Japan en consumentenvertrouwen als grootste risico's voor economisch herstel

Het centrale scenario is relatief mild, met als steracteurs een Amerikaans herstel en een herstel in Europa tegen medio volgend jaar. Volgens Dornbusch zorgen monetaire stimuli - vooral vanuit de Fed, en wat aarzelend ook vanuit de ECB - voor een solide basis die de vraag ondersteunt. Volgens hem is er geen enkele reden om eraan te twijfelen dat monetaire stimulansen, als ze maar voldoende groot zijn, zouden werken.

Alles wijst erop dat een monetaire versoepeling altijd wat tijd vergt voor ze resultaten afwerpt. Dat is vandaag niet anders. Er is ook - in de VS, maar niet in het Europa-met-het-Maastrichtkeurslijf - een aanzienlijke fiscale stimulans. Er is al een Amerikaanse belastingverlaging van 0,5 procent van het BBP op weg; en nog eens een volle procent van het BBP voor fiscale uitgaven en belastingverminderingen wacht op definitieve goedkeuring.

In het verleden heeft de combinatie van monetaire en fiscale expansieve maatregelen de economie, vooral in de VS, uit elke recessie gekregen. Ook dit keer is het niet anders, gelooft Dornbusch. Want als je naar de VS kijkt, zie je dit keer toch een aantal positieve factoren: geen bankcrisis, geen vastgoedcrisis. De aandelenmarkt, die zo sterk was gestegen, is teruggevallen tot een punt waarop zelfs de langetermijnwaarnemers denken dat de grootste verkoopgolf voorbij is.

Zwakke punten zijn er natuurlijk over de hele wereld volop te vinden. Japan zit in een recessie, en het lijkt onwaarschijnlijk dat het daar snel zal uit komen. Er zijn nog nauwelijks beleidsinstrumenten over om de Japanse economie uit het moeras te krijgen. De populaire redenering om de inflatie aan te zwengelen en zo de economie weer op gang te trekken, illustreert hoe weinig effectieve instrumenten Japan nog heeft om zichzelf te helpen, en hoezeer het zindelijke denken is aangetast. Vandaar dat Dornbusch Japan nu het belangrijkste risico voor de wereldeconomie noemt. Als het land kapseist, zal het heel Azië meesleuren. In dat geval is een diepe wereldwijde recessie - of erger - onontkoombaar. En toch zou een snel herstel in de VS het land weer enkele jaren drijvende kunnen houden, gelooft Dornbush.

Een tweede zwak punt is volgens hem Europa, al is de situatie hier lang niet zo kritisch als in Japan. De Europese Centrale Bank (EDB) is heel voorzichtig met het verlagen van de rente; ze blijft geobsedeerd door inflatiezorgen, ook al is inflatie vandaag de laatste van alle zorgen. De Europese openbare financiën zijn door het Verdrag van Maastricht vergrendeld, van die kant kan er geen groeistimulans komen.

Als er niet snel een stevig Amerikaans herstel komt, zal Europa nog spijt hebben van zijn normen van Maastricht, waarschuwt Dornbusch. Die normen maken anticyclische maatregelen immers onmogelijk. Het budgettaire keurslijf van Maastricht werd uitgevonden om de Duitse obligatiehouders te kalmeren in het vooruitzicht van de Economische en Monetaire Unie (EMU); maar het zou nu wel eens een ramp kunnen blijken. Voorlopig vertrekt Europa nog van cijfers die net boven het recessiepeil liggen. Maar die vooruitzichten zouden wel eens te optimistisch kunnen zijn, en een negatieve spiraal zou zich in Europa kunnen ontwikkelen naarmate de Amerikaanse recessie zich uitbreidt tot de wereldeconomie.

Als derde zwakke front noemt de hoogleraar economie aan het MIT de nieuwe markten. Latijns Amerika zit volop in een recessie. Argentinië zal straks zijn schulden niet meer kunnen betalen, Brazilië zit met een recessie dankzij het verkiezingsjaar en de schuldproblemen met Argentinië. Mexico staat voor een recessie. Er zal geen hulp komen uit de wereldeconomie, voorspelt Dornbusch. Integendeel, de belangrijkste Zuid-Amerikaanse economieën lijken nu op een rivier waarvan het waterpeil zo is gezakt dat er allerlei vuiligheid bovenuit steekt. Dat geldt trouwens ook voor Azië, waar gebrek aan export en uitblijven van hervorming de groei halveerden.

Waarom bijft Dornbusch dan geloven in een milde recessie en een snel herstel? De belangrijkste reden is dat in de VS er niets anders aan de hand is dan het weggeëbd vertrouwen, en dat zou binnenkort al kunnen terugkeren. De vloed aan monetaire en fiscale maatregelen zal vervolgens de schepen weer vlot trekken. Zo is dat gebeurd in de voorbije tien recessies, en deze is niet anders, behalve dan dat ze wellicht minder ernstig zal zijn, stelt Dornbusch.

Volgens hem staan we klaar voor een matig herstel van de wereldwijde groei zodra de VS uit de recessie raken en ook Europa herleeft. Maar Dornbusch gelooft niet dat er kans is op een nieuwe "boom". De wereldgroei zal langzaam oplopen tot 3 of 3,5 procent, en dat blijft zelfs beneden het gemiddelde van het verleden. De ontgoocheling die voor ons ligt, is dus niet de herneming die uitblijft, maar de traagheid van de groei, zodra die er is.

Dit kan natuurlijk allemaal nog fout gaan. Dornbusch wijst erop dat als het vertrouwen wereldwijd niet herneemt, de productie terugvalt. Dat was het geval in 1982, toen de wereldwijde groei terugviel tot amper 0,6 procent. Dat is nog altijd geen werelddepressie, maar het betekent wel gigantische problemen van werkloosheid en faillissementen over de hele wereld.

Volgens Dornbusch moeten we vandaag gaan voor een herstel, ten laatste medio volgend jaar. Hij wijst daarbij wel op twee centrale risicofactoren: het vertrouwen en Japan. Die kunnen het hele herstelscenario alsnog onderuit halen.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud