Bart Haeck

Opnieuw leren data hoe we ons economisch vastrijden in Brussel. De files verdrijven de jobs, ook die van buitenlandse investeerders.

Brussel zou een troef moeten zijn, maar is het niet. Dat zei KU Leuven-professor Leo Sleuwaegen maandag, bij de voorstelling van het jaarlijks overzicht van de buitenlandse investeringen in ons land door de consultant EY. Brussel zou moeten profiteren van de brexit, zei Sleuwaegen, en zou informatica- en dienstenbedrijven moeten aantrekken. Maar dat gebeurt niet.

Een van de redenen daarvoor lijkt opnieuw de mobiliteit te zijn. Van investeerders die België niet kennen geeft een op de vijf het vastgelopen verkeer op als een reden om niet in ons land te investeren. Van zij die België wel kennen, omdat ze er al investeren, zegt zes op de tien dat mobiliteit nieuwe investeringen in de weg staat. Of vrij vertaald: wie België niet kent, denkt dat het wel meevalt met de files. Tot hij er werkt. Die files laten zich vooral in Brussel voelen.

Het rapport bevestigt een eerdere studie van het onderzoeksinstituut HIVA van de KU Leuven. Academici becijferden toen dat er in het Hoofdstedelijk Gewest tussen juni 2015 en juni 2016 netto 473 jobs bijkwamen. In Vlaanderen waren dat er in dezelfde periode 32.740, al klaagden de werkgevers ook daar over de files.

Zelfs in tijden van hoogconjunctuur slaagt Brussel er amper in jobs te creëren.

De EY-data tonen een gelijkaardig verschil. Buitenlandse bedrijven creëerden in het Vlaams Gewest het voorbije jaar 4.872 jobs. In Brussel waren dat er 161. Opnieuw is dat verschil veel te groot. Als je weet dat Brussel goed is voor een vijfde van het Belgische bruto binnenlands product, zou het gewest het tien keer beter moeten doen dan nu.

Daardoor blijft er een immens jobprobleem bestaan. Zelfs in tijden van hoogconjunctuur slaagt de hoofdstad van Europa er met moeite in banen te creëren. En ja, het klopt dat de Brusselse werkloosheid daalt, maar dat komt onder meer doordat werkzoekenden uit de statistieken verdwijnen als ze stages doen. Die stages zijn nuttig en nodig, maar daardoor wordt het jobtekort gemaskeerd.

Het is moeilijk hier optimistisch over te zijn. Franstalig België kampt al langer met een onderwijsprobleem dat moeilijk op korte termijn op te lossen valt. Daar komt nu in Brussel nog een mobiliteitsprobleem bovenop. Data van het Vlaams Verkeerscentrum bevestigen dat. De filezwaarte op de ring van Brussel, die in 2011 al niet klein was, verdubbelde in zeven jaar tijd. En ze heeft blijkbaar het punt bereikt dat ze jobs vernietigt.

Dat valt blijkbaar niet makkelijk te keren. Al in 2009 zei toenmalig Brussels minister van Begroting Jean-Luc Vanraes (Open VLD) dat Brussel meer geld nodig had omdat anders de pendelaars vast zouden staan in de file. Brussel kreeg dat extra geld in de zesde staatshervorming, maar de mobiliteit is niet vlotter geworden.

Bovendien zijn de alternatieven voor de auto nog altijd niet aantrekkelijk genoeg. Dat tienduizenden Belgen iedere dag nog de files trotseren, bewijst onder meer dat het openbaar vervoer voor heel veel pendelaars geen degelijke optie is. Hervormingen om de NMBS klantvriendelijker te maken vallen al jaren samen te vatten onder de noemer ‘te weinig en te laat’. Eind deze maand staakt de kleine spoorvakbond OVS nog eens.

Iedere grootstad moet samenlevingsproblemen beheren, waarvan verkeer er een is. Maar in het overzicht van 162 Europese filesteden dat de verkeersnavigatiegroep TomTom maakt, staat onze hoofdstad al jaren in de top tien. Dat toont dat Brussel een stad is die te ver onder haar potentieel leeft.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content