Werknemers binden met een groepsverzekering

De meest voor de hand liggende voordelen zijn een firmawagen, ziektekostenverzekering, extra vrije dagen, enz. Maar die hebben hun beperkingen. Goede werknemers ziet de bedrijfsleider bijvoorbeeld het liefst niet te veel afwezig door vakantie. In dit lijstje ontbreekt de groepsverzekering.

De groepsverzekering is een levensverzekeringscontract dat afgesloten wordt tussen de werkgever en de werknemer. Daarbij treedt de werkgever op als verzekeringsnemer en de werknemer als verzekerde persoon en als begunstigde bij leven. In de meeste gevallen is ook in een kapitaal, uitbetaalbaar bij overlijden, voorzien. Hoewel dit strikt genomen geen verplichting is, zijn de begunstigden bij overlijden veelal de huwelijkspartner of de kinderen. Dit in tegenstelling tot individueel aftrekbare levensverzekeringen en levensverzekeringen afgesloten in het kader van pensioensparen.

Bijkomend aan bovenvermelde waarborgen kan ook in een invaliditeitsverzekering worden voorzien. Hier heeft de klant de keuze tussen twee, eventueel cumuleerbare, waarborgen: een jaarrente - een vervangingsinkomen - uitbetaalbaar bij invaliditeit en de terugbetaling van de premies.

Deze laatste waarborg zorgt ervoor dat bij invaliditeit de premies van de groepsverzekering ten laste van de verzekeraar worden genomen. Dit is zeer belangrijk, omdat de getroffen werknemer bij een langdurige invaliditeitsperiode geen bezoldiging meer ontvangt en dus moeilijk zelf de premie van de groepsverzekering kan dragen.

Indien beide waarborgen samen worden onderschreven, ontvangt de getroffen werknemer gedurende de invaliditeitsperiode een vervangingsinkomen, blijft hij eventueel verzekerd bij overlijden en - zelfs indien hij geen professionele activiteiten meer kan uitoefenen - ontvangt hij een pensioenkapitaal. Dit alles zonder dat hij zelf nog premies hoeft te betalen.

De uitgekeerde rente wordt wel uitbetaald a rato de invaliditeitsgraad. Bij een invaliditeitsgraad lager dan 25 procent wordt geen rente uitgekeerd. Bij een invaliditeitsgraad hoger dan 67 procent wordt de rente volledig uitgekeerd.

De groepsverzekering wordt te dikwijls 'verkocht' door de werkgever aan de werknemer via een gewone opsomming van bovenvermelde waarborgen. Dit is jammer, want dankzij de fiscale voordelen, kan de werkgever de groepsverzekering echt gebruiken om zijn werknemers extra te motiveren en zelfs te binden. De groepsverzekering mag echt beschouwd worden als een zeer interessant periodiek spaarplan.

De betaalde premies worden verminderd met taksen, kosten (variërend tussen 2 en 5 procent) en de kosten van eventuele bijkomende waarborgen (overlijden, invaliditeit). De reserve van een contract bestaat uit de cumul van de netto premies. Deze reserve wordt gekapitaliseerd tegen een intrestvoet die varieert van 3,25 tot 3,75 procent. Bovenop deze percentages wordt een winstdeelname of bonus uitgekeerd. Die bonus is variabel en dus niet gegarandeerd, maar u mag ervan uitgaan dat maatschappij A met een contractuele intrestvoet van 3,75 procent een minder hoge bonus zal kunnen uitkeren dan maatschappij B, die slechts 3,25 procent garandeert.

De groepsverzekering is en blijft eigendom van de werknemer. Er geldt maar één uitzondering, namelijk het ontslag om gewichtige reden. Het is dus zijn persoonlijke pensioenspaarpot.

Bij de bepaling van het rendement berekenen we tegen welke intrestvoet die netto bezoldiging belegd zou moeten worden om hetzelfde eindresultaat te krijgen. We nemen een man van 45 jaar. Hij krijgt van zijn werkgever een groepsverzekering voorgesteld van 247,89 euro (10.000 frank) (inclusief taksen) per maand. Het betreft een kapitalisatieplan zonder bijkomende waarborgen. Op een duurtijd van 20 jaar groeit de reserve aan tot een basiskapitaal van 75.535,4 euro (3.047.098 frank). Verhoogd met een bonus van 24.037,63 euro bedraagt het totale pensioenkapitaal 99.573,03 euro (4.016.776 frank). Gezien de verzekeraar slechts 3,25 procent garandeert, ramen we de bonus op 2,50 procent.

In de studie wordt de 2.974,71 euro (120.000 frank) premie vergeleken met de bruto loonkosten voor de werkgever. Rekening houdend met een werkgeversbijdrage van 754,76 euro (30.447 frank) of 34,00 procent, bedraagt de eigenlijke loonsverhoging slechts 2.219,93 euro per jaar. Deze loonsverhoging wordt nog verminderd met de sociale bijdrage werknemer: 290,13 euro (13,07 procent) en 937,88 euro (personenbelasting en gemeentebelasting). De netto loonsverhoging bedraagt dus 991,94 euro (40.015 frank).

De uiteindelijke pensioenkapitalen worden echter ook belast. Het basiskapitaal van 75.535,4 euro wordt na aftrek van een Riziv-bijdrage (3,55 procent), een solidariteitsbijdrage (2 procent), belasting (16,83 procent) en gemeentebelasting herleid tot 58.629,85 euro (2.365.128 frank). De bonus, die vrij van belasting is, ontsnapt niet aan de Riziv- en solidariteitsbijdrage en wordt herleid tot 22.703,54 euro (915.861 frank). Aldus ontvangt de werknemer netto 81.333,37 euro (3.280.988 frank) op 65-jarige leeftijd.

Voor de berekening van het rendement rekenen we uit tegen welke intrestvoet de 991,94 euro (40.015 frank) dient te worden belegd, om in 20 jaar tijd een kapitaal van 81.333,37 euro op te bouwen. Die intrestvoet bedraagt 12,04 procent.

Naast de mogelijkheid om via het bedrijf persoonlijke risico's in te dekken, is de groepsverzekering, vooral dankzij de fiscale voordelen, een uiterst interessante belegging. Bovenstaande berekening indachtig, kan de groepsverzekering bijvoorbeeld ook worden gebruikt als alternatief in een bonusplan.

Lambert Peters, directeur bij F. van Lanschot Verzekeringen

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud