column

De hand van het kindermeisje

De uitdijende coronacrisis duwt ook de federale regeringsformatie in een beslissende richting. Wat tot voor kort onmogelijk leek, een regering met de PS en de N-VA, blijkt ineens wel te kunnen. Een regering van gedwongen federale eendracht.

Het wordt in Vlaanderen weleens onderschat dat de afstand tussen de Franstalige liberalen van de MR en de PS ongeveer even groot is als die tussen de PS en de N-VA. PS-voorzitter Paul Magnette en zijn MR-collega Georges-Louis Bouchez zijn om te beginnen niet echt op elkaar gesteld - en dat is beleefd uitgedrukt. Vrijdagavond wachtten de betrokken Vlaamse partijen in de coulissen op de uitkomst van het gebikkel tussen de MR en de PS, niet over ingrijpende regeerplannen maar over postjes.

Een regeringsvorming is altijd een progressieve deblokkering. Politici die aan de onderhandelingen deelnemen, moeten beschikken over een goed geheugen om te weten wat ze op het geschikte moment kunnen vergeten om tot een akkoord te komen. Zo ging dat in het verleden. Maar in het federale België lijkt dat niet meer te lukken. Er duikt altijd wel een communautaire of andere hinderpaal op. Na de verkiezingsdag werden al veto’s uitgesproken, en er werden ook deuren dichtgeslagen van het bouwvallige Belgische huis. Die opvoering voltrekt zich al maanden. In afwachting fungeert een conciërgeregering zonder meerderheid. Die restregering van premier Sophie Wilmès (MR) moet de verwoestende coronacrisis opvangen en tegelijk de gevaarlijk lekkende staatskas bewaken.

Lege handen

De burger die maandag de koninklijke opdrachthouders Patrick Dewael (Open VLD) en Sabine Laruelle (MR) met lege handen ten paleize zag passeren, kon alleen maar grinniken. Na hun eerste bezoek bij de koning had het duo aangekondigd een voorbeeld te nemen aan hun liberale voorganger Herman Vanderpoorten, die zich in 1981 als informateur in compleet stilzwijgen hulde. Dat bleek in het geval van Dewael en Laruelle niet moeilijk: er viel gewoon niets te melden. Toch verlengde koning Filip hun opdracht met een week. Noem het een laatste poging om de Vlaamse christendemocraten aan de onderhandelingstafel te krijgen. Het coronavirus, de ontsporing van de begroting, de nakende sluiting van de kerncentrales, een mogelijke nieuwe migratiecrisis, het zou de recalcitrante CD&V-top allemaal naar het hoofd worden gegooid. Dat gecombineerd met de spinning door liberalen en groenen over die bange CD&V vastgeplakt aan de N-VA.

CD&V heeft aan de centrumrechtse regering met de zwakke premier Charles Michel (MR) niet alleen een electorale kater overgehouden, maar ook een frustratie.

Bij CD&V hadden ze pas laat het manoeuvre in de gaten. De eerste alarmsignalen werden in de wind geslagen: de plotse weigering van Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten om in de Vlaamse regering te stappen, en de onwil van Magnette om in duo uitgestuurd te worden. De manier waarop Magnette een vroegtijdig einde stelde aan de bemiddelingsopdracht van CD&V’er Koen Geens maakte alles duidelijk: het was van meet af aan nooit de bedoeling van Open VLD en van de PS om over een federale coalitie te onderhandelen met de N-VA erbij.

Over de balk

Voor de PS betekende de aanwezigheid van de N-VA en van Open VLD één liberale partij te veel. Open VLD koos dan maar voor lijfsbehoud door zich aan de PS vast te klampen. Bovendien behielden sommige liberalen goede herinneringen aan het paars-groene avontuur van Guy Verhofstadt. Zelden mocht een Belgische regering zo vrolijk het geld over de balk gooien dat door de vorige regeringen, van Jean-Luc Dehaene, was bijeenbespaard.
Alleen is dat niet voor herhaling vatbaar. Het begrotingstekort dreigt vervaarlijk te stijgen naar ruim 14 miljard euro.

