Voor aandelenfondsen lijkt het ergste achter de rug

Aandelenfondsen presteerden de afgelopen maanden ondermaats. Aandelenfondsen die wereldwijd gediversifieerd beleggen, legden de afgelopen drie maanden een negatieve return van 15 procent voor. In één jaar gingen deze fondsen zelfs bijna 30 procent lager. Nog erger was het gesteld met de beleggingsfondsen die in de TMT-sectoren beleggen.

Technologiefondsen verloren in drie maanden ongeveer 25 procent. In één jaar bedroeg het verlies bijna 50 procent. Het derde kwartaal behoort bij de topdrie van slechtste kwartalen sinds het begin van de beleggingsgeschiedenis. Alleen in 1973 en 1928 deden de beurzen het nog slechter. De situatie op langere termijn oogt echter allerminst dramatisch. Op drie jaar legt het gemiddelde wereldwijde aandelenfonds nog steeds een positieve return voor van meer dan 32 procent.

Geannualiseerd betekent dit nog een jaarlijkse return van 10 procent. Op vijf jaar bedraagt de return meer dan 67 procent, wat neerkomt op een geannualiseerde return van bijna 11 procent. Voor de langetermijnbelegger is er dus allerminst reden tot paniek.

De belangrijkste vraag van de belegger is of de dalende trend op de aandelenbeurzen zich nog zal doorzetten. Sommige analisten halen uit het verleden genoeg voorbeelden om te geloven dat herstel op de beurzen nakend is. In 1990 was het antwoord van de Verenigde Staten op de inval van Irak in Koeweit voldoende om het vertrouwen op de beurzen terug te brengen. De beurzen bereikten zelfs al twee maanden vóór de aanval op Irak hun bodem en ook het consumentenvertrouwen leek weinig aangetast.

Toch is de huidige situatie compleet verschillend met wat zich in het verleden afspeelde. Ten eerste was de economische situatie vóór 11 september 2001 al allesbehalve rooskleurig. En ten tweede is de oorlog in Afghanistan niet vergelijkbaar met die in Irak. In tegenstelling tot in 1990 is de vrees voor terroristische vergeldingsaanvallen veel groter en blijft onzekerheid hét sleutelwoord op de financiële markten. Macro-economisch is er weinig nieuws dat op een herstel wijst. In de Verenigde Staten zijn de detailhandelsverkopen in september met 2,4 procent gedaald ten opzichte van augustus. De daling was flink onder de gemiddelde verwachting van economen, die een daling van 0,7 procent verwachtten. In augustus stegen de detailhandelsverkopen in de Verenigde Staten nog met 0,4 procent.

Voor de komende maanden zullen de detailhandelsverkopen zowat de belangrijkste indicator zijn voor een eventueel herstel. Hoewel het resultatenseizoen opnieuw is begonnen en de aandacht dan uitgaat naar de onderste lijn - winst of verlies - is het integendeel de bovenste lijn, de omzet, die bepaalt in welke richting de winst of verlies zal uitgaan. Zelfs een kleine wijziging in de omzet kan grote gevolgen hebben op de winsten. Volgens een Amerikaans onderzoek is de standaarddeviatie van de jaar-op-jaarbedrijfswinsten vier keer groter dan de standaarddeviatie van het bruto binnenlands product - als benadering voor de nationale omzet. Dit zou dus kunnen betekenen dat grote wijzigingen in de winsten gedeeltelijk verklaard worden door een kleine wijziging in de omzet. Dat is volgens analisten een van de redenen waarom de terugval van de omzet in het algemeen en in de technologiesector in het bijzonder zware gevolgen heeft gehad voor de beleggers.

Behalve met een terugval van de detailhandelsverkopen, kampen de Verenigde Staten ook met belangrijke voorraadproblemen. Voorraadoverschot is er vooral in de technologie- en telecommunicatiesector. Gewoonlijk volgen op een voorraadoverschot dalende prijzen, ontslagen en consolidatie in de sector. Deze problemen zullen volgens John Greenwood niet opgelost zijn voor het tweede halfjaar van 2002.

De consensus onder analisten is dat het nog enkele kwartalen zal duren voor er een economisch herstel komt. Volgens John Greenwood, hoofdanalist van Invesco, zullen de terroristische aanvallen ongetwijfeld leiden tot een lagere BNP-groei tijdens de komende kwartalen. Vóór 11 september was er sprake van een terugval vanwege een verminderd consumentenvertrouwen. De aanslagen hebben de terugval nog drastischer gemaakt. Niettemin verwacht Greenwood dat ook het herstel steiler zal zijn, maar dat het nu wel iets langer zal duren voor het er komt.

Betekenen de ongunstige vooruitzichten dat de belegger nog even aan de zijlijn moet blijven? Niet noodzakelijk. Volgens Greenwood noteren de aandelenmarkten aan niveaus zoals na de LTCM-crisis en de Europese recessie in het begin van de jaren negentig. Op dit moment zijn zowel de Verenigde Staten als Europa aantrekkelijk gewaardeerd op basis van het Discounted Cash Flow model. Dit model waardeert aandelen op basis van hun toekomstige dividenden. Dit laatste model is volgens Greenwood een meer stabiel waarderingsmodel dan een waardering op basis van winsten. Volgens Greenwood zijn Amerikaanse en Europese aandelen 20 tot 30 procent ondergewaardeerd.

In zijn aandelenselectie legt Greenwood nog vooral de nadruk op de defensievere waarden. "Vóór de aanslagen was Invesco overwogen in de farmaceuticasector met posities in Johnson & Johnson, American Home Products en Pfizer. Tijdens de afgelopen weken werden deze posities lichtjes afgebouwd en werd de nadruk gelegd op andere defensieve aandelen, zoals Anheuser Busch en Abbey National, die van een eventueel economisch herstel zullen profiteren. Ook de gediversifieerde financiële waarden zoals Fannie Mae, die voordeel kunnen halen uit lagere rentevoeten, werden aangetrokken. Inzake sectorspreiding worden telecommunicatiebedrijven zoals British Telecom, France Telecom en Deutsche Telecom opnieuw opgevist. Deze bedrijven zouden moeten profiteren van stabiele kasinstromen (vaste telefonie) en zullen ook minder concurrentie ondervinden wanneer nieuwe telecommunicatiebedrijven over de kop gaan. Negatief zijn we over de auto- en luchtvaartsector. Op termijn willen we ons aandeel in groeiaandelen opnieuw vergroten", aldus Greenwood.

Die keuze zal in grote mate samenhangen met de mate waarin de risicoaversie bij beleggers afneemt. De toegenomen risicoaversie heeft niet enkel de groeiaandelen onderuit gehaald, ook de groeimarkten kregen zware klappen. Enkel de landen met sterke balansen konden zich verweren. Samenhangend met de risicoaversiteit blijft ook de volatiliteit op de aandelenmarkten uitzonderlijk hoog. Greenwood verwacht dat de volatiliteit nog een tijdje zal aanhouden. Gezien de hoge mate van onzekerheid is het belangrijk over een geloofwaardige set van waarderingsmodellen te beschikken. Een verdere scherpe daling van de aandelenmarkten zou volgens Greenwood tot niet te rechtvaardigen dieptes leiden.

In deze onzekere tijden kunnen beleggers zich terecht afvragen of het niet te overwegen valt over te stappen naar obligaties. Met een lagere economische groei, een relatief lage inflatie en dalende intrestvoeten is het economisch klimaat gunstig voor zowel overheids- als bedrijfsobligaties. Volgens Greenwood hebben beleggers overgecompenseerd voor falingsrisico. Zelfs de grotere risicoaversie en de lagere kredietratings kunnen de credit spreads bij bedrijfsobligaties niet verantwoorden. De credit spread geeft aan hoeveel een belegger op zijn bedrijfsobligatie meer wil verdienen dan op een risicovrije overheidsobligatie. "Risicoaversie zal niet eeuwig voortduren, zodat bedrijfsobligaties op dit moment aantrekkelijk zijn", aldus Greenwood.

Gokken op een sterkere dollar is volgens Greenwood niet verstandig. Gebaseerd op de waarderingsmodellen en het huidige Amerikaanse handelstekort, is de dollar overgewaardeerd. Op korte termijn is het echter verre van zeker dat de dollar in waarde zal dalen. Met de agressieve intrestverlagingen en de herziening van de fiscale politiek, kunnen de VS het eerste land worden dat zich herpakt. Onder deze omstandigheden is het moeilijk van een zwakkere dollar te spreken.

Ondanks alle hoop op een economisch herstel is voorzichtigheid voor de belegger nog steeds geboden. Door de onzekerheid en de hoge volatiliteit op de financiële markten is beleggen op korte termijn nog steeds uit ten boze.

Peter VAN MALDEGEM

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud