column

Grond... wat?

Zal het parlement instemmen met een grondwetsherziening? De kans is gering. Maar nu roert ook de academische wereld zich.

‘Wij hebben lak aan de Senaat!’ Dat was het verbijsterende antwoord van Jean-Marc Nollet, de covoorzitter van Ecolo, op een terechte opmerking van Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten.

Die had in een debat voor de werkgeversorganisatie VBO geopperd dat het ontwerp van bijzondere klimaatwet dat Groen en Ecolo aan de Kamer voorleggen ook langs de Senaat moet passeren. Waarop een ontstemde Nollet zijn ongenoegen de vrije loop gaf: ‘On s’en fout du Sénat.’

In elk politiek beschaafd land zou een dergelijke uitlating - en zeker de hoogst onparlementaire formulering ervan - minstens een parlementaire opstoot veroorzaken en zou ze de grofgebekte partijleider ongetwijfeld op een algemene afkeuring komen te staan. Niet zo in België. Wat Leo Tindemans ooit vreesde, is vandaag een feit: de Belgische grondwet is verschrompeld tot een vodje papier.

Het enige protest tegen de uitspraak van Nollet kwam van de minzame Franstalige liberaal Jacques Brotchi. Hij nam eind vorig jaar het voorzitterschap van de Senaat over van zijn partijgenote Christine Defraigne, die zich na de gemeenteraadsverkiezing terugtrok in haar Luikse basis.

Een plenaire zitting van de Senaat in het federale parlement. ©BELGA

Brotchi, een internationaal befaamde neurochirurg, wees erop dat de Senaat wel degelijk meepraat als het om een bijzondere wet gaat. Zo’n wet kan er alleen komen met een meerderheid in elke taalgroep en met een tweederdemeerderheid in Kamer en in Senaat.

Bovendien verwees voorzitter Brotchi fijntjes naar een aantal rapporten van de Senaat in verband met de klimaatzorg en de bijbehorende taakverdeling tussen de beleidsniveaus. Rapporten die kennelijk niemand heeft gelezen, al zeker niet de indieners van de bijzondere klimaatwet.

Bijzondere klimaatwet is miskleun

Die wet werd in elkaar geflanst door een groep academici, die tijdens een eerste hoorzitting al meteen tegen de muur werd geplakt door Hendrik Vuye, voorheen N-VA en nu zetelend als onafhankelijk Kamerlid.

Hij wees erop dat het hier ging om een herfederalisering van een bevoegdheid die bij de deelstaten ligt. Er is bijgevolg een grondwetsherziening nodig. Bovendien betoogde de tweemansfractie Hendrik Vuye en Veerle Wouters dat die bijzondere klimaatwet vergrendelde doelstellingen oplegt, maar niet zegt hoe en tegen welke prijs die moeten worden gehaald en wie de factuur moet betalen. Een kleinigheid die de meeste andere partijen was ontgaan.

Parlementair gehakketak over de Libische fondsen van prins Laurent is kruimig mediavoer, maar het blijft de vraag of er een lijst komt met voor herziening vatbare grondwetsartikelen

Kortom, de bijzondere klimaatwet is een miskleun die zal leiden tot eindeloze en vooral heilloze juridische bekvechterij, zoals een andere academicus, Kurt Deketelaere (KU Leuven), opmerkte. Maar ach, wat let het? Als het erop aankomt: ‘On s’en fout’, zoals met de Senaat.

Ooit moest de Senaat toezien op het wetgevende werk van de soms onstuimige Kamer. In geval van een onvoldoende moest die haar huiswerk overdoen. Maar de Senaat werd allengs kapot hervormd. De zesde staatshervorming bezegelde zijn lot.

In de opstellenbundel ‘De Federalist Papers, bakermat van het moderne constitutionalisme’ komt de Amsterdamse docente Emma Cohen de Lara tot de conclusie: ‘In België zetten de middelpuntvliedende krachten het voortbestaan van de Belgische Senaat steeds verder onder druk. De Senaat lijkt hier niet tegen opgewassen, en lijkt in het debat niet meer te ontsnappen aan de zweem van overbodigheid.’

Ze citeert daarbij haar Antwerpse collega Patricia Popelier (UA), die het nog wat scherper formuleert: ‘De Senaat lijkt meer op een onhandige camouflage van waar het in het multinationale België werkelijk om draait: een structurele spanning tussen twee grote taalgroepen, die onvermijdelijk leidt tot een consensusgerichte besluitvormingsprocedure met confederale trekken wegens het bipolaire karakter van België.’

De Senaat is alvast geen anker meer voor een federaal land dat verder uiteendrijft in aparte deelstaten, stelt Cohen de Lara vast.

Hallucinante verwarring

De federale regering wil zo min mogelijk worden gehinderd door de wetgevende macht, zeg maar door de parlementaire controle. En daarom werd de Senaat volkomen uitgehold en werd de Kamer door enkele interne hervormingen aan een korte ketting gelegd.

Voormalig staatssecretaris voor Asiel & Migratie Theo Francken (N-VA) tijdens de hoorzitting in de Kamercommissie Binnenlandse Zaken. ©BELGA

De hoorzitting waarop gewezen staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) zich moest verantwoorden voor het uitreiken van humanitaire visa was een bijwijlen gênante vertoning geheel in functie van de nakende verkiezingen.

Commissieleden herhaalden tot vervelens toe hun ingefluisterde vraagjes. Alleen Vuye ging naar de kern van de zaak: de juridische onderbouw voor de uitreiking van de humanitaire visa.

Door het strak geregisseerde parlementaire schimmenspel moet deze ontslagnemende regering in eindeloos lopende zaken geen rekenschap afleggen over de verontrustende begrotingscijfers. Parlementair gehakketak over de Libische fondsen van prins Laurent is kruimig mediavoer, maar intussen blijft het de vraag of er een lijst komt met grondwetsartikelen die voor herziening vatbaar worden verklaard. Kan dat nog met een regering in lopende zaken?

Een bijsturing van de stilaan wanstaltige grondwet is nochtans noodzakelijk. Een groep academici rond Dave Sinardet (VUB) en Toon Moonen (UGent) heeft het niet meteen over een nieuwe communautaire ronde, maar over een update van de van oorsprong 19de-eeuwse tekst.

Toch denken de initiatiefnemers aan de versterking van Brussel als gewest en de invoering van een federale kieskring. Die laatste moet de middelpuntvliedende krachten afremmen en de twee grote gemeenschappen wat nader tot elkaar brengen. Al is niet meteen duidelijk hoe dat kan lukken met zo’n federale kieskring, terwijl de Senaat als assemblee van de deelstaten compleet faalde.

Nuttiger lijkt de oefening die de Leuvense academici Stefan Sottiaux en Karel Reybrouck voorbereiden over de lijsten met federale en deelstatelijke bevoegdheden. Met de soms hallucinante verwarring over die bevoegdheidsverdeling worden federaal minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) en Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) haast dagelijks geconfronteerd.

Bovendien hebben ook de zesde staatshervorming en de bijbehorende financieringswet pijnlijke gevolgen, onder meer voor Brussel. Brussels minister van Werk en Economie Didier Gosuin (DéFi) waarschuwde onlangs dat de nieuwe financieringswet jaarlijks een gat van minstens 150 miljoen euro slaat in de begroting van het Brussels Gewest.

Het dreigt nog pijnlijker te worden. De armlastige federale overheid zal binnen afzienbare tijd, wellicht al tijdens de komende regeerperiode, moeten aankloppen bij de deelstaten om mee te betalen voor de bijdrage (ruim 6 miljard euro!) aan Europa.

De onhandige camouflage van de communautaire spanningen misleidt intussen niemand meer. Als zelfs de Nationale Bank al begint over een mogelijke regionalisering van de loonnorm.

De echte politieke doortastendheid zal bestaan in de afwerking van artikel 35 van de Grondwet door voor eens en voor altijd vast te leggen wat Vlamingen en Franstaligen nog samen willen doen. Zoals Philippe Destatte van het Waalse Institut Jules Destrée onlangs blogde: ‘Het confederalisme zit al in de Belgische constructie. Als het overlegcomité niet behoorlijk werkt, dan ligt dat vooral aan de zetelende politici, die hun politieke geschillen laten voorgaan op het algemeen belang.’

‘De Federalist Papers’ is uitgegeven bij Damon en kost 29,90 euro.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud