkbaar een vergaarbak van extreemrechts gedachtegoed.

De internetplatformen zetten hun lijnen uit en censureren. Ze kiezen een ideologische lijn en zijn daarmee geen 'gewoon' doorgeefluik meer zoals ze altijd hebben willen zijn. Dat mag natuurlijk, je kan op grond van overtuigingen en opvattingen dingen niet publiceren of gewoon helemaal weigeren.

Traditionele uitgevers kiezen hun uitgavepolitiek en proberen zich volgens deontologische regels daaraan te houden. Maar daar knelt het schoentje: Twitter, Facebook, Apple, Google en Amazon hebben zich nooit willen profileren als uitgevers maar als internetplatform. Al werd dat in hun geslaagde propaganda wel 'sociale media' genoemd.

Machtsconcentratie

De keuze is natuurlijk fundamenteel. Uitgevers hebben nu eenmaal andere plichten dan een digitaal doorgeefluik. De grote Amerikaanse platformen opereren al jaren in een ongecontroleerde omgeving. Het is Donald Trump die de eerste echte anti-trustzaak opzette tegen Google. Wellicht uit rancune, maar toch. Onder Trumps voorganger Barack Obama kregen de platformen vrije doorgang. Zo is de machtsconcentratie van de grote internetjongens ontstaan.

De grote Amerikaanse internetplatformen opereren al jaren in een ongecontroleerde omgeving.

De macht van de internetgiganten is enorm toegenomen en momenteel zitten we, zeker in de westerse wereld, met een feitelijke oligarchie van Amerikaanse bedrijven die met hun algoritmes belangrijke delen van ons sociale leven en denken sturen.

Dat is het ongezonde aan de situatie, niet de opruiende tweets van Trump. Over de internetplatformen zijn al hopen bagger verstuurd die maatschappelijk minstens even schadelijk zijn. De anitvaxx-propaganda in deze pandemie om maar iets te noemen.

Het gaat dus om keuzes maken. Ingrijpen om een ideologische keuze te maken kan en mag, maar dan wordt een platform een media-uitgever en moet het daar ook op afgerekend worden, in al zijn berichten. Anders blijft het een platform waar de willekeur en de overtuiging van de CEO de doorslag geven. En dat is ongezond.

Staatscensuur

Een oplossing is niet eenvoudig. De politiek de situatie laten sturen is even ongezond. Dan krijg je staatscensuur, met de noodlottige gevolgen van dien. In de huidige omstandigheden krijg je echter een censuur door privébedrijven. Het zijn de grote internetjongens die bepalen wie op het net kan of niet. Iets opstarten buiten die wereld is onmogelijk. Apps maken is een leuke en soms erg lonende bezigheid, maar je moet wel bij de grote Amerikanen aankloppen om ze te verkopen.

En de grote internetjongens weten ook wel dat als de Democraten aan de macht komen, minstens een fractie van die partij meer regelgeving voor hen wil. Om de nieuwe machtshebber ter wille te zijn worden dus nu 'forse' ingrepen gedaan om de zaakjes te redden.

Dat is de grote schijnheiligheid. De VS hebben al een paar keer ingegrepen om monopolievorming te breken. In de staalsector in het begin van vorige eeuw, rond telefonie in de jaren tachtig. Het is tijd om opnieuw echte concurrentie te creëren bij de internetplatformen, weg van de huidige dominantie en willekeur.

Lees verder

Gesponsorde inhoud