Nasdaq zoekt Europese beleggers

De Verenigde Staten zijn nog steeds veruit de belangrijkste debiteur in de wereld. Het tekort op de lopende rekening bedraagt ruim 4,5 procent van het bruto binnenlands product. De belangrijkste oorzaak van dit tekort is het sterk ontspoorde goederenbalansdeficit als gevolg van de fors gestegen invoer en de zwakkere ontwikkeling van de uitvoer. De sterke dollar en de goede economische performance van de VS zijn hieraan niet vreemd. Dit wordt gedeeltelijk gecompenseerd door een boni op de dienstenbalans.

Opvallend is wel dat niet meer de federale overheid op zoek is naar buitenlands kapitaal, maar nu veeleer de privé-sector. Trouwens, de riante economische performance in de jaren negentig en een moedig begrotingsbeleid van de regering-Clinton hebben het gigantische begrotingstekort van de presidenten Reagan en Bush senior weggewerkt en de basis gelegd voor een hoopgevend overschot. De forse belastingverlaging door president Bush junior zal dat overschot grotendeels afromen. Het is trouwens een illusie te geloven dat de zogenaamde terugverdieneffecten zich snel zullen manifesteren gezien de huidige slabakkende economie. Ondertussen is de schuldpositie van de Amerikaanse gezinnen (78% van het BBP) en bedrijven (70% van het BBP) fors opgelopen. Een stevige ontwikkeling van de consumptiebestedingen en de versnelde investeringen in nieuwe technologieën door de ondernemingen liggen aan de basis van deze schuld.

De financiering ervan leverde totnogtoe geen problemen op, want buitenlands en vooral Europees kapitaal zocht een weg naar de VS, door velen toch beschouwd als een soort beloofde land: stevige economische groei, new economy hype, sterk presterende dollar, aantrekkelijk kort- en langlopend rentevoordeel. Heel wat Europese concerns deden directe investeringen in de VS met het oog op de uitbouw van een internationale groep. VS-bedrijven werden tegen soms zeer hoge prijzen overgenomen.

Wat de financiële beleggingen betreft waren het niet de VS-overheidsobligaties of het VS-schatkistpapier die gekocht werden, maar vooral VS-aandelen. Europa heeft een veel hogere spaarquote dan de VS, maar relatief lage beleggingen in aandelen. De belangrijkste reden om veel te sparen is niet zozeer de traditie, maar het zorgen voor een bijkomend inkomen eens men met pensioen gaat. Aandelen zijn langetermijnbeleggingen die in het verleden beter presteerden dan obligaties. Bijgevolg stijgt het relatief gewicht van de aandelen in de portefeuilles. Gezien de versnippering van de Europese beurzen, de nog te hoge kosten, het ruimere en gediversifieerde aanbod in de VS, zoekt heel wat kapitaal een weg naar de Amerikaanse aandelen.

Daarnaast is er ook het opvallende verschil in de samenstelling van de technologie, media en telecommunicatie (TMT) indexen tussen de VS en Europa. In de VS is het overwicht van de informatietechnologie en software sectoren enorm terwijl in Europa vooral de telecommunicatie in de kijker loopt. Telecom is echter afhankelijk van de twee andere sectoren en dus kwetsbaarder indien IT en/of software in de problemen geraken. Tot maart 2000 werd dan ook fors belegd in VS TMT-aandelen.

Opvallend is dat onder de Europese belegger vooral Duitse en Engelse beleggers een belangrijke rol hebben gespeeld in de ontwikkeling van de Nasdaq. De Franse beleggers zijn veel minder actief geweest gezien de sterke ontwikkeling van de Parijse beurs in vergelijking met andere Europese beurzen. De ineenstorting van de Nasdaq sinds maart 2000 en elke tijdelijke heropflakkering van de koersen in een weliswaar voorlopig nog altijd neerwaartse trend vinden wij zeer mooi terug in het afstoten of het aankopen van VS-aandelen door de Europese beleggers. Ondertussen flirt de Nasdaq met de 2.000-puntengrens, wat overeenstemt met het koerspeil van eind 1998. De Europese nettoaandelenaankopen zijn na hun piek van 25 miljard dollar in februari 2000 teruggevallen tot hooguit 4 miljard dollar in april 2001. Ook dat peil stemt overeen met einde 1998.

Gezien de weinig overtuigende ontwikkeling van de Nasdaq sindsdien mag verwacht worden dat de VS-aandelen nog verder uit de gratie van de Europese beleggers zullen vallen.

Betekent dit dat Europese aandelen de place to be worden? Spijtig genoeg niet, want de Europese beurzen blijven vooralsnog sterk gecorreleerd met de Amerikaanse en maken nu ook een moeilijke periode door. Bovendien is de Europese economie nog niet aan een stabilisering op laag niveau toe. De problemen in de Europese telecomsector zijn enorm door de ontspoorde schuldenlast. De Europese beleggers die in de VS zitten, zijn nog niet van plan terug te keren naar Europa. Ze hebben hun kapitaal gewoon geswitcht van VS-aandelen naar VS-ondernemingsobligaties gezien de mooie rendementen.

Dit is niet zonder risico, want veel van die debiteuren zitten ook met een belangrijke schuld en zouden misschien wel eens niet alle rentebetalingen kunnen doen of de hoofdsom terugbetalen indien de VS economie nog enkele kwartalen zo zwak zou presteren. Sommige zijn wel degelijk zogenaamde junkbonds met alle risico ' s van dien. Dit fenomeen verklaart ook voor een gedeelte de permanente flauwte van de euro.

De tot eind 1999 opgetekende correlatie tussen de Europese nettoaankoop van de VS aandelen en de euro is sinds de crash van de Nasdaq verbroken. Europese beleggers verkiezen duidelijk in dollar te blijven en Amerikaanse beleggers durven het blijkbaar niet aan grote posities in Europese aandelen te nemen gezien de tegenvallende Europese economische performance en het wantrouwen ten aanzien van de ECB.

Het wordt voor de euro dan ook moeilijk snel hogerop te klimmen tenzij de regering-Bush de dollar omlaag praat en de VS-economie zo zwak zou blijven presteren dat de Fed haar rentevoeten nog fors zou verlagen, waardoor er een riant rentevoordeel zou ontstaan voor de euro.

Chief Economist

Artesia Banking Corporation

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud