Advertentie

LHSP: het einde van de odyssee

Op 21 september 2000 schoot The Wall Street Journal een nieuwe torpedo af die het zwalpende LHSP-schip ('een schip met een schat aan boord', volgens Jo Lernout) definitief lek sloeg. De krant meldde dat de Amerikaanse toezichthouder Securities and Exchange Commission (SEC) een formeel onderzoek had geopend naar de handel en wandel bij LHSP. Dat de SEC voor de tweede keer in evenveel jaren een formeel onderzoek opende, deed op de beurs de stoppen doorslaan. Het aandeel van LHSP kreeg een dreun van 29 procent en zette een koersval in die niet meer zou stoppen.

Van de waarde van het aandeel is nauwelijks iets overgebleven. Cynisch genoeg zou LHSP wellicht ook zonder de in november 2000 toegegeven 'fouten en onregelmatigheden' nagenoeg zijn hele beurskapitalisatie hebben verloren. Branchegenoten van LHSP zagen het voorbije anderhalf jaar hun aandelen eveneens met meer dan 90 procent dalen.

Waar LHSP in het najaar 2000 voor het vertaalbureau Mendez Translations nog een overnamebod kreeg van bijna 200 miljoen dollar, werd het vertaalbedrijf enkele weken geleden voor amper 44,5 miljoen dollar verkocht. De Amerikaanse dicteergroep Dictaphone, in het voorjaar 2000 werd gekocht voor nagenoeg 900 miljoen dollar, wordt vandaag gewaardeerd aan 150 miljoen dollar.

De waardevernietiging van het kapitaal van LHSP en zijn dochterbedrijven heeft bij een deel van de publieke opinie geleid tot de perceptie dat LHSP op lucht was gebouwd. Dat strookt niet met de gegevens uit het herstelplan van LHSP. De moedervennootschap LHSP, met de Belgische naamloze vennootschap als spil en met daarnaast het zusterbedrijf in Burlington (VS), realiseerde van januari tot en met mei 2001 ondanks alle tumult een omzet van 10 miljoen dollar. Het nettoverlies van 134,6 miljoen dollar over dezelfde periode heeft in grote mate te maken met waardevermindering en provisies en zegt dus niets over het operationele niveau.

L&H Holding, de Amerikaanse koepel boven onder meer Applications Technologies (AppTek) en Dragon Systems, realiseerde in de eerste zes maanden van 2001 een omzet van 16,3 miljoen dollar maar keek wel aan tegen een verlies van 40,3 miljoen dollar. Dictaphone realiseerde in het eerste halfjaar een omzet van 114 miljoen dollar en leed een verlies van 67,5 miljoen dollar. Een ruwe berekening leert dat de groep LHSP op jaarbasis goed zou zijn voor een omzet van circa 280 miljoen dollar of meer dan 12 miljard frank.

Er zit dus wel degelijk substantie achter de 'windmachine' die sommigen vandaag zien in LHSP. De omzet is overigens exclusief de vloed aan licentie-inkomsten die LHSP ooit genereerde uit zijn franchisesysteem van language development companies (LDC's). Ook de bedrijfsinkomsten uit Mendez zitten niet in de cijfers, evenmin als de omzet die LHSP destijds in Korea realiseerde en die - samen met de inkomsten uit de LDC's - nagenoeg volledig is weggeboekt.

Veel geld zal LHSP niet kunnen halen uit de verkoop van zijn activiteiten. De belangrijke medische dicteer- en transcriptietechnologie PowerScribe werd deze week voor 20 miljoen dollar verkocht aan dochterbedrijf Dictaphone. Volgende dinsdag behandelt de Amerikaanse faillissementsrechtbank de afsplitsing van Dictaphone in een zogenaamd New Dictaphone. Voor de omzetting van de schuldvordering van L&H Coordination Center op Dictaphone in aandelen van New Dictaphone, verwerft LHSP een pakket aandelen van ongeveer 10 miljoen dollar.

Dictaphone maakt na de omzetting van de schulden in aandelen een grote kans om snel weg te raken uit de Chapter 11-procedure, het Amerikaanse gerechtelijk akkoord. Dat is ook dringend nodig. Een Amerikaans bedrijf dat binnen Chapter 11 geniet van een opschorting van betaling mag immers geen overheidsopdrachten uitvoeren.

Dat is volgens secretaris-generaal Thomas Denys van LHSP de reden waarom LHSP er niet onderuit kan zijn bedrijven AppTek en Kurzweil van de hand te doen. Onder meer de groep 'Believers', een kern van Vlaamse aandeelhouders die moord en brand schreeuwt over de ontmanteling van de groep, tekende voor de rechtbank van koophandel te Ieper protest aan tegen de verkoop van AppTek en Kurzweil.

AppTek, gespecialiseerd in automatische vertaalsystemen voor talen uit het Midden-Oosten, waaronder het Arabisch, werd in maart 1998 overgenomen voor 17,5 miljoen dollar. AppTek werkt volgens Denys voornamelijk voor Amerikaanse instellingen zoals de CIA en het FBI en moet dringend worden losgeweekt van LHSP.

Dat geldt evenzeer voor Kurzweil Applied Intelligence, in april 1997 overgenomen voor 53 miljoen dollar. KAI was gespecialiseerd in technologie voor de medische sector en had de zogenaamde Clinical Reporter ontwikkeld, die gebruikt werd in 500 Amerikaanse ziekenhuizen. Kurzweil leverde LHSP in 1997 vooral zijn continue spraakherkenning op, een technologie die het het Dictation Consortium mogelijk maakte het dicteersysteem VoiceXpress te ontwikkelen.

Dat LHSP met de verkoop van AppTek en KAI - vermoedelijk via een management buy-out - nooit zijn initiële investering zal terugverdienen, staat zo goed als vast. Eveneens in de etalage staat de bedrijfseenheid Intelligent Content Management, die intelligente zoekrobots heeft ontwikkeld voor het internet. Het gaat om Knexys uit Antwerpen, een voormalig dochterbedrijf van het Duitse SailLabs. SailLabs, toen nog Gesellschaft für Multilinguale Systeme MmbH (GMS) genaamd, werd in april 1997 overgenomen voor 14,7 miljoen dollar. Dankzij de technologie van GMS kon de Brussels Translation Group de zoekrobot iTranslator ontwikkelen.

Ook de divisie AudioMining, technologie om informatie te zoeken in klankbestanden, wordt verkocht. Wat tot slot nog in de etalage staat, is de spraak- en taaltechnologie van LHSP: tekst-naar-spraak (met RealSpeak, dat wereldwijd wordt erkend als superieure technologie), automatische spraakherkenning (onder meer Dragon Naturally Speaking en VoiceExpress), sprekeridentificatie en compressietechnologie. Met deze technologieën richt LHSP zich in hoofdzaak op de markt van de (mobiele) telefonie en op de automobielmarkt. De verticale toepassingen in de medische sector worden immers integraal verkocht.

De spraak- en taaltechnologie vormt de overblijvende kern, waarvoor het management van LHSP twee niet-bindende biedingen heeft. De namen van de twee kandidaat-investeerders worden door LHSP niet bevestigd om de onderhandelingen niet in het gedrang te brengen. Topmanager Philippe Bodson maakte wel bekend dat de initiële biedingen slaan op ongeveer 20 miljoen dollar.

Het management hoopt evenwel om, net als bij Mendez, een biedingsronde te kunnen organiseren met verschillende kandidaten om toch een substantieel hogere opbrengst uit de verkoop te halen. Dat zal evenwel enkel kunnen met de goedkeuring van de rechtbank van koophandel te Ieper. Einde september vervalt immers de voorlopige opschorting van betaling. LHSP heeft minstens enkele weken nodig om de verkoop van de overblijvende technologie af te ronden. 'Als er op 1 november geen bindend bod is, leggen wij onherroepelijk de boeken neer', zei Bodson dinsdag aan de rechtbank.

Als het van de commissarissen in voorlopige opschorting afhangt, geeft de rechtbank aan LHSP best twee tot drie maanden respijt om de verkoop te realiseren. In dat geval kent de rechtbank een gerechtelijk akkoord toe voor een korte periode.

Het valt dan nog af te wachten of de overnemer de activiteiten in Ieper behoudt, dan wel alles centraliseert in Wemmel. Het doemscenario voor de streek van Ieper is dat de overnemer alles overhevelt naar de Amerikaanse vestiging in Burlington. Dan blijft er in ons land van LHSP niets meer over. Staalharde garanties voor (over)blijvende tewerkstelling in West-Vlaanderen zijn er in elk geval niet.

Van voorzitter Handschoewerker is een andere bekommernis bekend: het lot van de vele kleine aandeelhouders die soms aanzienlijke bedragen verloren aan hun belegging in LHSP. Het is duidelijk dat het herstelplan nauwelijks vooruitzicht biedt op een vergoeding voor de kleine aandeelhouder.

Het herstelplan dat in de VS werd neergelegd, maakt uitgebreid melding van een procedure die werd gevoerd door Artesia. De procedure werd op 31 mei weliswaar bevroren, maar dat belet niet dat Artesia eventueel zal worden erkend als bevoorrecht schuldeiser. In dat geval gaat 23,6 miljoen dollar uit de verkoop van de activiteiten van LHSP naar Artesia.

Artesia, en de andere bankiers, hebben alle baat bij een kortlopend gerechtelijk akkoord. Maar het kan ook andere kanten uit. Als het akkoord niet wordt toegekend, is een faillissement heel dichtbij. Er kan, zoals een aantal schuldeisers vorderen, nog een ander scenario worden gevolgd: de bijeenroeping van een buitengewone algemene vergadering met op de agenda de ontbinding van de vennootschap.

Het worden bange uren in Ieper, maar een zaak staat vast: het einde van de odyssee is nu zeer nabij.

Luc VAN AELST

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud