Senior writer

De politieke beleidsmakers zien het als een van hun grote privileges de subsidiekraan te mogen bedienen. Ze ontlenen er macht aan. Maar als economisch beleidsinstrument heeft hij nogal wat gebreken.

De subsidies die de Vlaamse overheid aan bedrijven toekent, zijn in vier jaar bijna verdubbeld, van 189 miljoen euro in 2012 naar 341 miljoen vorig jaar. Dat blijft een peulschil op de 14 miljard euro ‘subsidies’ die de ondernemingen in ons land jaarlijks ontvangen in de vorm van financiële steun, fiscale kortingen en lastenverlagingen. Maar ook Vlaanderen stort zich dus enthousiast op het subsidiespel.

Die subsidies allerhande zijn een compensatie voor alle heffingen, lasten en reglementeringen die de overheid de bedrijven oplegt en waarmee ze ze het leven moeilijk maakt. Maar het blijft gek dat de overheid eerst voluit allerlei hindernissen opwerpt voor de bedrijven en er vervolgens op uit trekt om sommige een zetje te geven om over die hindernissen te geraken.

Het is in sommige gevallen te verantwoorden dat de overheid de bedrijven, en via de bedrijven de economie, in een bepaalde richting wil duwen. Dat is nu eenmaal de essentie van beleid. Maar de beleidsmakers moeten niet te betweterig willen zijn. Ze moeten opletten niet te veel aan de knoppen te willen draaien. En de vraag is of subsidies daarvoor wel het beste instrument zijn.

Want subsidies zijn selectief. Waarom zijn die er wel voor bepaalde sectoren, activiteiten en bedrijven, en voor andere niet? Ze brengen een hoop kosten en rompslomp mee: formulieren die moeten worden ingevuld, attesten die moeten afgeleverd, commissies die over de aanvragen moeten oordelen en zo meer.

Ze leiden onvermijdelijk ook tot favoritisme. De toekenningscriteria horen objectief te zijn, in de praktijk loopt het nogal eens anders. Lobbyen werkt. En bedrijven die zich bekwamen in het subsidiesprokkelen en de weg naar de geldpotten kennen, kunnen aardig wat binnenhalen. Dat creëert een oneffen speelveld en leidt tot concurrentieverstoring.

Maar voor de politici zijn subsidies een interessant instrument. Geld kunnen uitdelen naar eigen willekeur, daar ontlenen ze macht aan. Want het maakt dat anderen - mensen en bedrijven - van hen afhankelijk worden. Daarom is het voor de politici, en blijkbaar ook voor de regering-Bourgeois, lastig om de subsidiekraan dicht te draaien.

Om al die redenen moet met het subsidie-instrument bijzonder zuinig en omzichtig worden omgesprongen. De bedrijfswereld en de economie zijn meer gediend met maatregelen die álle ondernemingen, zonder onderscheid, ten goede komen. De hindernissen moeten naar omlaag, voor allemaal.

Er wordt het best flink gewied in het woud van subsidies, én in de bedragen die ervoor worden uitgetrokken. De subsidiekraan mag een heel eind worden dichtgedraaid.

Reageren? Deel uw mening met ons en andere lezers www.tijd.be/commentaar

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud