Logo
Partner Content biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.

6 misverstanden rond pensioenen doorprikt

‘Bij pensioensparen en langetermijnsparen vervroegd pensioengeld opvragen kan, maar is geenszins voordelig’ - Bart Chiau, senior expert bij NN en professor aan de faculteit economie van de UGent

Er doen heel wat foute veronderstellingen, verkeerde interpretaties en misverstanden over pensioenen de ronde. Bart Chiau, senior expert bij levensverzekeraar NN en professor aan de faculteit economie van de UGent, onthult de waarheid achter zes beweringen.

1. Pensioensparen is voldoende als aanvullend pensioen

‘Pensioensparen binnen de derde pijler is zeker al een stap in de goede richting om boven op het wettelijk pensioen een aanvullend pensioen op te bouwen. Maar in de praktijk gaat het over relatief kleine bedragen: maximum 990 euro per jaar of in het geval van duaal pensioensparen 1.270 euro. Veel beter nog is om pensioensparen te combineren met sparen voor uw pensioen binnen de tweede pijler. Voor werknemers kan dat via een groepsverzekering of een pensioenfonds. Daarbij betaalt de werkgever doorgaans het grootste deel van de premies. Voor zelfstandigen is er het vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen (VAPZ) en een individuele pensioentoezegging (IPT) voor wie een vennootschap heeft of een pensioenovereenkomst voor zelfstandigen (POZ) voor wie geen vennootschap heeft. Ook langetermijnsparen binnen de derde pijler en sparen binnen de vierde pijler zijn het bekijken waard.’

2. De opbouw van aanvullend pensioen start ik best op mijn 35ste

‘Begin zo vroeg mogelijk is ons advies. Pensioensparen kan al vanaf de leeftijd van 18 jaar. Vanaf het moment dat u een bepaald bedrag kan missen – en u hoeft daarvoor zelfs niet noodzakelijk het maximumbedrag te kunnen investeren – is pensioensparen het overwegen waard. Dat is immers een mooie manier van sparen. Vandaag staat er in België bijna 300 miljard euro geparkeerd op spaarrekeningen. Dat geld brengt daar nauwelijks iets op. Anderzijds doet slechts de helft van de Belgen aan pensioensparen, zo blijkt uit onze financiële gemoedsrustbarometer.  Nochtans valt daar met beleggingen in tak 23 of in pensioenspaarfondsen veel meer potentieel rendement mee te behalen. Hoe vroeger u start, hoe langer de looptijd. Pensioensparen is ook fiscaal voordelig om een aanvullend pensioen mee op te bouwen.’ 

3. Aanvullend pensioenkapitaal wordt niet belast

‘Veel mensen denken dat inderdaad. Maar dat klopt niet. Neem nu het voorbeeld van de groepsverzekering in de tweede pijler. De werkgever geniet daarmee een voordeel op de vennootschapsbelasting, en de werknemer een voordeel op de personenbelasting als hij zelf een persoonlijke bijdrage betaalt. Maar op de einddatum volgt daar nog een belasting op. In het geval van een groepsverzekering is dat in principe tussen de tien en twintig procent. Veel Belgen beseffen dat niet.’

4. Ik kan voordelig vervroegd mijn aanvullend pensioen opvragen

‘In de derde pijler kan – bij pensioensparen en langetermijnsparen – inderdaad vervroegd pensioengeld opgevraagd worden. Maar dat is geenszins voordelig. Integendeel, dat wordt erg zwaar belast. Wie pensioengeld bijvoorbeeld meer dan vijf jaar voor de einddatum opvraagt, kijkt aan tegen een belasting van 33 procent. In combinatie met uitstapkosten en gemeentebelasting kan dat in totaal oplopen tot een verlies van veertig procent. In de tweede pijler bij een groepsverzekering of voor zelfstandigen bij een VAPZ, POZ of IPT, kan het pensioengeld niet vervroegd opgevraagd worden. Behalve als het dient voor vastgoedfinancieringen. Meer concreet: als het gaat over de aankoop, de nieuwbouw of bij verbouwingen van een pand binnen de Europese Economische Ruimte (EER).’ 

5. Na mijn pensioen mag ik niet meer bijklussen

‘Mensen denken vaak verkeerd dat ze moeten stoppen met werken wanneer ze de wettelijke pensioenleeftijd bereiken. In de eerste plaats kunnen ze binnen hun huidige job nog doorwerken. Dat geldt zowel voor zelfstandigen als voor werknemers indien de werkgever daarmee instemt. Een andere optie is dat mensen wél met pensioen gaan, maar nog bijklussen. Mensen leven immers almaar langer en velen willen na hun pensioen nog sociale contacten onderhouden en iets bijverdienen boven op hun wettelijk pensioen. En dat mag, bijvoorbeeld in de vorm van een flexi-job. Wie minstens 65 jaar is bij pensionering of een loopbaan heeft van minimum 45 jaar, mag onbeperkt bijverdienen.’

6. Wie met pensioen is, heeft minder inkomen nodig

‘Dat klopt in de meeste gevallen niet. Vanaf het wettelijk pensioen vallen inderdaad een aantal kosten weg. Maar actieve gepensioneerden hebben net tijdens die levensfase extra tijd voor hobby’s, om op restaurant te gaan, te reizen of te winkelen. Ze dienen misschien door het wegvallen van de bedrijfswagen zelf een auto te kopen. Of ze willen hun kleinkinderen een financieel duwtje in de rug geven. Vroeg of laat volgt er vaak ook een zorgperiode die meer geld kan kosten dan voorzien. Allemaal zaken waar mensen te weinig bij stilstaan. Een aanvullend pensioen draagt mee bij tot een lang en gelukkig leven.’

Lees verder

Logo
Partner Content biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.