Advertentie
interview

‘Als ik blijf, zou ik cynisch worden'

©Dieter Telemans

Na jaren in de loopgraven van het sociaal overleg had Unizo-topman Karel Van Eetvelt nood aan een nieuwe uitdaging. ‘Het overleg is een grote illusie gebleken en de politiek is vooral bezig met het versterken van de tegenstellingen.’

‘Alles was terug aan het komen en ik begon op automatische piloot mijn werk te doen’, zegt Karel Van Eetvelt. Dat is de belangrijkste reden voor zijn overstap van de werkgeversorganisatie Unizo naar de bankenfederatie Febelfin, een aankondiging waarmee hij vriend en vijand verrast heeft. Na 13 jaar de zelfstandigen en de kmo’s te hebben verdedigd, wordt hij vanaf 1 oktober het gezicht van de Belgische banken. Veel mensen hadden eerder een overstap naar de sportwereld verwacht, waarvoor Van Eetvelt als licentiaat lichamelijke opvoeding veel interesse heeft. Of naar de politiek, waarvoor hij naar eigen zeggen ook een aanbod heeft gekregen. ‘Maar ik zou niet gelukkig worden in die wereld’, zegt hij.

BIO Karel Van Eetvelt

Op 1 oktober stapt Karel Van Eetvelt (51) over van Unizo, de werkgeversorganisatie die hij sinds 2004 leidt, over naar de bankenfederatie Febelfin. Destijds volgde hij Kris Peeters op bij Unizo, die overstapte naar de Vlaamse regering.

Van Eetvelt, een licenciaat lichamelijke opvoeding begon zijn carrière als kabinetsmedewerker van toemalig CVP-politicus Gaston Geens. In 1992 begon hij te werken voor de Bouwunie, waar hij opklom van adviseur tot topman.

Als topman van Unizo zetelde Van Eetvelt in de Groep van Tien, het belangrijkste sociaaleconomische overlegniveau van het land waarin de kopstukken van de vakbonden en de werkgeversorganisaties zetelen.

De 51-jarige Van Eetvelt vertelt over hoe hij de voorbije 13 jaar veel tijd in het sociaal overleg tussen de kopstukken van de vakbonden en de werkgeversorganisaties in de Groep van Tien heeft gestoken. Over hoe dat een grote illusie is geworden, omdat er over broodnodige hervormingen geen akkoorden werden afgesloten. En over hoe hij de politiek heeft zien verzanden in een strijd om de waan van de dag terwijl het grote plaatje verloren gaat. ‘Als ik zou blijven zitten, zou ik cynisch en zuur worden. Ik moest echt weg.’

In de bankenwereld hoopt Van Eetvelt enkele stenen te kunnen verleggen, hoewel de sprong door al het jargon en de ingewikkelde regulering geen evidentie is. ‘De uitdagingen zijn evenwel grotendeels dezelfde als degene waarmee ik nu bezig ben’, zegt hij. ‘Zie hoe ons sociaal-economisch model verdisrupteerd wordt door de digitalisering. Dat boeit me enorm en in de financiële sector is die dynamiek het meest uitgesproken. De banken zullen zich moeten heruitvinden en nadenken over oplossingen voor het personeel, over meer opleiding en over hervormingen van allerhande gedateerde statuten op de arbeidsmarkt. Ik geloof dat ik op dat vlak het verschil kan maken.’

Als topman van Unizo was u lid van de Groep van Tien. Dat is toch een veel betere positie om het verschil te maken?
Karel Van Eetvelt: ‘Dat gaat daar niet. Daar is geen ruimte voor. De sectoren en de problemen waarmee ze worden geconfronteerd zijn zo divers dat het geen zin heeft naar eenheidsworsten als oplossing te zoeken. Bovendien houden te veel leden van die Groep van Tien vast aan wat verworven is. Ze durven niet vooruit te kijken. Er wordt nooit vertrokken vanuit de zoektocht naar de beste oplossing, maar vanuit de vraag hoe we het huidige 50 jaar oude systeem mits enkele aanpassingen kunnen behouden. Dat geldt zowel voor de uitdaging van de disruptie als voor de vergrijzing. Iedereen weet wat er moet gebeuren, maar het lukt niet om dat te doen omdat het model niet meer werkt.’

Het sociaal overleg in de Groep van Tien is een tocht geweest van droom naar illusie tot machteloosheid.

Wat werkt wel?
Van Eetvelt: ‘Er zijn drie mogelijke oplossingen. Ofwel neemt iedereen in die Groep van Tien het leiderschap op dat hij moet opnemen en verdedigt hij moeilijke maatregelen tegenover zijn achterban. Maar het lef ontbreekt en ik vrees dat daar de komende jaren weinig verandering in zal komen. Een tweede oplossing is het invoeren van een dictatuur die het allemaal van bovenaf oplegt, maar daar zit niemand op te wachtten. Blijft over: op microniveau proberen de dingen te veranderen. Ik ben tot de conclusie gekomen dat het beter is eerst oplossingen te zoeken in de sectoren waar de disruptie het hardst toeslaat om nadien te bekijken of op basis daarvan algemene en nationaal bindende afspraken kunnen worden gemaakt.’

Volgens de vakbonden leiden zulke hervormingen tot minder rechten voor de werknemers.
Van Eetvelt: ‘Als dat het uitgangspunt is, stoppen we er beter mee. Dan heeft onderhandelingen geen zin. Ik heb op een bepaald moment vlakaf aan de vakbonden gevraagd of ze ons niet vertrouwen. Als het antwoord nee is, wat zit je dan nog aan tafel te doen? Het sociaal overleg in de Groep van Tien is een tocht geweest van droom naar illusie tot machteloosheid. Toen ik begon, dacht ik met die groep het sociaal model van de toekomst te kunnen uitwerken. Dat is één grote illusie gebleken.’

Dat werknemers vrezen rechten te verliezen is toch begrijpelijk?
Van Eetvelt: ‘Er is een verschil tussen begrijpen en er begrip voor hebben. Ik begrijp dat het niet gemakkelijk is om in een vakbond draagvlak te creëren voor zulke hervormingen. Maar ik heb er geen begrip voor. Ik zou heel kwaad op mezelf zijn mocht ik niet hebben gedaan wat nodig was. We hadden de stempel van een zeer conservatieve organisatie te zijn…’

…de Unie der Zeurende Ondernemingen.
Van Eetvelt: (zucht) Van die stempel gaan we nooit afraken. Maar ik merk wél dat er appreciatie is omdat we in veel dingen zeer progressief geworden zijn. Dat is geen stap die je in een-twee-drie maakt. Dat vergt een cultuuromslag. Daarmee onderscheiden we ons van veel andere middenveldorganisaties, die aan het afbrokkelen zijn omdat ze de voeling met hun leden verliezen. Hun bestuurders zitten er dikwijls al meer dan 20 jaar en ze weten niet meer hoe de samenleving eruitziet. Wij hadden ook de fout kunnen maken ons te verzetten tegen e-commerce omdat dat lastig is voor veel kmo’s. Of we zouden ons kunnen verzetten tegen zondagopeningen. Maar als we zulke veranderingen zouden proberen tegen te houden, zijn we bezig met de onderneming van gisteren en niet die van morgen. Dan ben je gedoemd irrelevant te worden; Uiteindelijk kan je zulke veranderingen niet tegenhouden. Als de andere partners in de Groep van Tien dat niet begrijpen, dan is het verhaal van die groep ten einde. Dat zou ik zeer spijtig vinden.’

Dat is ook aan het gebeuren. Tot grote ergernis van de vakbonden trekt de politiek - zeker onder impuls van de N-VA - het laken almaar meer naar zich toe.
Van Eetvelt: ‘De bonden creëren de perceptie dat de politiek niet naar het sociaal overleg luistert, maar dat is bullshit. We hebben alle kansen gekregen, maar we hebben ze niet gegrepen. Natuurlijk was er bij aanvang bij de N-VA een zekere scepsis tegenover het overleg, net zoals die er destijds was in het begin van de regering-Verhofstadt. Maar na verloop van tijd komt altijd het begrip dat het overleg nuttig is omdat het draagvlak creëert. Maar dat lukt enkel als de sociale partners akkoorden sluiten en dat is niet gelukt. Wie de politiek verwijten maakt, zou de hand beter in eigen boezem steken.’

Ik merk dat alle politieke partijen liever inzetten op de tegenstellingen, waardoor we van het relletje in het andere strompelen.

U had ook in de politiek kunnen gaan om dingen te veranderen. Er werd lang gezegd dat u minister voor CD&V of de N-VA zou worden. Dat aanbod is er uiteindelijk niet gekomen?
Van Eetvelt: ‘Vergeet Open VLD niet, waarbij ik ook werd genoemd (lacht). De politiek zou inderdaad veel kunnen oplossen en het zou in mijn karakter liggen om vanuit de politiek te proberen bepaalde dingen te veranderen. Maar ik stel helaas vast dat de politiek er net zoals de Groep van Tien niet in slaagt de hervormingen door te voeren die een antwoord bieden op de digitalisering en de vergrijzing. Ik heb veel respect voor politici, want ze werken keihard. Maar de kortetermijnvisie domineert alles. Kijk naar de huidige pensioendiscussie. Er worden telkens kleine stapjes gezet die er vooral moeten geld opbrengen voor de begroting. Maar niemand komt met een stevig plan waarmee we 10 à 20 jaar verder kunnen.’

Is in de politiek gaan dan nog een optie?
Van Eetvelt: ‘Politici zouden moeten verbinden, maar ik zie vooral de ambitie om vechtend over straat te rollen. Zelfs bij jonge politici, die zeker de ambitie zouden moeten hebben om de zaken aan te pakken, zie ik er veel die meer bezig zijn met de waan van de dag omdat ze denken dat die bepalend zal zijn voor de uitslag van de volgende verkiezingen. In die wereld, zoals hij er nu uitziet, wil ik niet gaan zitten. Ik heb kansen gekregen om in de politiek te gaan, maar ik zou daar niet gelukkig worden.’

‘Neem nu de beloofde flexibilisering van de arbeidsmarkt, wat een typisch voorbeeld is van wafelijzerpolitiek. Voor werknemers én werkgevers komt er een beetje flexibiliteit bij. Maar de hervorming vertrekt helemaal niet van wat nodig is. Alle verworven rechten moeten overeind blijven en dan worden er wat uitzonderingen uitgevonden voor iets meer flexibiliteit. Zo werkt het niet.’

©Dieter Telemans

Maar zelfs daar is heel wat maatschappelijke onrust over geweest, waarbij de vakbonden de kop van de bevoegde minister Kris Peeters (CD&V) door de straten rolden.
Van Eetvelt: ‘Is dat protest écht zo groot geweest? Als ik mijn vertrek bij Unizo heb aangekondigd, was mijn grootste vrees dat de perceptie zou ontstaan dat ik ben gaan lopen richting een erfvijand. Dat viel echter mee, want ik heb meer dan duizend mails gekregen met geen enkele kwade opmerking. Nul. Maar de dag nadien kreeg ik van Febelfin een overzicht van de lezerscommentaren die werden geschreven op de websites van kranten. Het was écht zoeken naar één positieve opmerking. Dat was de bagger, de shit en de verzuring ten top. Dan is de vraag naar wat je kijkt: de bagger of de positieve reacties? Het is bijna logisch dat media op die bagger focussen, maar vaak is het aantal positieve reacties veel groter. Volgens mij is dat hetzelfde met het regeringsbeleid.’

120.000 mensen die op straat komen zijn toch niet te vergelijken met wat kwade lezersreacties?
Van Eetvelt: ‘ Hoeveel van die 120.000 man waren betaalde vakbondsdélégués? En hoeveel mensen zijn komen betogen omdat hen iets is wijsgemaakt? Toen ik die pamfletten van de vakbond las, ben ik echt kwaad geworden. Het was platte demagogie om mensen bang te maken. Als je tegen mensen zegt dat ze 60 uur per week zullen moeten werken, is het logisch dat sommigen zich zorgen maken. Maar het klopt niet. Dat alles in ogenschouw genomen, was de opkomst bij al dat vakbondsprotest mager. Met al die leugens hadden ze betogingen moeten hebben van Catalaanse omvang. Het wijst erop dat veel mensen de bonden niet geloven.’

Wat vindt u van de claim van premier Charles Michel (MR) dat geen enkele regering in de voorbije 25 jaar zo veel heeft gerealiseerd in één legislatuur?
Van Eetvelt: ‘De regering evolueert in de goede richting en de taxshift en de hervorming van de vennootschapsbelasting zijn zeer belangrijke hervormingen. Maar ondanks alle inspanningen heeft ze truc nog niet gevonden om de samenleving op een fundamenteel ander pad te krijgen. Ze heeft geen hervormingsverhaal kunnen opbouwen waar een groot deel van de bevolking achterstaat. Dat is niet gemakkelijk, maar er zijn voorbeelden van hoe het wél kan. Kijk naar wat de Franse president Emmanuel Macron probeert te doen, die de verkiezingen heeft gewonnen met het grote verhaal dat hij Frankrijk zou heropbouwen met ambitieuze hervormingen. En hij probeert dat te doen op een verbindende manier in plaats van dat hij de mensen tegen elkaar opzet. Zo’n centrumkoers is de beste manier om succes te boeken. Het is wat de christendemocraten jarenlang in België hebben gedaan.’

Zijn ook de federale meerderheidspartijen meer bezig zijn met verdelen dan met verbinden?
Van Eetvelt: ‘Het ontbreekt ons niet aan de mensen die zo’n verbindende rol op zich zouden kunnen nemen, maar de bereidheid ontbreekt om dat te doen. Ik merk dat alle politieke partijen liever inzetten op het versterken van de tegenstellingen, waardoor we zowel binnen de regering als tussen de regering en de oppositie strompelen van het ene relletje naar het andere. En sommige oppositieleiders - ik ga geen namen noemen - hebben er dan nog plezier in om extra olie op het vuur te gieten. Dat is bijzonder spijtig en dramatisch voor de geloofwaardigheid van de politiek. En de slachtoffers zijn uiteindelijk de mensen, want hun toekomst wordt afgenomen. Want voor die politici zal het allemaal zijn tijd wel duren.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud