Waar zijn die handen?

algemeen hoofdredacteur

De grootste bedreiging voor onze economie is dat we geen handen en hersenen meer vinden. En toch ontbreekt de politieke sense of urgency, ondanks alle woordenbrij en gepalaver. Onbegrijpelijk.

Vraag aan 100 werkgevers van allerlei slag wat hun grootste uitdaging is vandaag. 'De juiste mensen vinden' verslaat alle andere antwoorden als oorlog, inflatie, vergunningen, ja zelfs loonkosten.

Het gaat daarbij allang niet meer alleen om zeer gegeerde IT- en technische profielen. De lijst van de VDAB die elk jaar die knelpuntberoepen in kaart brengt, is nog nooit zo lang geweest.

In twee jaar verdubbelde het aantal vacatures dat niet ingevuld raakt, tot meer dan 80.000 in Vlaanderen. Voor elke openstaande vacature zijn er gemiddeld nog minder dan twee werkzoekenden, met West-Vlaanderen als allerkrapste markt.

In werkelijkheid ligt het aantal vacatures zelfs nog een pak hoger. Veel vacatures staan niet in die databank. Bovendien zijn we zover dat bedrijven bepaalde projecten gewoon niet meer opstarten omdat ze toch denken het geschikte personeel niet te vinden.

Dat is een erg zorgwekkend mechanisme. Voeg boven op de inflatie en het gekelderd consumentenvertrouwen nog eens een scheut gemiste economische groei toe, groei die gewoon niet gerealiseerd wordt wegens 'geen werkvolk', en je krijgt een gevaarlijke cocktail.

Alle oeverloze werkgelegenheidsconferenties, sociale overleggen en woordenbrij ten spijt blijft een doortastend beleid om meer mensen aan het werk te krijgen uit.

En toch is er in de politiek nog altijd een hemeltergend gebrek aan sense of urgency. Alle werkgelegenheidsconferenties, oeverloze sociale overleggen en woordenbrij ten spijt. Ons land heeft de laagste werkzaamheidsgraad van West-Europa volgens Eurostat (70,3 procent in 2021). Intussen is dat cijfer een beetje gestegen, maar dan nog. Ruim 1,7 miljoen Belgen op beroepsactieve leeftijd werken niet.

Belangrijkste werf

De regionale verschillen zijn groot. Maar in alle regeerakkoorden van alle regeringen van dit land stond de doelstelling van een werkzaamheidsgraad van 80 procent op het einde van de legislatuur. Daar zijn we ver vanaf, in wat nochtans met voorsprong de belangrijkste werf van alle regeerakkoorden is.

Wat komt er nog van die federale arbeidsdeal? Hij werd al te licht bevonden om aan die 80 procent te raken. Nu raken de vakbonden en de werkgevers het niet eens. Minister van Werk Pierre-Yves Dermagne (PS) stelt wel een miljardenpakket koopkrachtversterking voor, maar geen woord over activering. Dat is niet ernstig. Wat komt nog in huis van die asymmetrische arbeidsmarkt? Ook daar wacht Vlaanderen op Dermagne. Vivaldi stelt op dat vlak zwaar teleur.

PS-minister van Werk Dermagne komt met een koopkrachtpakket dat miljarden kost, maar rept met geen woord over activering. Dat is niet ernstig.

Palaveren, dat wel. In juni komt er weer een federale werkgelegenheidsconferentie. Wordt het meer dan pappen en nathouden? De recente maatregel om werkzoekenden die begeleiding blijven weigeren en een papier niet invullen nog slechts 97,5 procent van hun uitkering te geven, is in de praktijk een lachertje.

Stok

Drie zaken kunnen helpen. Het mankeert nog altijd aan het bovenhalen van de stok om de arbeidsbekwame mensen die zich wegsteken voor de arbeidsmarkt toch daarnaartoe te krijgen: een beperking van werkloosheidsuitkeringen in de tijd of strenger zijn voor wie ten onrechte vlucht in langdurige ziekte. Het verschil tussen nettoloon en sociale uitkeringen moet groter worden.

Ten tweede moeten kansengroepen zelf meer kansen krijgen én er grijpen - desnoods met een stok in plaats van een wortel. Werkgevers moeten zich meer openstellen. Mensen met een allochtone achtergrond of mindervaliden vinden bij ons nog altijd minder de weg naar onze arbeidsmarkt dan in onze buurlanden.

Ten slotte is daarnaast een verstandige arbeidsmigratie nodig. Alleen zo kunnen de vele urgente jobs in onze samenleving, van zorg over onderwijs tot levensnoodzakelijke productie, worden ingevuld. Laat ons daarbij niet dezelfde fouten maken als tijdens de eerste golven arbeidsmigratie, en van bij het begin hard inzetten op een volwaardige integratie van arbeidsmigranten in de samenleving. Maar willen we alle grote welzijns- en koopkrachtnoden nog enigszins het hoofd kunnen bieden, hebben we groei en dus die extra handen en hersenen broodnodig.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud