De Mobiscore is een leuk speeltje, maar niet meer dan dat. Het is geen goed idee om er de vastgoedfiscaliteit op te baseren.

De Vlaamse overheid heeft samen met een consultant een online tool ontwikkeld die voor elk pand in Vlaanderen de ‘duurzaamheid’ van de ligging aangeeft. Zo toont de tool de bereikbaarheid van winkels, scholen, cultuurcentra, ziekenhuizen, bushaltes en treinstations. Het resultaat wordt weergegeven in de ‘mobiliteitsscore’ of kortweg Mobiscore.

Het is een leuk speeltje, maar niet meer dan dat. De score wordt berekend op een erg rudimentaire manier, het resultaat is disputabel. De Mobiscore geeft alleen een vage aanduiding van hoe centraal of hoe afgelegen een woning ligt van diensten waar een normaal gezin in Vlaanderen regelmatig een beroep op doet.

De Mobiscore illustreert dat we in dit land te veel overheid hebben.

Met de score wil de Vlaamse overheid burgers ervan bewust maken dat de locatie van hun woning gevolgen heeft voor hun verplaatsingsgedrag. Alsof dat al niet gebeurt. Huizenjagers zijn niet dom. Wie op zoek gaat naar een woning om te huren of te kopen houdt uiteraard rekening met de ligging en de vlotte bereikbaarheid, en kijkt of er een supermarkt, een school voor de kinderen, een bushalte en veilige fietswegen in de buurt zijn. Daarom is veel vraag naar ‘mobiliteitsvriendelijke’ woningen, en daarom liggen de prijzen ervan hoger.

De ernstige mobiliteitsproblemen in zowat heel Vlaanderen dwingen burgers naar zulke woningen. De Mobiscore biedt geen extra’s. De tool is vooral een voorbeeld van een overheid die afdwaalt van haar kerntaken en die geld op overschot heeft. We hebben duidelijk te veel overheid in dit land.

Vlaams Bouwmeester Leo Van Broeck is wel enthousiast over de mobiliteitsscore en pleit ervoor daar fiscale voordelen - of bestraffingen, voor de lage scores - aan te koppelen. Wie in een pand met een hoge Mobiscore woont, moet een hogere belastingaftrek krijgen voor zijn woonkrediet, een hogere renovatiepremie of een korting op de btw, vindt hij. Het is nochtans bekend dat zulke stimuli de prijzen van het vastgoed opdrijven, en dat ze niet terechtkomen bij de kandidaat-kopers of de verbouwers, maar in de zakken belanden van de verkopers, vastgoedpromotoren en aannemers.

Het leidt bovendien tot een compleet inconsistente vastgoedfiscaliteit. Willen we mensen die in een vanuit mobiliteitsoogpunt goed gelegen huis wonen belonen, terwijl we diezelfde woningen zwaarder belasten via het kadastraal inkomen - dat hoger is omdat die panden meer waard zijn? Kan het gekker?

Er valt wat te zeggen voor een vastgoedfiscaliteit die op een ecologischere leest wordt geschoeid. Rekening houden met de mobiliteitsvriendelijkheid - op een ernstige manier - kan daar één element in zijn, de nodige inspanningen om huizen energiezuiniger te maken een ander, en gezien de milieu-impact belangrijker. Het woon- en mobiliteitsbeleid moet echter op een gestructureerde manier worden aangepakt, niet met een plejade van los van elkaar staande, ondoordachte en tegenstrijdige maatregelen.

Lees verder

Tijd Connect