Bovendien is er de toenemende vergrijzing en blijft de kostprijs van de klimaattransitie een grote onbekende. Daar komt de kostprijs van de coronacrisis bij. Die valt niet te berekenen. In Frankrijk heeft president Emmanuel Macron meteen meegegeven hoe de slachtoffers van die economische ramp worden vergoed. In België is er zelfs bij benadering geen zicht op wat deze crisis de federale en regionale kassen kost. In die omstandigheden blijven inzetten op paars-groen, eventueel versterkt door CD&V, en mogelijk met het cdH of met DéFI, zou getuigen van een gevaarlijke roekeloosheid. Die regering heeft geen meerderheid aan Vlaamse zijde. Dat zou het grootste bezwaar kunnen worden als de rekeningen in de brievenbus vallen, en dat zullen overwegend Vlaamse bussen zijn.

Zelden mocht een Belgische regering zo vrolijk het geld over de balk gooien dat door de vorige regeringen, die van Jean-Luc Dehaene, was bijeenbespaard.

Zwart gat

Ook zonder het coronadebacle erft de volgende regering een financieel zwart gat. Zelfs al zou de Europese Unie wat minder streng toezien, dan nog moet drastisch worden gesnoeid in de uitgaven, onvermijdelijk in de gezondheidszorg en in de onoverzichtelijke subsidiestromen. Tegelijk moeten de inkomsten worden opgetrokken. De omvang van de ingrepen vergt grote verbouwingen, constitutionele hervormingen zelfs. Vicepremier en minister van Justitie Geens verwees ernaar in een blog. Hij had het over een staatshervorming in de geest van artikel 35: ‘Enkel wat we vinden beter samen te kunnen doen, moeten we samen doen.’ Geens’ boodschap is niet nieuw. Het is de uitgewerkte herhaling van een opiniestuk dat de toenmalige CD&V-top enkele maanden voor de verkiezingen publiceerde in De Standaard. Zowel de N-VA als Groen reageerde daar meteen afwijzend op.

CD&V heeft aan de centrumrechtse regering-Michel een electorale kater en een frustratie overgehouden. In de regering-Di Rupo had Geens als minister van Financiën een plan klaar voor een bijkomende taxshift en een belastingverlaging. Maar die waren in zijn scenario wel volledig gedekt door nieuwe inkomsten. Onder druk van de liberalen, de N-VA en de werkgevers kwamen er amper compenserende inkomsten voor de taxshift en de belastingverlaging, die bovendien wogen op de regionale budgetten. Het resultaat is bekend, zoals blijkt uit de jongste cijfers van het Monitoringcomité. De volgende minister van Financiën kan maar beter iemand zijn die niet herverkozen hoeft te worden in 2024.

Zinloos

De afgelopen dagen is duidelijk geworden dat het in deze omstandigheden volslagen zinloos is het paars-groene avontuur te willen voortzetten. Die crisis buiten formaat bedwingen, kan alleen met een regering van federale eendracht, waarvan de deelnemende partijen bereid zijn een aantal politieke tegenstellingen opzij te zetten. Noch Groen noch Ecolo is uitgerust om zich staande te houden bij het getouwtrek met de PS, die eindelijk - coronacrisis of niet - geld wil zien voor haar sociale plannen. Het huidige optreden van de groenen is zowel in de Brusselse als in de Waalse regering bijzonder zwak.

Als men echt vervroegde verkiezingen wil vermijden - en met de coronacrisis valt daar veel voor te zeggen - blijft alleen de mogelijkheid over van de klassieke tripartite, langs Vlaamse kant versterkt met de N-VA

Als men echt vervroegde verkiezingen wil vermijden - en met de coronacrisis valt daar veel voor te zeggen - blijft alleen de mogelijkheid over van de klassieke tripartite, langs Vlaamse kant versterkt met de N-VA. De Vlaams-nationalisten moeten dan wel hun sokken optrekken om het vertrouwen van de coalitiepartners te verdienen. Eigenaardig genoeg lag die optie nooit op tafel. Door de weigering van de PS, luidt het. Toch beschikt alleen zo’n uitgebreide tripartitecoalitie federaal en regionaal over een brede, gezaghebbende meerderheid, en vooral over het beslagen personeel om in samenspraak met de deelstaatregeringen, die ook in de coronaklappen delen, de noodzakelijke doortastende ingrepen door te voeren. Tegelijk moet die regering ook een duurzame grondwetsherziening voorbereiden. Al het overige is wegens de coronacrisis die nog lang niet is uitgewoed gevaarlijk tijdverlies.


Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud