Rusthuizen: een probleem van 120 miljoen

©Jef Boes

Woonzorgcentra krijgen 120 miljoen euro te weinig om het personeel in te zetten dat nodig is voor goede zorg. Een moeilijk op te lossen probleem, want Vlaanderen heeft geen geld en de prijzen verhogen is politieke zelfmoord.

Te weinig personeel, vereenzaamde bewoners en mensen die snakken naar de dood. Het was geen fraai beeld dat tv-kijkend Vlaanderen woensdagavond in een reportage van het één-programma Pano te zien kreeg over de woonzorgcentra. De problemen in de sector gaan al een tijd mee, zo bleek al uit een reeks van De Tijd twee jaar geleden. De reportage focuste op de wantoestanden in de commerciële sector, met spelers als Armonea en Senior Living Group. Maar de oorzaak zit, los van de specifieke problemen in de commerciële sector, dieper. Het is het een verhaal van structurele onderfinanciering, waarmee ook vzw- en OCMW-rusthuizen te kampen hebben.

1. Wat is het probleem met de rusthuizen?

De tijd dat de rusthuizen werden bewoond door kranige bejaarden die kaarten en dansnamiddagen organiseren, ligt al een tijdje achter ons. De voorbije jaren zijn het almaar meer verkapte ziekenhuizen voor chronische zorg geworden. Van de 80.000 mensen die in een rusthuis wonen, heeft intussen de overgrote meerderheid intensieve zorg nodig.

80.000
80.000 Vlamingen wonen in een woonzorgcentrum.

Het probleem is dat de geldstroom vanuit de overheid niet volgt. Zo’n 13.000 bejaarden wonen in een verkeerde kamer. Die is bestemd voor patiënten die weinig zorg nodig hebben en waarvoor maar in beperkte mate door de overheid gefinancierd personeel wordt voorzien. Die bewoners hebben evenwel nood aan een kamer voor zware zorg, die zwaarder wordt gesubsidieerd en waarvoor meer personeel moet worden ingezet.

Om de 13.000 bewoners op de juiste plek te krijgen, zou de Vlaamse regering hun kamer als een kamer voor zware zorg moeten erkennen. Dat is een dure zaak, want het jaarlijkse budget voor ouderenzorg van 2 miljard euro zou met 120 miljoen euro moeten worden verhoogd.

Vooralsnog is dat geld er niet, waardoor de personeelsleden in rusthuizen met veel kamers voor lichte zorg de ziel uit hun lijf moeten werken. En zelfs dan lukt het vaak niet om zorg van aanvaardbare kwaliteit te verstrekken voor de zwaar zorgbehoevende bewoners, wat leidt tot ergernis bij het personeel, verhalen over getimede bezoeken en schrijnende situaties als in de Pano-reportage.

2. Doet de commerciële sector het slechter?

In de sector is het geen geheim dat rusthuizen die per kamer enkel het personeel voorzien dat door de overheid wordt gesubsidieerd geen goede zorg kunnen verstrekken. Veel woonzorgcentra zorgen voor extra mankracht. Door de bank genomen zetten commerciële spelers evenwel minder bijkomend personeel in dan vzw- of OCMW-rusthuizen. Naar eigen zeggen kunnen ze dat doen doordat ze efficiënter werken, maar volgens insiders worden dikwijls de grenzen opgezocht in het streven naar winstmaximalisatie. In rapporten van de Zorginspectie haalt de commerciële sector min of meer dezelfde score als andere spelers.

3. Hoe wil de politiek het probleem oplossen?

Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) doet al jaren inspanningen om rusthuizen meer geld te geven. Door de vergrijzing zijn almaar meer plaatsen nodig en de focus van het beleid lag de voorbije jaren dan ook daar. Voor het opwaarderen van kamers voor lichte zorg naar kamers voor zware zorg was jarenlang nauwelijks aandacht.

De extra miljoenen van minister Vandeurzen zijn een druppel op een hete plaat.
rusthuissector

De jongste tijd is dat evenwel veranderd. Volgend jaar trekt Vandeurzen 11 miljoen euro extra uit om kamers om te zetten. In 2019 komt daar 22 miljoen euro bovenop. ‘Eigenlijk is dat een druppel op een hete plaat’, klinkt het in de sector.

Het is lang niet de 120 miljoen euro die nodig is om elke rusthuisbewoner van de juiste zorg te voorzien. Zo veel geld vinden is politiek geen haalbare kaart. Een alternatief is dat Vlaanderen beslist om de personeelsnormen naar boven bij te stellen zonder daarvoor het nodige budget te reserveren. Rusthuizen zullen de kosten dan moeten verhalen op de bewoners, die nu al gemiddeld 1.640 euro per maand betalen. Met verkiezingen in aantocht is dat evenwel niet evident. En zo lijkt het enkel een kwestie van tijd vooraleer opnieuw getuigenissen over wantoestanden in de ouderenzorg opduiken.

Reacties

Aedifica stelt ratingsysteem voor

‘Er kan niet genoeg aandacht gaan naar de zorgkwaliteit. Ik pleit voor nog meer transparantie. Waarom zou men niet tot een ratingsysteem komen, zoals voor de ziekenhuizen, waarbij ieder rusthuis een score krijgt van de overheid? Duitsland hanteert al zo’n score. Een van de grote problemen is ook dat er geen ruimte is om mensen zelf een rusthuis te laten uitkiezen’, zegt Stefaan Gielens, de CEO van de specialist in zorgvastgoed Aedifica.

Armonea wijst op onderfinanciering

‘De werkdruk is in alle woonzorgcentra - ‘for profit’ evengoed als ‘social profit’ en OCMW’s - zeer groot. De woonzorgcentra worden ondergefinancierd. Het is ook niet makkelijk voldoende nieuwe medewerkers te vinden. Dat maakt het extra moeilijk om afwezigheden op te vangen. Toch zetten we beduidend meer mensen in dan de minimumnorm voorziet’, zegt Chris Cools, de CEO van rusthuisuitbater Armonea.

Jan De Nul vraagt rechtzetting aan VRT

Bouwgroep Jan De Nul reageert boos op de Pano-uitzending en eist een rechtzetting van de VRT. ‘Als civiele aannemer bouwen we gebouwen voor woonzorgcentra, net als voor scholen, OCMW’s, bedrijven... Op geen enkel moment is onze groep betrokken bij de uitbating van private woonzorgcentra. Het is manifest onjuist dat Jan De Nul ‘50 tot 75 procent van die bedrijven’ heeft. Bovendien met de tendentieuze toevoeging dat het is ‘omdat er geld mee te verdienen is.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content