Zelden begon het schooljaar in zo’n geladen politieke sfeer als dit weekend. Helaas is dat ook nodig.

Voor 1,2 miljoen jongeren en 164.000 personeelsleden begint maandag het nieuwe schooljaar. Zelden gebeurde dat in zo’n politiek geladen sfeer als dit jaar. Want de vraag wie de volgende minister van Onderwijs wordt en wat hij of zij van plan is, doet er meer dan ooit toe.

Een eerste reden is dat de voorbije jaren een grote consensus is ontstaan dat het Vlaams onderwijs, traditioneel een van de parels aan de kroon van de Vlaamse regering, met ernstige problemen kampt. Het niveau aan de top daalt dramatisch, het gemiddelde niveau gaat omlaag en de kloof tussen de top en de bodem wordt groter. Dat aanpakken lukt maar mondjesmaat, onder meer omdat maandag niet iedere school erin zal slagen het jaar te beginnen met voldoende leerkrachten voor de klas.

Mede daarom heeft de Wetstraat het onderwijs herontdekt. N-VA-voorzitter Bart De Wever claimt al van voor de verkiezingen de minister van Onderwijs voor zijn partij. Van de jongste tien tweets van Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten, die genoemd wordt voor de job, gingen er vijf over onderwijs.

Het is niet meer dan redelijk erop toe te zien dat de 14 miljard euro belastinggeld die jaarlijks naar het Vlaams onderwijs vloeit goed wordt gespendeerd.

De nota-De Wever, die als startpunt voor de Vlaamse regeringsonderhandelingen dient, bevat het voorstel een vorm van centraal examen in te voeren. Dat werkt voor het katholiek onderwijs als een rode lap op een stier, omdat het de vrijheid wil behouden het onderwijs inhoudelijk te sturen, zonder nadien gewikt en gewogen te worden door de Vlaamse overheid.

Toch heeft de overheid wel degelijk een punt om zich wat meer te moeien met de Vlaamse scholen, zonder dat de grondwettelijke vrijheid van onderwijs meteen op de schop moet. Het is niet meer dan redelijk erop toe te zien dat de 14 miljard euro belastinggeld die jaarlijks naar het Vlaams onderwijs vloeit goed wordt gespendeerd. Als Vlaanderen, zoals de startnota het stelt, de ambitie moet hebben zich te meten met de Scandinavische toplanden, moet dat van op de schoolbanken beginnen.

Het katholiek onderwijs zet zich schrap. De Antwerpse bisschop Johan Bonny, de voorzitter van het katholiek onderwijs, waarschuwt in een hoogst uitzonderlijke communicatie dat de vrijheid van onderwijs onder druk staat. Met die vrijheid van onderwijs bedoelt hij de facto ook de machtspositie van het katholiek onderwijs.

Een nieuwe schoolstrijd is nodig om het Vlaams onderwijs zijn oude glorie terug te geven.

Die vrijheid van onderwijs rijmde de voorbije decennia doorgaans heel vlot op kwaliteit. Dat is minder en minder het geval, waardoor iets moet gebeuren. Er zijn te veel taboes in het onderwijs: van de vlakke verloning waarbij goede en slechte leerkrachten evenveel verdienen, over de vier maanden vakantie en de vaste benoeming als belangrijkste extralegale voordelen, tot de rompslomp die vaak het echte lesgeven in de weg zit. De nieuwe schoolstrijd die nodig is, wordt misschien lastig, maar hij is noodzakelijk om het Vlaams onderwijs zijn oude glorie terug te geven.

Lees verder

Tijd Connect