Advertentie

Schuld en boete

©Saskia Vanderstichele

Ooit zal het er toch van moeten komen dat we echt in de uitgaven snijden, willen we niet bezwijken onder de fiscale druk en willen we de overheidsschuld niet laten ontsporen.

De Belgische staatsschuld is in het tweede kwartaal gestegen tot 105 procent van het bruto binnenlands product. Dat was even geleden. En dat is vooral ook een eind verwijderd van het engagement van België ten opzichte van de Europese Commissie om tegen het jaareinde de schuld onder 100 procent te brengen.

Minister van Financiën Koen Geens stuurde meteen een persbericht uit om de 105 procent weg te relativeren. Er zijn in het begin van het jaar relatief gezien minder inkomsten ten opzichte van de uitgaven dan aan het einde van het jaar. Bovendien brengen de verschillende overheidsinstellingen pas aan het einde van het jaar hun geld bij de schatkist, zodat dat in mindering gebracht kan worden van de brutoschuld. Allemaal waar. En toch mogen we ons niet in slaap laten sussen. Dat onze overheidsschuld al enkele jaren - sinds de bankencrisis - opnieuw stijgt, is zorgwekkend. Want we zitten nog altijd een heel stuk boven de schuldgraad van de volledige euro­zone van 93,4 procent.

Geens bereidt operaties voor om de schuld terug te dringen. Een sanctie van Europa omdat België zich niet gehouden heeft aan het terugdringen van het begrotingstekort kan nog altijd. Geens zal nog kroonjuwelen moeten verkopen, voor minstens 1 miljard euro. Hij stelt ook voor om overheidsinstellingen te verplichten hun spaargeld in Belgisch overheidspapier te beleggen.

Het is goed dat de regering onderzoekt welke participaties ze beter kan verkopen om eensklaps de schuld toch wat te ­laten dalen. Maar dat is geen oplossing ten gronde. De enige structurele oplossing zijn begrotingen die gezond zijn en geen extra schuld toevoegen. Daar zijn we nog ver van af, en dat is voor de volgende regering, van welke samenstelling dan ook, de allereerste opdracht. Vlaanderen is het enige regionale niveau dat de voorbije legislatuur altijd, ondanks de crisis, zijn begrotingen in evenwicht heeft gehouden.

Het wordt een gigantische opdracht om de toenemende noden voor de vergrijzing, zoals De Tijd al de hele week in de reeks over de ziekenhuizen beschrijft, te lenigen zonder dat de begroting opnieuw ontspoort. En gezondheidszorg is niet de enige nood. Onderwijs, crèches en pensioenen zullen ­sowieso extra geld opslurpen. Met belastingverhogingen moeten we het niet oplossen want de fiscale druk, vooral op arbeid, heeft de pijngrens al ver overschreden. De loonhandicap wordt ­groter in plaats van kleiner. Bedrijven snakken naar wat extra ademruimte.

De enige oplossing wordt nog strenger toekijken op de uitgaven, met een staatsapparaat dat efficiënter en leniger gaat werken. Kinderbijslag voor iedereen? Een buitenproportioneel pensioen voor sommige categorieën? Te veel scholen en universiteiten die op amper enkele kilometers van elkaar hetzelfde programma aanbieden? Ziekenhuizen die overconsumptie, betaald door de overheid, aanmoedigen? Zolang het een taboe blijft om die onderwerpen aan te pakken, is een gezond budget en een te beheersen schuld een illusie.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud