De uitbraak van het coronavirus legt de nauwe economische verbondenheid van China met de rest van de wereld bloot. Hoe langer de epidemie aanhoudt, hoe pijnlijker het economisch wordt.

Van het Amerikaanse techbedrijf Apple tot de Belgische leden van Agoria, de koepelorganisatie van bedrijven uit de maakindustrie en de digitale sector. Iedereen voelt de impact van het coronavirus almaar meer. Voor het Belgische bedrijfsleven zijn er zowel problemen in de productieketen als in de toelevering. De Chinese markt valt ook weg. En omdat almaar meer internationale beurzen worden afgelast, blijven de contracten eveneens uit.

Hoe groot de economische impact uiteindelijk zal zijn, blijft voorlopig gissen. De vuistregel is dat hoe langer China door de maatregelen tegen het virus verlamd wordt, hoe zwaarder de economische gevolgen zijn. 

COVID-19, zoals de Wereldgezondheidsorganisatie het virus noemt, legt meteen het strakke netwerk van productie en toelevering bloot van en naar China. Bovendien is er een steeds groter logistiek probleem nu vliegtuigen en schepen het Aziatische land meer en meer mijden. De boutade wil dat China zich de voorbije jaren ontwikkeld heeft tot 'de fabriek van de wereld'. Die uitspraak valt deels letterlijk te nemen. Sommige afdelingen van die fabriek liggen al weken plat. Het virus treft de globalisering dan ook midscheeps.

Het coronavirus treft de globalisering midscheeps.

Dat brengt vooral onzekerheid. Vorige week leken de markten nog licht over de epidemie te gaan. Na een kortstondig dipje leek het weer business as usual. Maar sinds Apple maandagavond een omzetwaarschuwing gaf, is dat geen zekerheid meer. Almaar meer multinationals laten problemen optekenen. De voorraden van onderdelen raken stilaan uitgeput. Als de Chinese productie niet herneemt, vallen in de rest van de wereld ook bedrijven stil.

Dat gaat onvermijdelijk knagen aan de wereldwijde economische groei. Hoe zwaar de impact zal zijn, blijft voorlopig nattevingerwerk. Maar een ding staat vast: hoe langer de epidemie aanhoudt en hoe meer het virus zich verspreidt, hoe zwaarder het op de groei weegt.  

Uit een uitvoerig rapport van de Chinese overheid blijkt dat COVID-19 meestal in een milde vorm optreedt en vooral dodelijk is voor zestigplussers die al andere aandoeningen hebben. Het virus verspreidt zich wel in hoog tempo. De hamvraag luidt vooral wanneer de epidemie piekt.

Hebben de draconische maatregelen de opgang van het coronavirus afgeremd? Of is dat tijdelijk tot het Chinese leven herneemt? Uiteindelijk ligt het land nog altijd in grote mate en in alle opzichten stil. De hervatting van de activiteiten wordt dus een sleutelmoment.

China geeft voorrang aan de bestrijding van het virus en heeft de heropstart van de economie tijdelijk naar de achtergrond geduwd. Dat is logisch, maar het blijft niet zonder gevolgen buiten de Chinese grenzen.

Het coronavirus is een vies beestje. Virussen hebben meestal de neiging na een tijdje vanzelf te verdwijnen. Maar zolang het beestje rondwaart, blijven de donkere wolken boven de wereldeconomie zich samentrekken.

Lees verder

Gesponsorde inhoud