'Wie meer en langer wil werken, moet dat ook kunnen'

(tijd) - 'De Vlaamse familiale bouwondernemer dreigt helemaal te verzuren als de overheid de illegale arbeid niet dringend strenger aanpakt.' Dat zegt Johan Debuf, de voorzitter van de Bouwunie. Samen met Hilde Masschelein, weldra de nieuwe gedelegeerd bestuurder van de Bouwunie, pleit Debuf voor een veralgemeende nieuwe arbeidsregeling in de bouwsector. 'Wie meer wil werken, wie op zaterdag wil werken en wie langer wil werken, moet dat tegen een motiverend loon ook kunnen doen.'

De grote prioriteit voor De Bouwunie ligt in het bestrijden van het zwartwerk door onderdanen uit de nieuwe EU-lidstaten én door Belgen. 'Tegen de tewerkstelling van Oost- en Centraal-Europeanen heeft de Bouwunie geen bezwaar. De bouwsector kampt al jaren met een tekort aan geschoolde arbeidskrachten. Er is dus een reële nood aan werknemers in de bouw', zegt Hilde Masschelein. 'De eerlijke concurrentie komt pas in het gedrang wanneer de buitenlandse arbeidskrachten in het illegale circuit verzeild geraken. Want laat ons niet naïef zijn. Wat doet een Pool tijdens zijn vrije uren en in de weekends als hij hier toch alleen zit terwijl zijn familie in het thuisland achterbleef?'

Masschelein is snugger genoeg niet alle pijlen op de illegale Oost-Europese arbeidskrachten te richten. 'Ook van de Belgen ervaren de bouwbedrijven oneerlijke concurrentie. Denk maar aan het stijgende aantal politieagenten, ambtenaren, ploegenarbeiders en leraren die aannemer worden in bijberoep om vervolgens zoveel mogelijk in het zwart te werken.'

'We staan voor een schizofrene situatie', stelt Bouwunie-voorzitter Debuf. 'Enerzijds zijn er heel wat mensen die meer willen werken, die bereid zijn overuren te presteren en zelfs op zaterdagen willen presteren. Anderzijds wordt dat overwerk niet genoeg beloond. Een bouwvakker mag 130 overuren per jaar presteren, maar wat hij er na de afhouding van de patronale bijdragen netto aan overhoudt, is gewoon niet motiverend genoeg', meent Debuf.

Aannemers doen ook steeds meer een beroep op schijnzelfstandigen om de 38-urige werkweek te omzeilen. 'Officieel schakelen aannemers zelfstandige onderaannemers in, maar feitelijk werken die onder het gezag van de opdrachtgever, gebruiken ze diens materieel en trekken ze samen met de vaste werknemers naar de werven. Het kan die opdrachtgevende aannemer echt niet schelen wat met die mensen gebeurt en bovendien kosten ze hun ook minder', stelt Masschelein.

De Bouwunie is er zich van bewust dat er niet een alleen zaligmakende oplossing bestaat voor het probleem maar dat een reeks maatregelen noodzakelijk is. Naast meer controles door de sociale inspectie en meer samenwerking tussen de inspectiediensten van verschillende Europese lidstaten onderling, pleit de Bouwunie voor een meer fundamentele ingreep. 'Er moet meer flexibiliteit komen voor de Belgische bouwbedrijven en hun werknemers. Wie meer en langer wil werken, moet dat kunnen doen tegen aanvaardbare tarieven. Wie op zaterdag en meer dan 40 uren per week wil werken, moet dat kunnen doen in het raam van een veralgemeende nieuwe arbeidsregeling', vervolgt Debuf. 'De overheid en de vakbonden verliezen uit het oog dat mensen wel degelijk bereid zijn een deel van hun vrije tijd in te leveren als ze daar meer mee verdienen.'

'Vergeet ook niet dat veel van onze leden afwerkingsbedrijven zijn zoals schilders en vloerders. Zij moeten vaak doorwerken om de deadlines te halen. Het zijn mensen die pas aan de slag gaan aan het einde van het bouwproces en die vaak de klos zijn van vertragingen in de ruwbouw. Ook de klanten, al dan niet particulieren, zijn vragende partij voor overwerk. Zo maakt het een winkelier niet uit wanneer precies de aannemers werken, als hij zijn winkel maar tegen de vooropgestelde datum kan openen', legt Masschelein uit.

Masschelein en Debuf trekken dezelfde lijn door voor de bouwvakkers die op latere leeftijd aan de slag willen blijven. 'De bouwsector heeft nu al een systeem waardoor mensen die 56 jaar zijn en die fysiek niet meer in staat zijn arbeid te verrichten, kunnen uittreden zonder zware financiële aderlating. Brugpensioen is net zoals in andere sectoren mogelijk vanaf 58 jaar. Maar het is verkeerd te denken dat elk bouwberoep een zwaar beroep is', waarschuwt Debuf.

De sociale partners moeten de zware beroepen in het loopbaaneindedebat nog aflijnen. 'Laat ook hier de mensen toch kiezen. Sommige bouwvakkers zijn perfect in staat tot hun 65ste door te werken. Nu laat men ze op hun 58ste vertrekken. Toch zijn er vele bruggepensioneerden, ook buiten de bouw, die illegaal voortwerken. Dat is ronduit hypocriet. Als de overheid die situaties niet harder gaat aanpakken, dreigen de familiale bouwbedrijven helemaal te verzuren', waarschuwt Debuf.

De bouwsector kampt met een tekort aan jonge mensen die hun loopbaan in de bouw beginnen. Naar schatting 6.000 openstaande vacatures raken maar niet ingevuld 'Ook de aangekondige lastenverlagingen dreigen een slag in het water te worden. Om meer laaggeschoolden aan het werk te krijgen, wil de regering de patronale bijdragen verlagen voor de bruto-inkomens tot 1.956 euro per maand. De laagste inkomenscategorie in de bouw zit daar met 1.963,83 euro net boven. De voorgestelde lastenverlagingen zullen er dan ook niet toe leiden dat er meer laaggeschoolden in de bouw aan de slag gaan', besluit Masschelein.Ellen CLEEREN

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud