Afghaanse oppositie verdeeld over vergeldingsacties

De oppositie tegen het Taliban-regime in Afghanistan is verdeeld over vergeldingsacties. De militaire leiders van de in de Noordelijke Alliantie verenigde oppositie zijn voorstanders van Westerse aanvallen terwijl vertegenwoordigers van dezelfde oppositie zich in Rome uitspraken tegen een gewapende buitenlandse interventie in Afghanistan.

De Afghaanse oppositie en de voormalige Afghaanse koning, Zaher Shah, bereikten maandag in de Italiaanse hoofdstad een akkoord over de vorming van een 'Afghaanse Hoge Raad van Nationale Eenheid'. Die moet ervoor zorgen dat er in Afghanistan een nieuw staatshoofd komt en een overgangsregering.

In Kandahar, het bolwerk van de Taliban, demonstreerden dinsdag duizenden manifestanten tegen de voormalige Afghaanse koning. De Taliban zien in het toekomstige Afghanistan geen rol weggelegd voor Zaher Shah. De voormalige Afghaanse premier, Gulbuddin Hekmatyar, bestempelde Zaher Shah als een Amerikaanse Babrak Karmal, de communistische leider die Moskou na de sovjetinval in Afghanistan eind 1979 in Kaboel in het zadel hielp.

Vergeldingsmaatregelen tegen Afghanistan zorgen niet alleen voor verdeeldheid binnen de Afghaanse oppositie. Ook de Arabische wereld, die een belangrijke rol te spelen heeft in de internationale coalitie tegen het terrorisme, staat niet pal achter de plannen van de VS. De secretaris-generaal van de Arabische Liga, Amr Moussa, waarschuwde er dinsdag voor dat een aanval tegen een Arabisch land het idee van een dergelijke internationale coalitie schade zou toebrengen.

De uitspraak van Amr Moussa volgde op de ontkenning door het Witte Huis dat president Bush de Jordaanse koning Abdallah tijdens hun ontmoeting vorige week vrijdag beloofd zou hebben geen Arabische landen, waaronder Irak, te zullen aanvallen in het kader van de strijd tegen het terrorisme. De Jordaanse pers had maandag gemeld dat president Bush de koning die toezegging had gedaan. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, liet echter weten dat de president niets uitsluit voor de tweede, derde en vierde fase van de militaire campagne.

De Iraakse vice-premier, Tarek Aziz, verklaarde dinsdag dat zijn land op alles is voorbereid. De gebeurtenissen van 11 september zijn volgens Aziz een excuus om nieuwe aanvallen te lanceren. De Libanese Hezbollah ziet in de strijd tegen het terrorisme een voorwendsel van de VS om hun militaire bases in de wereld te versterken.

In buurland Syrië vroeg de minister van Buitenlandse Zaken, Faroek al-Shareh, dinsdag aan zijn Duitse ambtgenoot, Joshka Fischer, dat de EU tussenbeide zou komen om een eind te maken aan het Israëlische staatsterrorisme tegen het Palestijnse volk in de bezette gebieden. Syrië heeft de aanslagen van 11 septemer veroordeeld en is voorstander van acties tegen het terrorisme als die gebeuren onder de vlag van de VN en niet van de VS. De rijke Golfstaten willen hun steentje bijdragen op humanitair, financieel en diplomatiek vlak, maar staan erg weigerachtig om zich op militair vlak te engageren.

De Centraal-Aziatische republieken zullen niet rechtsreeks deelnemen aan een militaire actie tegen Afghanistan, maar leveren wel aanzienlijke hulp, zo verklaarde dinsdag Nikolai Patroetsjev, de baas van de Russische inlichtingendienst FSB. Volgens Patroesjev kunnen de inlichtingendiensten van de landen van het GOS de Amerikanen wel helpen.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud