Belgische bedrijven slagen er niet in winst- en omzetgroei aan koersstijging te koppelen

De bijgevoegde tabel geeft een overzicht van alle Belgische ondernemingen op de continumarkt en Nasdaq Europe die in het boekjaar 2000 een hogere winst per aandeel en omzet scoorden dan in 1998. De koersevolutie geeft de stijging of daling weer van deze aandelen tegenover hun top in '98 of '99. Vastgoedvennootschappen kwamen niet in aanmerking, evenals bedrijven waarvan de activiteiten nog nauwelijks die van vier jaar geleden weerspiegelen. Zo is GIB na het afstoten van de GB-supermarkten niet meer vergelijkbaar met de holding uit 1998. Ook bedrijven die nog steeds geen winst op tafel kunnen leggen, werden geweerd, zoals telecomgroep Mobistar.

Slechts 29 bedrijven voldoen aan de criteria. Gemiddeld realiseerden ze een winstgroei per aandeel van 120 procent. Hun omzet ging gemiddeld 93 procent hoger. De gemiddelde koers plofte echter 26 procent lager.

De conclusies lijken op het eerste gezicht alle wetten van de beurslogica te tarten. Van bedrijven die zware verliescijfers opbiechten, zoals Real Software, Spector of Kinepolis, is het logisch dat de aandelenkoers in elkaar klapt. Maar trouwe groeiers als Recticel, VPK Packaging, Creyf's of Sioen, daarvan mag een belegger toch verwachten dat de koers steeds hogere regionen opzoekt?

De neergang van deze aandelen heeft verschillende oorzaken. In de eerste plaats zien de vooruitzichten van heel wat bedrijven er minder rooskleurig uit. Zo lijdt uitzendgroep Creyf's onder de economische terugval. In tijden waarin de bedrijfswereld duizenden werknemers aan de deur zet, is de vraag naar tijdelijke uitzendkrachten fors teruggelopen. Andere ondernemingen gaven al te kennen dat de cijfers in het eerste halfjaar teleurstelden. Deze week meldde de schoenenwinkelketen Brantano dat het bedrijfsresultaat tijdens de eerste zes maanden van 2001 met 5 procent terugliep. De Gentse ontwikkelaar van grafische software Artwork Systems meldde dat de nettowinst vorig kwartaal 1 procent afbrokkelde.

Toch is de sterke terugval van de meeste koersen niet alleen door deze boekhoudkundige cijfers te verklaren. Een minstens even grote oorzaak bevindt zich in de hersenen van de beleggers. Enerzijds overdreven de investeerders in 1998 naar boven toe. Het beleggerspubliek had te hoge verwachtingen over de toekomstige winsten van de bedrijven. En aangezien de aandelenkoers de verwachte winstgroei weerspiegelt, dreven de beleggers de koers-winstverhoudingen op de beurs naar ongekende hoogten. Voor een traditioneel aandeel als de producent van PVC-ramen en -deuren Deceuninck waren beleggers bereid meer dan 40 keer de winst van het vorige boekjaar te betalen. De chemie- en farmagroep UCB noteerde tegen 60 keer de winst, zodat de omzet- en winstgroei van respectievelijk 34 en 69 procent zelfs niet volstonden om het aandeel van een klap te vrijwaren.

In de technologiesector was de overdrijving het grootst. De aandelen werden tot zeepbelproporties opgeblazen. De investeerders leken zelfs messiaanse trekjes te vertonen door op erg dure kapitaalverhogingen zonder nadenken in te schrijven. Het vlot opgehaalde geld gaf de bedrijven de kans de productiecapaciteit steeds maar op te drijven, waardoor ze het bij de huidige crisis extra zwaar te verduren hebben.

Anderzijds overdrijven de beleggers nu naar de andere kant. De koersen van heel wat aandelen zijn zo ver teruggezakt dat ze bijna met een doemscenario rekening houden. Analist Randy Rosseel haalt het voorbeeld van de fabrikant van elektronische schakelingen Melexis aan: 'Het bedrijf noteert aan dezelfde prijs van de beursintroductie, maar realiseert vijf keer meer omzet en drie keer zoveel winst als in 1997. Ook de vooruitzichten blijven uitstekend. De koersval is irrationeel.'

Bij de drie bedrijven die het wel goed deden, dankt Omega Pharma zijn klim aan zijn superieure en ongeschonden groeipad. Dexia was in 1998 de goedkoopst gewaardeerde Belgische bank, en had als ontlener aan de overheid minder last van de slabakkende aandelenmarkt en probleemleningen aan technologiebedrijven. Atenor is het typische bravehuisvaderaandeel. De holding realiseerde een matige winstgroei, maar had enkele jaren geleden een van de laagste koers-winstverhoudingen en hoogste dividendrendementen van Brussel. De beurskoersen zijn er alvast een stuk rationeler op geworden.

SM

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud