Advertentie

Welk percentage mogen aandelen in mijn portefeuille uitmaken?

In het beleggingsjargon is "Welk percentage aandelen neem ik in mijn portefeuille op?" de vraag naar de strategische benchmark van de portefeuille. Deze benchmark wordt bepaald door twee basisdeterminanten: het risicoprofiel en de tijdshorizon.

Het risicoprofiel is het moeilijkst te bepalen. Beleggers hebben nu eenmaal de neiging tot risicoaversie bij dalende aandelenkoersen en risicoaanvaarding bij stijgende beurskoersen. Toch moet elke belegger samen met zijn adviseur nagaan welk risicogevoel hij aankan.

Tegelijk is consistentie het allerbelangrijkste element van de risicoperceptie. Als u voor uzelf hebt uitgemaakt een bepaald risico aan te durven, mogen gebeurtenissen op de financiële markten hierop geen invloed meer hebben. Er bestaan gedetailleerde checklists waarmee vermogensbankiers deze risicoperceptie zoveel mogelijk proberen te objectiveren. Maar het risicoprofiel blijft toch steeds in belangrijke mate een subjectief "gevoel".

Objectiever is de vraag naar de tijdshorizon. Welk percentage aandelen u in portefeuille kunt opnemen, is vooral afhankelijk van de tijd die u hebt om de aandelenposities aan te houden en mogelijke zware beursschommelingen op te vangen.

Het verleden is nooit een garantie voor de toekomst, maar toch deden we een onderzoek naar de evolutie van de twee belangrijkste beleggingscategorieën op de markt waarvoor gegevens het langst beschikbaar zijn: de Verenigde Staten. Voor aandelen werken we met cijfers van de Dow Jones Industrial Average waarbij de dividenden steeds geherinvesteerd werden.

Voor obligaties werden de returns van Amerikaanse staatsobligaties (US Government Bonds langer dan 10 jaar) genomen. We bekeken gegevens van januari 1925 tot eind 2000, een tijdspanne dus van driekwart eeuw die ook twee beurscrashes (in 1929 en 1987) en vier oorlogen (de Tweede Wereldoorlog, Korea, Vietnam en de Golfoorlog) omvatte.

Uit de cijfers blijkt inderdaad dat aandelen op lange termijn de hoogste opbrengst hebben. Over een periode van 75 jaar zijn de cijfers zelfs hallucinant. Wie in 1925 het lumineuze idee had om in Amerikaanse aandelen te investeren en sindsdien ook alle dividenden herinvesteerde, behaalde een totaal rendement van 124.327,4 procent. De net iets minder goed geïnspireerde schoonbroer die in 1925 in Amerikaanse staatsobligaties belegde en ook alle inkomsten herbelegde, komt 'slechts' aan 3.827,4 procent. Nochtans ogen de geannualiseerde cijfers minder spectaculair. De return op jaarbasis voor aandelen over de beschouwde periode is 9,83 procent, tegenover 4,95 procent voor obligaties. De kracht van gecumuleerde returns wordt hiermee overduidelijk aangetoond.

Indien we de voorgaande cijfers nog verfijnen op maandbasis, komen we aan een gemiddelde maandelijkse return van 0,94 procent voor aandelen en 0,42 procent voor obligaties. Indien we de beste 1 procent van de maanden bij deze berekening niet laten meetellen, dalen deze cijfers echter spectaculair met een kwart tot 0,71 procent en 0,32 procent.

De conclusie hiervan is dat "market timing" (het in en uit de markt stappen) zeer gevaarlijk is. Wanneer u daardoor de 1 procent beste maanden mist, verliest u een belangrijk gedeelte van het langetermijnpotentieel.

Komen we echter terug tot onze basisvraag: welk percentage mogen aandelen van de portefeuille uitmaken? Op basis van de vermelde gegevens hebben we een optimale portefeuilleverdeling berekend.

Gebaseerd op de gegevens uit het verleden vonden we dat aandelen steeds meer dan 50 procent van de portefeuille mogen uitmaken. Ook al is de return van aandelen zeer volatiel van jaar tot jaar, toch is de potentiële return van aandelen hoog genoeg om, zelfs met een korte tijdshorizon, te verantwoorden meer dan 50 procent in aandelen te investeren. Voor een portefeuille die volledig in aandelen belegd wordt, is echter theoretisch een tijdshorizon van een

Intuïtief hadden we misschien verwacht dat wie een tijdhorizon van maar enkele jaren heeft, slechts een zeer beperkt deel van zijn vermogen in aandelen zou mogen beleggen. Dat de efficiënte portefeuilleverdeling aangeeft dat zelfs met een tijdshorizon van 1 jaar meer dan 50 procent in aandelen mag belegd worden, betekent echter niet dat er op deze termijn geen gevaar voor een negatieve return bestaat.

Een relevante vraag is dan ook hoe lang het duurt voor er met een redelijke zekerheid op een positieve return kan gerekend worden. Wie 95 procent zekerheid wenst op positieve returns, dient jammer genoeg tot de geduldige soort te behoren. Het duurt immers zo'n 12 jaar eer er 95 procent kans is op positieve returns. Wie met een 68-procentkans kan leven, ziet een positieve return op 3,5 jaar.

De belangrijkste conclusie is dat er geen eenvoudig antwoord bestaat op de vraag welk percentage aandelen in een beleggingsportefeuille mogen uitmaken. Het verleden leert wel dat een optimale portefeuillesamenstelling meer dan 50 procent aandelen bevat. U moet de kans op negatieve returns er dan wel bij nemen.

De auteur is lid van directiecomité bij bank Corluy.

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud