nieuwsanalyse

In federale regering stappen past niet in N-VA-strategie

©BELGA

De N-VA heeft er politiek-strategisch geen enkel belang bij om toe te treden tot een federale regering. Dat zou de strategie om Vlaanderen als baken van goed bestuur weer op de kaart te zetten doorkruisen.

Hoewel de N-VA er begin deze week in geslaagd is met CD&V en Open VLD haar partners voor de vorming van een Vlaamse regering te kiezen, heeft de partij geen goede beurt gemaakt. Dat ze een regering vormt met verliezers en de winnaar van de verkiezingen - het Vlaams Belang - aan de kant laat staan, wordt haar niet in dank afgenomen. ‘Is dat democratie?’, vragen veel kiezers - en niet alleen van het Vlaams Belang - zich af.

N-VA-kopstuk Theo Francken gaf in een Facebook-post toe dat het voor zijn partij ‘een moeilijke periode’ is. Dat het eigenlijk ondemocratisch is dat het Vlaams Belang niet in de regering zit. Maar volgens hem is dat de verantwoordelijkheid van de andere partijen, die niet bereid waren te praten met het Vlaams Belang. Als het van hem afhing, werd wel een regering gevormd met het Vlaams Belang.

De vraag is evenwel of die communicatie volstaat om de N-VA-achterban te sussen. Dat voorzitter Bart De Wever dan toch geen Vlaams minister-president wordt en in Antwerpen blijft, komt daar nog bij. ‘Kiezersbedrog’, luidde de reactie de voorbije dagen.

Deze legislatuur kan de laatste zijn waarbij extreemrechts aan de zijlijn staat.

De N-VA doet noodgedwongen aan damagecontrol, want na de zware verkiezingsnederlaag van 26 mei kan ze zich niet veel meer misstappen veroorloven. De partij verloor 287.691 kiezers en zal er alles aan doen om die terug te winnen. De sleutel daartoe is bewijzen dat Vlaanderen goed wordt bestuurd, redeneert de partij. Ze is van mening dat de regering-Bourgeois te weinig uit de verf kwam en steeds in de schaduw van de federale regering stond.

Maar nu moet het anders, wil ze kiezers terugwinnen van het Vlaams Belang, oordeelt de partij. Daarom wordt kandidaat-premier Jan Jambon ingezet als Vlaams minister-president. Hij moet Vlaanderen weer op de kaart zetten. Om die strategie goed uit te spelen moet de N-VA bewijzen dat ze Vlaanderen bestuurt en de federale regering niet. Ze heeft er dus geen enkel belang bij om in een federale regering te stappen.

Schaduw

Een heruitgave van een Zweedse coalitie is op federaal niveau niet mogelijk. Zonder de PS kan geen federale regering worden gevormd. Maar de N-VA zal niet in een regering stappen met de PS. Dat zou haar blootstellen aan de kritiek van het Vlaams Belang dat ze met haar grootste vijand in bed duikt. En dat zou het goede bestuur in Vlaanderen, dat de N-VA wil belichten, in de schaduw zetten.

De N-VA wil wel praten met de PS, maar enkel over confederalisme. De Franstalige socialisten willen daar niet van weten. En de N-VA zal niet in een regering stappen die geen stappen richting confederalisme zet. In 2014 liet ze het communautaire wél los, met alle gevolgen vandien. Om de meubelen te redden stapte de N-VA enkele maanden voor de verkiezingen uit de regering over migratie, een ander thema dat haar kiezers na aan het hart ligt. Maar het mocht niet baten. De N-VA verloor de verkiezingen, het Vlaams Belang won ze. De N-VA zal die fout geen tweede keer maken.

De N-VA zal niet in een regering stappen die geen stappen richting confederalisme zet.

CD&V en Open VLD beseffen dat. Dat verklaart waarom ze aanvankelijk niet wilden toehappen voor Vlaamse onderhandelingen. Ze wilden garanties dat de N-VA ook bereid was federaal mee te besturen, want anders dreigden de Vlaams-nationalisten vanuit Vlaanderen de federale regering - waar de liberalen en christendemocraten deel van uitmaken - te bestoken.

Die garantie konden ze niet krijgen, omdat de federale onderhandelingen geen millimeter vooruitgang boeken. En dus gingen CD&V en Open VLD overstag. Bij CD&V duurde dat niet zo lang. Want in eender welke mogelijke coalitie op federaal niveau is de partij eigenlijk niet nodig. Niet in een Bourgondische coalitie (N-VA, liberalen en socialisten), noch in een paars-groene regering.

Voor CD&V was een koppeling van de Vlaamse regeringsvorming aan de federale dus geen must. Voor Open VLD wel. De Vlaamse liberalen spelen mee in elk scenario dat voor de vorming van een federale regering voorligt. Zij koppelden beide formaties aanvankelijk wel aan elkaar, omdat ze garanties wilden dat de N-VA zou meebesturen op federaal niveau. Maar de Vlaamse liberalen losten die koppeling uiteindelijk, omdat ze beseften dat er federaal geen vooruitgang werd geboekt en Vlaanderen niet kon blijven wachten. Maar vooral omdat ze er zich bewust van waren dat De Wever ook een regering kon vormen zonder Open VLD, met CD&V en de sp.a.

De Vlaamse liberalen hebben daarom net als CD&V eieren voor hun geld gekozen. Maar dat heeft consequenties voor de federale regeringsvorming, die wellicht nog maanden geblokkeerd zal zitten. De federale informateurs Johan Vande Lanotte (sp.a) en Didier Reynders (MR) rekenden op een Bourgondische coalitie in Vlaanderen, die kon worden doorgetrokken naar het federale niveau. Maar dat was ijdele hoop. Voor Vande Lanotte en Reynders lijkt de toestand uitzichtloos.

Externe druk

In 2011, toen pas na 541 dagen een federale regering werd gevormd, dwongen de financiële markten de traditionele partijen alsnog een regering te vormen: dat werd de regering-Di Rupo. Maar nu is er voorlopig geen externe druk. Bovendien is het deze keer niet mogelijk om met de traditionele partijen een regering te vormen want de klassieke tripartite heeft geen meerderheid. De PS dringt aan op een paars-groene coalitie en zal op die nagel blijven kloppen. Maar Open VLD zal zich geen tweede keer laten verleiden om in een regering te stappen met de PS maar zonder de N-VA. Dan tekenen de Vlaamse liberalen hun doodvonnis.

Zo’n langdurige federale blokkering is koren op de molen van de N-VA en het Vlaams Belang. Die zullen benadrukken dat het in dit land onmogelijk is nog een federale regering te vormen. De ultieme uitweg zijn nieuwe verkiezingen, die dan neerkomen op een referendum over België.

De inertie zal het Vlaams Belang en de N-VA geen windeieren leggen. Het Belang hoopt erop in 2024 wel een meerderheid te hebben met de N-VA, om dan eindelijk te kunnen besturen. En de N-VA heeft geen schroom meer om met het Vlaams Belang in een regering te stappen. Deze legislatuur kan dus de laatste zijn waarin extreemrechts aan de zijlijn staat.

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect