Advertentie

Groei Belgische economie halveert in 2001

De matige economische groei heeft twee onaangename gevolgen. De werkloosheid daalt niet meer en de regering moet voor het eerst sinds lang weer bezuinigen om haar begrotingsdoelstelling te halen.

Begin dit jaar waren de vooruitzichten voor de Belgische economie nog gunstig. De meeste economen voorspelden een groei van zowat 3 procent. Sindsdien verslechterde de internationale omgeving echter drastisch. Vooral in de Verenigde Staten vertraagde de groei na vele jaren van hoogconjunctuur. Maar de grootste verrassing is de grote gevoeligheid van de eurozone, en dus ook België, voor de Amerikaanse groeivertraging.

De verslechtering van het economische klimaat in België komt zeer duidelijk tot uiting in de forse daling van de conjunctuurbarometer van de Nationale Bank. Deze indicator van het ondernemersvertrouwen staat bijna even laag als in het vierde kwartaal van 1998, toen het BBP lichtjes daalde in vergelijking met het derde kwartaal. Het consumentenvertrouwen ligt een stuk hoger dan tweeëneenhalf jaar geleden. Verschillende economen denken dat de Belgische economie in het tweede kwartaal van 2001 ongeveer een nulgroei boekte tegenover het eerste kwartaal.

De grote vraag is wanneer de conjunctuurcyclus zijn dieptepunt bereikt. Sommige recente indicatoren suggereren dat in de VS het dieptepunt is bereikt. Maar in de eurozone en België wijzen de meeste indicatoren op een verdere groeivertraging. Sommige economen verwachten een heropleving van de Belgische economie vanaf het derde kwartaal.

Indien zij gelijk krijgen, groeit de Belgische economie dit jaar waarschijnlijk met wat meer dan 2 procent. Andere economen zijn pessimistischer en verwachten pas vanaf het vierde kwartaal een herstel. Als zij het bij het rechte eind hebben, stijgt het BBP in 2001 wellicht met iets minder dan 2 procent. Een groei van 2 procent zou het slechtste resultaat zijn sinds 1996.

De groeivertraging van de wereldeconomie heeft tot gevolg dat de netto-uitvoer (uitvoer min invoer) een kleinere bijdrage levert tot de Belgische groei dan vorig jaar. De private consumptie blijft profiteren van het hoge consumentenvertrouwen en de versnelde stijging van het beschikbaar inkomen. De koopkracht van de Belgische gezinnen neemt meer toe dan vorig jaar omdat de belastingdruk lichtjes daalt, de sociale uitkeringen stijgen en de olieprijzen stijgen niet meer. In 2000 bleven de lonen achter op de stijging van de consumptieprijzen omdat de lonen gekoppeld zijn aan de gezondheidsindex.

Maar de verkoop van nieuwe auto 's daalt flink omdat in 2001 geen Autosalon plaatsvond. De inschrijvingen van nieuwe personenwagens daalden in het eerste halfjaar met 11 procent. De lichte stijging in juni laat echter doorschemeren dat de weerslag van het afwezige Autosalon uitgedoofd is. Economen verwachten dat de consumptie van de gezinnen voor het eerst sinds 1994 trager groeit dan het beschikbaar inkomen.

De bedrijfsinvesteringen blijven duidelijk toenemen. Dit is te danken aan de hoge bezettingsgraad van de productiecapaciteit en de lage langetermijnrente. De investeringen van de overheid daarentegen dalen flink. Dit is de normale terugval in het jaar na gemeenteraadsverkiezingen. De voorraadvorming levert geen en misschien zelfs een negatieve bijdrage tot de economische groei. Bedrijfsleiders zeggen immers dat hun voorraden beduidend groter zijn dan normaal.

De industriële productie steeg nog in het eerste kwartaal, maar daalt sinds april. De vooruitzichten zijn niet gunstig, want de bestellingen verminderen en bedrijfsleiders uit de verwerkende nijverheid willen hun grote voorraden afbouwen.

De groeivertraging heeft tot gevolg dat de werkgelegenheid niet meer zo snel groeit als vorig jaar. Upedi, de beroepsvereniging van de uitzendkantoren, meldde onlangs dat de activiteit van de sector het laatste jaar de grootste daling vertoonde sinds de recessie van 1993. Economen voorspellen dat het aantal jobs dit jaar met zowat 40.000 eenheden stijgt, iets meer dan de helft van de banengroei van vorig jaar. Tegelijkertijd stijgt de beroepsbevolking relatief snel, vooral door de regularisatie van ongeveer 45.000 mensen zonder papieren.

De kleinere groei van de werkgelegenheid en de flinke toename van de beroepsbevolking heeft tot gevolg dat de werkloosheid niet meer daalt. De werkloosheidsgraad gemeten volgens de definitie van het Internationaal Arbeidsbureau stabiliseerde in juni voor de zesde opeenvolgende maand op 6,8 procent. Aangezien de arbeidsmarkt met enkele maanden vertraging reageert op de economische groei, is er veel kans dat de werkloosheid de komende maanden lichtjes stijgt. Met uitzondering van de kleine stijging in augustus 2000 is het ruim drie jaar geleden dat de werkloosheid nog groeide.

Ondanks de groeivertraging valt de inflatie veel hoger uit dan verwacht. De aanhoudend hoge inflatie is in belangrijke mate te wijten aan de hoge olie- en voedselprijzen. De BSE-crisis en mond- en klauwzeerepidemie deden de vleesprijs flink stijgen, terwijl het slechte weer in maart en april leidde tot dure verse groenten en fruit. Maar de piek van de inflatie lijkt achter de rug. Economen verwachten dat de inflatie dit jaar terugvalt tot 2,3 procent tegenover 2,5 procent vorig jaar.

De zwakke conjunctuur heeft negatieve gevolgen voor de financiële gezondheid van het bedrijfsleven. Het onderzoeksinstituut IBES voorspelt dat de winst per aandeel van de grote Belgische ondernemingen dit jaar met 1 procent daalt. Het aantal faillissementen steeg in het eerste halfjaar met 0,45 procent tot 3.722 eenheden.

Een van de belangrijkste slachtoffers van de groeivertraging zijn de overheidsfinanciën. De regering streeft een overschot na van 0,2 procent van het BBP en baseerde haar begroting op een economische groei van 2,5 procent. Niet alleen de tegenvallende groei vereist een bijsturing van de begroting. De BTW-ontvangsten zijn lager dan verwacht omdat de administratie uitzonderlijk veel BTW moet terugstorten. Bovendien overschrijden de uitgaven van de ziekteverzekering voor de zoveelste keer de norm. De Nationale Bank waarschuwde onlangs dat de niet-rente-uitgaven dit jaar veel te snel groeien.

Gelukkig is er een rentemeevaller en is het uitgangspunt voor 2001 gunstig, want het begrotingsresultaat van 2000 was beter dan verwacht. De overheidsrekening sloot vorig jaar met een boni van 0,1 procent van het BBP, het eerste overschot in een halve eeuw. Toch is wellicht een ingreep van zowat 600 miljoen euro (24 miljard frank) nodig om de begrotingsdoelstelling te halen.

Economen beginnen ook al iets verder in de toekomst te kijken. Ze voorspellen dat de groei van de Belgische economie in 2002 weer aantrekt tot 2,6 procent. Ons land profiteert volgend jaar van de internationale heropleving. Bovendien ondersteunt de geleidelijke verlaging van de personenbelasting de consumptie en de binnenlandse vraag. Dankzij de groeiversnelling daalt de werkloosheid weer en krijgt de regering iets meer budgettaire ademruimte. De inflatie valt terug tot minder dan 1,8 procent.

Wouter VERVENNE

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud