Senior writer

De banken kunnen en moeten een tandje bijsteken in de strijd tegen witwaspraktijken

Geld stinkt niet, luidt het gezegde. Maar dat klopt niet. Soms hangt er wel degelijk een geurtje aan, omdat het geld het resultaat is van corruptie, fiscale fraude of criminele activiteiten. In de strijd tegen witwaspraktijken hebben de banken een belangrijke rol toebedeeld gekregen. Het geld passeert via hun kanalen, ze moeten er een snuffelhond op zetten om verdachte transacties te detecteren.

Dat doen ze ook. Soms enthousiast, soms ook minder enthousiast. Soms oordelen ze streng, soms oordelen ze minder streng. De procedures die ze ervoor moeten ontwikkelen zijn uitvoerig, ze moeten er financiële middelen en mensen voor inzetten. Er hangt dus een prijskaartje aan dat ze niet allemaal even graag betalen. En, het moet gezegd, er zijn ook banken die af en toe een oogje dichtknijpen voor mogelijke verdachte transacties, om lucratieve business niet te mislopen. Als een van de partijen in een financiële transactie een schermvennootschap is op een belastingparadijs, dan moéten de alarmbellen afgaan.

Banken hebben ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid, ze kunnen niet claimen dat dit hun zaak niet is.

Follow the money. Het blootleggen van de geldstromen is een goede manier om fraudeurs, criminelen en corrupte politici en zakenlui het leven moeilijk te maken. De beste plaats om dat te doen, is in de banken. Voor de overheid en het gerecht is het natuurlijk gemakkelijk om de banken daarmee te belasten. Valt dat buiten hun takenpakket? Banken hebben ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid, ze kunnen niet claimen dat dit hun zaak niet is.

Door de mazen

Heel wat banken tonen zich goede leerlingen en hebben de voorbije jaren hun inspanningen opgevoerd om beter de rol van poortwachter te kunnen spelen in de strijd tegen het witwassen. Maar het is niet genoeg. Er glipt nog heel veel door de mazen van het net, blijkt uit documenten van de Amerikaanse antiwitwascel die bij het consortium ICIJ van onderzoeksjournalisten zijn terecht gekomen.

Het gebeurt nog te veel dat een gereputeerde bank zich blijkt te lenen tot medewerking aan witwaspraktijken. Twee jaar geleden nog werden Danske Bank en het Nederlandse ING om die reden met een fikse boete bedacht.

Het moet sommige banken ook nog duidelijk worden gemaakt dat ze dit ernstig dienen te nemen en dat ze hun interne controleprocedures moeten verstrengen. In België kreeg nog niet zo lang geleden de vermogensbank Degroof Petercam die boodschap van de toezichthouder, in Nederland de grootbanken ABN Amro en Rabobank.

Klanten weigeren

Banken hebben alle reden er streng over te waken dat ze niet gebruikt worden voor witwaspraktijken. De boetes kunnen immers hoog oplopen. En de reputatie van de bank, hun goede naam kan erdoor in het gedrang worden gebracht.

Dat leidt ertoe dat de banken uit voorzichtigheid steeds vaker bepaalde klanten weigeren. Dat komt hen dan ook weer op kritiek te staan. Want alle burgers en bedrijven moeten toegang kunnen hebben tot bankdiensten, klinkt het dan.  De regelgever blaast warm en koud.

In België is al een poos een discussie bezig over een basisbankdienst voor ondernemingen die de banken verplicht om een rekening te openen voor klanten waarbij ze twijfels hebben. Het argument dat sommige politici daarvoor aanhalen is ‘dat een bankrekening een belangrijk onderzoeksmiddel is  om witwaspraktijken en de financiering van criminele activiteiten op te sporen’. Tja.

De strijd tegen het witwassen is belangrijk. En de banken moeten daar hun volle medewerking aan verlenen. Maar de verantwoordelijkheid ervoor nadrukkelijk bij de banken leggen maar tegelijk hun handen binden, is niet ernstig.

Lees verder

Gesponsorde inhoud