column

Paleis der Natie | De vergetenen der aarde

Het is geen teken van sterkte als partijen van naam veranderen. Bij de sp.a werd alweer een nieuw gevelbord aangebracht: Vooruit. De ultralinkse PVDA en PTB knagen als vlijtige bevers aan de socialistische stam.

‘De discussie gaat niet over wie erin zit, maar wat we gaan doen in de regering. De naam van het verhaal is niet belangrijk, maar dat een verhaal geschreven wordt. Want we zitten in een crisis. Wij moeten nu aan de slag gaan voor de mensen.’ Zou er een rilling van strijdlust door de socialistische rangen zijn gerold toen deze tweet van de sp.a/Vooruit-voorzitter Conner Rousseau werd rondgeflitst?

Denkelijk niet. In ‘Het DNA van Vlaanderen’, het studiewerk van marktonderzoeker Jan Callebaut en VRT-journalist Ivan De Vadder, stond deze vaststelling over de Vlaamse socialisten en hun verhaal: ‘De Vlaming gelooft niet meer dat de sp.a in staat is het beleid te voeren dat het systeem in evenwicht kan brengen.’ Het resultaat is bekend: bij de jongste verkiezingen kon de sp.a zich ondanks een invloedrijk machtsnetwerk net boven de 10 procentgrens handhaven.

Weinig bemoedigend

Een jonge voorzitter en een nieuw uithangbord, Vooruit, zijn de panacees waar de sp.a naar greep. Of een naamsverandering electoraal soelaas brengt, moet blijken. De voorbeelden van CVP/CD&V in Vlaanderen en PSC/cdH in Franstalig België zijn weinig bemoedigend. Ook de mutatie van Agalev naar Groen was geen succes. De milieupartij twijfelt nog altijd aan haar geaardheid: is ze progressief, ronduit links of een beetje links-liberaal? Radicaal is ze alleszins niet.

De kiezer loopt niet warm voor de groene boodschap. De verkiezing van mei 2019 viel tegen voor Groen. Volgens de jongste peiling in Le Soir Mag zakt de partij zelfs een stuk onder 10 procent. En dan zit ze nog niet eens in de federale regering waar ze zo graag in wil, hoewel het eerste paars-groene avontuur bij de verkiezingen van 2003 eindigde in de complete vernieling.

Patrick Janssens met zijn campagneblad 'Patrick' in 2012. Tijdens zijn hoogdagen als Antwerps burgemeester was Janssens er als de dood voor het woord socialist in de mond te nemen. ©BELGA

Het is nooit een teken van sterkte als partijen hun naam en vooral hun ideologische veren afschudden. De sp.a was al een afgezwakte variant van Karel Van Mierts SP, die nog stond voor Socialistische Partij. Tijdens zijn hoogdagen als Antwerps burgemeester was ex-partijvoorzitter Patrick Janssens er als de dood voor het woord socialist in de mond te nemen. Bij de sp.a werden de rode rozelaars onder Steve Stevaert al gecomposteerd. Er hangt nu een rozig uithangbord aan de partijgevel. De nieuwe Twitter- en Instagram-adressen zijn klaar. Wacht alleen nog een programma.

Het is nooit een teken van sterkte als partijen hun naam en vooral hun ideologische veren afschudden.

Het zal benieuwen wat dat wordt. Een bouwvallige partij opkalefateren en hervormen, en die tegelijk inspannen voor een federale regering die onvermijdelijk offers moet vragen aan de bevolking, is een riskante oefening. Temeer omdat de ultralinkse PVDA in Vlaanderen en de PTB-kameraden in Franstalig België als vlijtige bevers knagen aan de socialistische stam. In Wallonië wordt de PS bloednerveus bij de gedachte dat de PTB in de jongste peiling alweer is opgeklommen tot de op twee na grootste partij. Het is geen geheim dat de PTB wordt gesteund door de middenkaders van de vakbond FGTB, net zoals de PVDA wordt aangemoedigd vanuit het ABVV.

De coalitie die de preformateurs Egbert Lachaert, de Open VLD-voorzitter, en Rousseau proberen te smeden, koestert stichtende voornemens. Alleen blijven de uitvoering en de financiering vaag. Neem de belofte om het minimumpensioen te verhogen naar 1.500 euro. Wie goed luistert, zal horen dat dat pas tegen het eind van de legislatuur gebeurt en alleen voor wie een volledige carrière van 45 jaar achter de rug heeft. Een hogere groeinorm voor de gezondheidszorg? Het gaat om een enthousiaste belofte gedaan in volle covidcrisis, toen de zorgverleners elke avond op een applaus werden getrakteerd.

Stilaan daagt de werkelijkheid, en die is niet fraai voor wie kijkt naar de tabellen van het monitoringcomité, een groep topambtenaren. Bij een ongewijzigd beleid stevent de overheid tegen 2024 af op een begrotingstekort van 5,3 procent. Wat neerkomt op bijna 27 miljard euro die moet worden gevonden. En dan mogen onderweg geen budgettaire lijken uit de kast vallen.

Europa toont zich voorlopig coulant bij het begrotingstoezicht, maar landen als Finland en Nederland willen snel terug naar de begrotingsorthodoxie. De EU zwaait dan wel met miljarden, nagenoeg 5 miljard euro om de relance te financieren, maar op termijn moet België een veelvoud terugstorten. Het zal zowel van Vooruit als van de PS een zekere roekeloosheid vergen om aan dit avontuur deel te nemen.

Na de geestbeving

Gebruikmakend van de geestbeving, zoals de Duitse historicus Philipp Blom de coronacrisis omschrijft, publiceert PVDA-voorzitter Peter Mertens zijn nieuwste strijdboek ‘Ze zijn ons vergeten’. Die ‘ons’ staat voor de werkende klasse. Bij de sp.a/Vooruit spreken ze sinds Stevaert niet meer van de werkende klasse, maar van ‘de mensen’. Die werkende klasse, die volgens Mertens het land overeind hield, zal opdraaien voor de nazorg van de covidcrisis.

Mertens kijkt niet alleen naar de Belgische situatie. Hij neemt ook het optreden van de EU onder de loep. De PVDA is niet onder de indruk van de Europese Green Deal. Die bestaat erin om in naam van de relance containers met geld, 1.000 miljard euro, uit te delen aan de grootindustrie, die daarmee Europa moet opstoten in de groene en digitale vaart der volkeren. Waarbij inderdaad de vraag mag worden gesteld wat de gewone burger daarvoor terugkrijgt.

Al die miljarden aan subsidies die de groene energie in het verleden opslorpte, hebben de elektriciteitsprijs met geen eurocent verlaagd. Die prijzen zijn alleen gestegen. Tom De Meester, Vlaams Parlementslid en energiespecialist van de PVDA, heeft die gulle subsidiekanalen blootgelegd in ‘Opgelicht’, en niemand sprak hem tegen.

Bejaardenindustrie

In ‘Ze zijn ons vergeten’ wordt ook de bejaardenindustrie onder de lamp gezet. Mertens doet dat met het voorbeeld van Senior Living Group van de Franse multinational Korian, en Armonea, opgericht door een aantal AB InBev-families en intussen overgenomen door het Franse Colisée, dat in Europa liefst 270 rusthuizen beheert. Bij de PVDA weten ze hun voorbeelden en bedragen te kiezen om hun boodschap te staven. Met goed gevolg. Van ‘Hoe durven ze?’, Mertens’ eerste boek, werden 25.000 exemplaren verkocht.

De achterblijvers hebben geen aanlegsteiger meer bij de sp.a/Vooruit. Dat heeft de PVDA juist gezien.

Mertens speelt in zijn boek gericht in op de gepensioneerden in de rusthuizen, maar ook op de laaggeschoolden die tijdens de crisis tijdelijk werkloos of helemaal werkloos werden, en op de kleine zelfstandigen die hun zaak moesten sluiten en over de kop gingen. Het gaat om wie zich geschoffeerd, bedrogen en vernederd voelt: de achterblijvers.

In The New York Times had Thomas Friedman het onlangs over ‘politics of humiliation’ die in de kaart speelt van president Donald Trump. Die vernederden hebben ook in België geen aanlegsteiger meer, althans niet meer bij de sp.a/Vooruit. Dat hebben de PVDA en PTB juist gezien. Daarom trekt Mertens met zijn boek en zijn boodschap dezer dagen langs Vlaamse parochiezalen en volkshuizen. Hier ligt het verschil tussen de aanpak van de PVDA/PTB en de traditionele partijen, die denken dat de sociale media en praatprogramma’s het contact met het publiek hebben vervangen.

In ‘Het DNA van Vlaanderen’ merkte Callebaut al op: ‘Als de sp.a niet vlug verjongt, en erin slaagt dynamischer en eerlijker over te komen, dan is de PVDA een consequenter alternatief voor de kwetsbaren van de samenleving of zij die zich onrecht voelen aangedaan.’ De naam van zijn partij is niet de eerste zorg van Conner Rousseau.

Lees verder

Gesponsorde inhoud