Advertentie

Drie procent van industriële vuilvracht zorgt voor derde van watervervuiling

"Toch ging de algemene kwaliteit van de Vlaamse waterlopen er in 2000 andermaal op vooruit, zeker indien de basiskwaliteit vergeleken wordt met het jaar 1990', zegt Philippe D'''Hondt, diensthoofd meetnetten van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) bij de voorstelling van het VMM-rapport over de waterkwaliteit in 2000.

Die belangrijkste parameters zijn de PIO-index, afgeleid van de Prati-index, die bepaalt welke graad van biologisch leven het water bereikt heeft en de aanwezige zuurstof. Die index verbeterde sinds 1990 voortdurend. In 2000 bedroeg de index 3,4, evenveel als in 1998, een jaar met uitzonderlijke regenval, toen er via de regen meer zuurstof in het water terecht kwam.

Het chemisch zuurstofverbruik, een parameter voor de concentratie aan organische vervuiling, is sinds 1990 sterk verbeterd. Het is teruggevalen van 135 milligram per liter in 1990 naar 48 milligram per liter in 2000. Het betekent dat de waterloop steeds minder van zijn zuurstof nodig heeft om de organische vervuiling af te breken.

Ook de concentratie van vrije zuurstof bereikte met 7 milligram per liter een hoog niveau. Ook de aanwezigheid van ammonium en van fosfaten was nooit zo laag als in 2000. Enkel de concentratie nitraat blijft hangen op 5,4 milligram per liter. Dit heeft onder meer te maken met de vervuiling van de landbouw. Speciaal voor de landbouwsector heeft de VMM in 1999 een meetnet opgesteld om de pure lozingen te meten.

Uit die metingen blijkt dat in één jaar het aantal overschrijdingen van de basiskwaliteit voor water voor nitraat (50 milligram per liter) met 12 procent verminderd is tot 48,5 procent. Vooral in Antwerpen en in Oost-Vlaanderen verminderde het aantal overschrijdingen van de basiskwaliteit drastisch. In West-Vlaanderen wasde verbetering gering, maar gemiddeld reageert de landbouw zeer positief op het aparte MAP-meetnet, aldus D'''Hondt.

Door gedetailleerde metingen uit te voeren op steeds meer parameters en in functie van de mogelijke vervuiling, is de VMM elk jaar beter in staat de vinger op de wonde te leggen. Zo werd duidelijk dat zowel voor de inwoners als voor de industrie de vervuiling vooral afkomstig is van lozingen op riool die geen waterzuiveringsstation passeren. De bouw van waterzuiveringsstations blijft dus prioritair.

Een tweede trend is dat meer dan de helft van de waterzuiveringsstations water binnen krijgt dat moeilijk te zuiveren valt. Het gaat om een te grote verdunning van het afval, zodat de zuiveringsbiologie niet langer functioneert. Beletten dat het regenwater in de riolen terecht komt, lijkt de gepaste oplossing, zei D'''Hondt.

De VMM meet sinds vorig jaar ook microverontreinigingen bij bedrijven die dergelijke stoffen lozen. Zo bleek dat sommige bedrijven ver boven de waarden uitkwamen. Voor gehalogeneerde fenolen en voor aromatische verbindingen bereikte Bayer Antwerpen het hoogste peil.

Inzake monocyclische aromatische koolwaterstoffen (MAK'''s) is UCB uit Drogenbos kampioen met een concentratie van 12.600 microgram tolueen per liter water. In juni nam UCB een biologisch zuiveringsstation in gebruik en is de lozing onder de detectiedrempel gevallen, zegt Alain Douchamps van UCB. Rutgers VFT uit Zelzate bereikte een concentratie van 13.200 nanogram per liter polycyclische aromatische koolwaterstoffen of PAK'''s.

VDB

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud