column

Het boze middenveld

ACV-voorzitter Marc Leemans weet het zeker: de kiezer wil geen rechtser beleid. Alleen liet de Vlaamse kiezer dat op een heel aparte manier weten, door overwegend rechts en zelfs extreemrechts te stemmen.

Het gejammer over de verkiezingsuitslag van afgelopen zondag mag nu wel stoppen. Zowel ter linker- als ter rechterzijde werden de voorbije dagen kortademige analyses geformuleerd. De stem voor het Vlaams Belang, en eigenlijk ook voor de N-VA, werd uitgelegd als de stem van de angstige witte man achter zijn Leuvense stoof op het platteland. In de krant verschenen hooggestemde open brieven en getuigenissen gericht aan de naïeve extreemrechtse kiezer die op het juiste spoor moet worden gebracht. Anderen dachten, zoals na elke winst van het Vlaams Belang, aan emigreren weg van het in Vlaanderen aanstormende fascisme. Het is alleen nog wachten op de eerste manifesten.

Dossier: Verkiezingen
Verkiezingen 2019

Op de hoogte blijven van het meest recente nieuws over de regeringsvorming? Neem dan een kijkje op de dossierpagina over de verkiezingen. 

Velen zullen bij het lezen van hun krant een déjà-lu-effect hebben ervaren. Want die betogen klonken als de perfecte echo’s van wat verscheen na de eerste Zwarte Zondag in november 1991. Toen werd het extreemrechtse Vlaams Blok plots groter dan de Vlaams-nationalistische Volksunie, waarvan het een loot is. Ook toen verwachtte niemand dat die verzameling politieke zonderlingen in Vlaanderen meer dan 10 procent van het stemmenaantal achter zich zou krijgen. Naderhand jojode de partij zelfs naar 24,2 procent, zoals in 2004.

Met de opkomst van de als oorlogsmachine georganiseerde N-VA leek het lot van het Vlaams Belang bezegeld. Dat was een misrekening. Voor de grimmigsten onder de Vlaamse kiezers - en hun aantal zwelt aan - is het Vlaams Belang de ultieme stok achter de deur, want de meest uitgesproken oppositiepartij. Groen, hoewel in de oppositie, gedraagt zich al als een beleidspartij. De deelneming aan de Zweedse coalitie van premier Charles Michel (MR) heeft de reputatie van de N-VA als kracht van verandering fors aangetast. Onschuldig regeren is immers onmogelijk. Resultaat: een verlies van nagenoeg 280.000 kiezers.

Het echte politieke feit van de voorbije verkiezingen is evenwel de verdere implosie van de drie traditionele partijen CD&V, sp.a en Open VLD. Zij verloren op 26 mei samen liefst 400.000 kiezers. Ruim 180.000 onder hen verlieten het CD&V-kamp. Die vaststelling geldt ook voor Wallonië, waar de drie traditionele partijen PS, MR en cdH er samen ruim 368.000 stemmen bij inschoten. Die verliezen leidden alvast de drie Vlaamse traditionele partijen naar historische dieptepunten.

Steunzolen

Vooral de christendemocratie en de sociaaldemocratie waren de twee pijlers van de 20ste-eeuwse politiek. De liberalen speelden na de Tweede Wereldoorlog geen doorslaggevende rol in de totstandkoming van het Belgische economische wonder in een klimaat van vrij grote sociale eensgezindheid. België, net als in de buurlanden Nederland en Duitsland, ontplooide een uitgebreid sociaal opbouwwerk. Het middenveld - vakbonden, middenstandsorganisatie en de landbouworganisaties - vormde de steunzolen van partijen als CVP/CD&V en BSP/sp.a en kreeg een vaste plaats in allerhande hoge raden, adviesraden en commissies, tot in de regentenraad van de Nationale Bank toe.

Het middenveld klampt zich vast aan versleten verworven rechten, maar het denkt niet langer mee met het beleid, laat staat met de partijen die het decennialang heeft ondersteund.

Zo kreeg het middenveld een inzicht in de werking niet alleen van het economische en financiële leven, maar ook in het raderwerk van de staat en in het bijzonder in het systeem van sociale zekerheid, dat het mee beheerde. Maar die mooie beleidsmachine is al langer stilgevallen. Onder meer Europa met zijn eenheidsmunt heeft de budgettaire spelregels veranderd. Zowel de partijen als het middenveld hebben dat niet zien aankomen of hebben de gevolgen onderschat. Het middenveld klampt zich vast aan versleten verworven rechten, maar het denkt niet langer mee met het beleid, laat staat met de partijen die het decennialang heeft ondersteund.

Zo liep het op 26 mei compleet fout tussen CD&V en het ACV, maar ook de traditionele landelijke achterban van de partij. Volgens ACV-voorzitter Marc Leemans wil de kiezer geen rechtser beleid. Alleen liet die kiezer dat op een merkwaardige manier merken door overwegend rechts en zelfs extreemrechts te stemmen. Zelfs West-Vlaanderen, de electorale biotoop van Vlaams minister van Onderwijs en CD&V-boegbeeld Hilde Crevits, kantelde in het Vlaams Belang-kamp. Die West-Vlaamse omslag heeft niet te maken met de zogeheten angst voor de gesluierde vrouw die plots in de dorpswinkel opdook. Die kanteling werd ook in de hand gewerkt door de door de N-VA-top gedwongen verhuizing van minister-president en partijstichter Geert Bourgeois naar Europa, en door de komst van de ‘onafhankelijke’ Jean-Marie Dedecker op de lijst. Nu vinden de meeste N-VA’ers in het Izegem van Bourgeois die oncontroleerbare woelwater uit Middelkerke wel een sympathieke peer, maar ze zien hem toch liever niet op hun lijst.

Belangrijker in de electorale ommezwaai in West-Vlaanderen is de houding van het ACV, dat geen pink roerde om Crevits, nochtans ‘iemand van de beweging’, te steunen. ACV-voorzitter Marc Leemans had vooraf laten verstaan dat steun voor partijen die aan de onsociale federale coalitie hadden meegewerkt ondenkbaar was. Zijn verklaringen aan de vooravond van het ACV-feest Rerum Novarum brachten de breuk met CD&V in het volle daglicht. Tot grote ongerustheid overigens van nogal wat kaderleden van de vakbonden, die vrezen dat de deur nu wagenwijd openstaat voor de aanvallen van onder meer de N-VA en van de liberalen op de financiële werking van de ziekenfondsen en van de vakbonden als uitbetalers van de werklozensteun.

Terwijl ze op al hun flanken worden aangevallen, weten de traditionele partijen CD&V, sp.a en Open VLD geen raad meer met hun ideologische onderkoeling.

Maar niet alleen het ACV bleef aan de kant. Ook de West-Vlaamse boeren, die zich door CD&V in de steek gelaten voelen, toonden zich van hun zwartste kant. Uitgerekend in West-Vlaanderen kampt de landbouw met grote problemen. Landbouwexploitaties hebben veel van hun waarde verloren. Jonge boeren en hun families gaan gebukt onder zware leningen. Nieuwe, vooral groene reguleringen leiden tot bijkomende financiële problemen. Terwijl Europa niet langer de landbouwprijzen beschermt. De top van de Boerenbond doet pogingen om de troepen aan CD&V-boord te houden, maar het vertrouwen van de leden is opgebruikt. Op 26 mei brak voor CD&V de West-Vlaamse middenvelddijk.

Terwijl ze op al hun flanken worden aangevallen, weten de traditionele partijen geen raad meer met hun ideologische onderkoeling. Ze zijn daardoor al decennialang nauwelijks nog in staat om de dringendste maatschappelijke problemen te benoemen, laat staan ze aan te pakken. Ze hebben zelfs de kracht niet meer om eindelijk de staatshervorming af te werken die ze in zes bedrijven hebben opgevoerd. Met als gevolg dat geen enkele noodzakelijke economische en sociale hervorming nog tot een goed einde kan worden gebracht.

Onlangs tekende KU Leuven-grondwetspecialist Stefan Sottiaux de grotesken van al die staatshervormingen. Bij wijze van afschrikking zwaaien belgicaine grondwetspecialisten en politicologen met definities van het confederalisme die klinken als een IKEA-handleiding. Intussen staat daar in de Grondwet het fameuze artikel 35 dat christendemocraten en socialisten samen met de toenmalige Volksunie hebben goedgekeurd. Dat artikel regelt wat Vlamingen en Franstaligen nog samen willen doen. Het wacht al sinds 1994 op de juiste invulling. Alleen zijn de gevestigde partijen te bang om die oefening in te zetten.

Donderdag heeft een kennelijk weinig geïnspireerde koning volgens aloud recept nog eens twee informateurs de wei in gestuurd: Johan Vande Lanotte (sp.a) en minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR), twee verliezers van de verkiezingen van 26 mei. De foto van beide politici staat in het woordenboek naast het lemma ‘politiek cynisme’. Het wordt er wellicht niet beter op.

Lees verder

Gesponsorde inhoud