Verkeerde strategie

Om tegemoet te komen aan de bezwaren die de Europese Commissie vanuit mededingingsoogpunt zou kunnen hebben tegen de fusie van Suez met Gaz de France, hebben de twee nutsbedrijven een aantal voorstellen gedaan die hun dominante positie op de Belgische gas- en elektriciteitsmarkt enigszins vermindert.

(tijd) Of dat voor Europa volstaat om de fusie goed te keuren, moet worden afgewacht. Maar de kans is groot van wel. De toegevingen van Suez en Gaz de France gaan verder dan strikt noodzakelijk om groen licht van Europa te krijgen.

Op de eisen van de Belgische regering en gewestregeringen is de fusiegroep echter maar zeer gedeeltelijk ingegaan. Zo willen de twee de controle over gastransportbedrijf Fluxys niet volledig opgeven en kan er voor hen geen sprake van zijn een deel van de kernenergie in België op te geven ten voordele van een andere producent.

Premier Verhofstadt had gerekend op de Europese Commissie om Suez en Gaz de France tot verregaande concessies te dwingen en zo de belangen van de Belgische energieconsument te beschermen. Maar dat was een verkeerde strategie, blijkt nu. Die hefboom heeft niet gewerkt. Europa kan immers alleen maar controleren of een fusie de vrije mededinging niet extra belemmert, ze kan niet optreden tegen de dominante positie die voordien al bestond - tenzij het bedrijf daar misbruik van maakt.

Dat één speler nagenoeg een monopolie heeft op de Belgische energiemarkt, is geen nieuw feit. Het is een situatie die al lang bestaat en waar de overheid vroeger overigens goed mee kon leven. Daardoor was het immers vrij gemakkelijk om afspraken te maken over het energiebeleid. De voorbije jaren is echter duidelijk geworden dat de aanwezigheid van één dominante energiegroep - Electrabel, nu volledig in handen van Suez - een ernstige hinderpaal vormt voor een echte vrijmaking van de markt. En dat het lagere prijzen voor consumenten en bedrijven in de weg staat.

De Belgische energieregulator CREG eiste eerder dit jaar dat Suez zijn belangen in Distrigas, Fluxys en Elia zou afstoten en dat het een deel van zijn kerncentrales in België zou verkopen. Maar daar gaat Suez niet op in, en Europa verplicht de groep daar ook niet toe.

Daardoor blijft de concurrentie op de Belgische energiemarkt te beperkt. Als het Britse Centrica de kleine energieproducent SPE in handen krijgt, kan daar wat beterschap in komen. De situatie die de regering ideaal vindt - drie min of meer gelijkwaardige elektriciteitsproducenten die op de Belgische markt concurreren - is echter nog een heel eind weg.

Om dat doel te bereiken, zal de regering opnieuw met Suez aan tafel moeten gaan zitten. Ze kan echter geen beroep meer doen op een Europese hefboom om van Suez grote toegevingen af te dwingen. Dat verzwakt haar onderhandelingspositie. Maar de regering moet niet bang zijn het spel hard te spelen, als ze resultaten wil. Ze moet desnoods maar de wet op de mededinging gebruiken om een einde te maken aan dominante marktpositie van Suez.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud