Van Brempt wil mobiliteitstoets voor nieuwe bedrijventerreinen

(tijd) - Nieuwe bedrijventerreinen moeten voortaan een mobiliteitstoets doorstaan. Dat is een van de voorstellen in de beleidsnota Mobiliteit van Vlaams minister van Mobiliteit, Kathleen Van Brempt (sp.a). Ze stelt voor een milieu- of bouwvergunning te koppelen aan de resultaten van een 'mobiliteitseffectenrapportage'. Die 'Mober' moet de gevolgen van nieuwe activiteiten nagaan op de mobiliteitssituatie en eventueel extra maatregelen voorstellen.

In de beleidsnota Mobiliteit staan vijf pijlers centraal: het verhogen van de basismobiliteit, de verkeersveiligheid, de bereikbaarheid en de leefbaarheid, en een vermindering van de impact van het verkeer op het milieu.

'Voor de basismobiliteit wordt 2005 een scharnierjaar', zei Van Brempt. Zo'n 75 procent van de doelstellingen is al gerealiseerd. Dat wil zeggen dat driekwart van de Vlamingen dichtbij huis een beroep kan doen op het openbaar vervoer. 'Volgend jaar trekken we nog eens 15 miljoen euro uit en evalueren we de bestaande initiatieven.'

De verkeersveiligheid wil Van Brempt verhogen met acties voor specifieke momenten (tijdens het weekend, van en naar het werk) en specifieke doelgroepen (motorrijders, vrachtvervoer, fietsers enzovoort). De sp.a-minister stelt samen met haar collega van Openbare Werken, Kris Peeters (CD&V), een fietspadenplan op. In de jaren 2002 en 2003 werd 35 miljoen euro uitgetrokken voor veiligere fietspaden. Dit jaar is totnogtoe 29 miljoen euro gepland. 'Volgend jaar moet dat 40 miljoen euro worden', maakt Van Brempt zich sterk. 'Vooral op de gewest- en gemeentewegen zijn nog heel wat verbeteringen noodzakelijk om de fietspaden veiliger te maken'. Ook de regionalisering van het verkeersveiligheidsbeleid is voor haar een prioriteit. 'Ik wil daar zeer ver in gaan', belooft Van Brempt. Maar dat is stof voor overleg met de andere overheden in het Forum voor een verdere staatshervorming.

Een discussie met de andere mobiliteitsministers zal ze ook voeren rond de invoering van een wegenvignet, ter vervanging van de verkeersbelasting. Tegen februari volgend jaar moet een eerste studie klaar zijn over de mogelijkheden van zo'n wegenvignet, later volgt een grondige studie. Van Brempt wil zich niet vastpinnen op een startdatum van de invoering van zo'n wegenvignet. 'Laten we eerst kijken naar de mogelijkheden en ervaringen in andere landen', zegt ze. Alleszins wil ze dat een deel van de opbrengst van zo'n vignet gebruikt wordt voor de verbetering van het openbaar vervoer en de waterwegen.

Voor de realisering van de derde pijler - een betere bereikbaarheid - lopen tal van projecten in landelijke en stedelijke regio's. Het meest spraakmakende is het masterplan in Antwerpen voor een betere bereikbaarheid en mobiliteit in de Scheldestad. Om een betere doorstroming van het verkeer te waarborgen, worden jaarlijks 25 kilometer speciale tram- en busbanen aangelegd.

Tot slot mag het verkeer de leefbaarheid van de omgeving en de impact op het leefmilieu niet (extra) aantasten. Van Brempt stelt daarom voor dat voor alle activiteiten die bijkomende mobiliteit veroorzaken, een 'mobiliteitseffectenrapportage' (Mober) wordt opgesteld. Ze denkt daarbij aan nieuwe woonwijken, recreatiecentra en bedrijvencentra. 'In de praktijk gebeurt het nog al te vaak dat mobiliteitsoplossingen nog moeten gezocht worden als de locatie al vast ligt', luidt het. 'Bij een nieuw bedrijventerrein zou dan meteen moeten worden ingeschat welke inspanningen nodig zijn om werknemers op een duurzame manier op het werk te krijgen.' Als voorwaarde voor een nieuwe inplanting kan bijvoorbeeld geëist worden om driekwart van de werknemers via collectief vervoer (bedrijfsbus, carpooling, akkoord met De Lijn) op het werk te krijgen of om veilige fietspaden aan te leggen. De 'Mober' mag geen extra administratieve rompslomp veroorzaken. Daarom wordt gedacht de rapportage te integreren in de bestaande Milieueffectenrapportering (MER). KVe

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud