België erkent derde minder vluchtelingen in 2018

België erkende de voorbije tien jaar 80.000 asielzoekers als vluchteling. ©Tim Dirven

De voorbije tien jaar zijn door ons land in totaal 80.000 mensen erkend als vluchteling.

België erkende vorig jaar een derde minder vluchtelingen dan in 2017. Het ging om 10.483 mensen, tegenover 13.833 in 2017. Dat blijkt uit de nieuwste jaarcijfers van het Vluchtelingencommisariaat (CGVS), dat oordeelt of mensen recht hebben op bescherming als vluchteling in ons land.

Het aantal erkende vluchtelingen bedraagt zelfs de helft minder dan in 2016. Toen werden, als gevolg van een grote vluchtelingencrisis met ook een recordaantal asielaanvragen, een piek van 15.78 vluchtelingen erkend.

Oorlog

De cijfers slaan op zowel erkende vluchtelingen als mensen met subsidiaire bescherming. Dat statuut biedt tijdelijke bescherming aan mensen die buiten de regels van het vluchtelingenverdrag, de Conventie van Genève, vallen. Subsidiaire toestemming is van toepassing op mensen die op de vlucht zijn voor oorlog, foltering, doodstraf of executie.

De grootste groep nieuw erkende vluchtelingen waren Syriërs (3.437), Afghanen (3.830) en Irakezen (1550). Daarnaast vallen de 872 Turkse vluchtelingen en 470 Palestijnen op.

Het CGVS nam in totaal 16.545 beslissingen voor 21.159 personen die asiel vroegen. De werklast in dossiers is gedaald van 14.530 dossiers begin 2017 tot ruim 5.000 vorig jaar. Het CGVS werkte dus de achterstand weg, die het in de nasleep van de vluchtelingencrisis had opgelopen.

Asielaanvragen

Tegenover het aantal erkende vluchtelingen staan 23.443 asielaanvragen in 2018. Dat is een vijfde meer dan in 2017, maar wel het hoogste cijfer sinds de asielcrisis in 2015 (44.760). Het CGVS meldt dat vooral in de tweede jaarhelft van 2018 het aantal asielaanvragen steeg. Hetzelfde fenomeen deed zich voor in buurlanden Nederland en Frankrijk, terwijl er in andere lidstaten een dalende trend was. Het CGVS heeft er niet meteen een duidelijke verklaring voor. 'Veel factoren spelen mee, zoals de aanwezigheid van gemeenschappen met dezelfde herkomst. Maar ook de kwaliteit van het asielsysteem, zowel in opvang als procedure, in België, Nederland en Frankrijk speelt wellicht een rol in de stijging.'

Door de verhoogde instroom besloot toenmalig staatssecretaris van Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) een asielquotum in te voeren. Dagelijks mochten zich nog maximum 50 à 60 mensen registreren bij het asielloket. Dat plafond werd na de val van de regering-Michel door Franckens opvolger Maggie De Block (Open VLD) meteen weer afgeschaft. Het plafond werd ook afgeschoten door de Raad van State.

Beschermingsgraad

De beschermingsgraad - het percentage mensen met asielaanvraag die uiteindelijk vluchtelingenstatus krijgt - is vorig jaar ook licht gezakt. Het bedraagt 49,1 procent, tegenover 50,7 procent in 2017 en 57,7 procent in 2016. De beschermingsgraad ligt sinds de grote vluchtelingen- en migratiecrisis in 2015 fors hoger dan daarvoor. Toen schommelde de beschermingsgraad tussen 20 en 30 procent. De uitleg is dat mensen die asiel komen aanvragen in ons land, veel meer dan vroeger echte vluchtelingen zijn.

De voorbije tien jaar - sinds 2009 - kregen in totaal 79.724 mensen bescherming als vluchteling. Dat is zonder de volgmigratie, via onder meer gezinshereniging, mee geteld.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect