Advertentie

Bijna een op de tien bedrijven ging coronacrisis in als zombie

Een op de tien bedrijven was al voor de coronacrisis nauwelijks levensvatbaar, ook al blijven ze bestaan en slorpen ze kapitaal en coronasteun op. ©ANP

Bijna één op de tien bedrijven in België is nog amper levensvatbaar, ook al had het de voorbije 15 maanden recht op coronasteun. Dat blijkt uit onderzoek van de bedrijfsdataexpert Graydon.

In welke mate heeft de overheid niet alleen de gezonde bedrijven door de coronacrisis gesleurd, maar ook de ongezonde mee gered? En in welke mate hinderen die laatste de heropstart van de gezonde bedrijven? Nu de economie beetje bij beetje heropent, wordt dat een van de grote economische vragen van het jaar.

De essentie

  • Bijna een op de tien bedrijven had zowel in 2017, 2018 als in 2019 een negatief eigen vermogen.
  • Dat betekent dat de schulden groter zijn dan alle bezittingen samen en het bedrijf nog met moeite levensvatbaar is. De aandeelhouders zijn in zo'n geval verplicht een reddingsplan op te stellen.
  • Dergelijke zombiebedrijen slorpen financiering en coronasteun op, hebben vaak personeel en kunnen de prijzen verstoren. In die zin kunnen ze gezonde bedrijven hinderen.

Uit onderzoek van de dataexpert Graydon blijkt dat bijna één op de tien bedrijven de alarmbellen nog voor de coronacrisis hadden moeten doen afgaan, omdat hun schulden groter waren dan hun bezittingen. Dat betekent dat het eigen vermogen negatief is en dat bij een liquidatie van het bedrijf de schuldeisers zelfs na de verkoop van alle activa niets van hun geld terugzien.

Een negatief eigen vermogen is een van de uitzonderlijke situaties waarin de overheid een bedrijf verplicht de alarmbellen te laten afgaan. De aandeelhouders moeten dan bijeenkomen om te zien of ze de vennootschap ontbinden, dan wel of ze een reddingsplan opmaken.

Reddingsplan

Eric Van den Broele, de directeur onderzoek en ontwikkeling van Graydon, onderzocht hoeveel bedrijven al drie jaar lang met een negatief eigen vermogen worstelen en blijven aanmodderen met die reddingsplannen. Het zijn er meer dan 36.000 op 390.000 vennootschappen die een jaarrekening moeten neerleggen. Ondernemingen die jonger zijn dan vijf jaar zijn uit de data gefilterd omdat bij een start-up rode cijfers deel uitmaken van het groeiproces.

Dat die probleembedrijven niet altijd meteen failliet gaan, komt omdat hun schulden vaak maar op lange termijn moeten worden afgelost. Op korte termijn is er nog cash, waardoor de leveranciers betaald worden en niemand het faillissement hoeft te vorderen. Soms gaan investeerders er bovendien vanuit dat bij problemen het moederbedrijf het kapitaal wel zal verhogen, zoals bij de telecomgroep Telenet, een van de bekendste bedrijven met een negatief eigen vermogen.

Eigenlijk is dit een kwestie van fair play. Is het wel rechtvaardig dat geld en coronasteun bevroren zitten in bedrijven die de toekomst hypothekeren?
Eric Van den Broele
Directeur onderzoek en ontwikkeling Graydon

Zonder hulp van buitenaf zijn er grote vragen te stellen bij de levensvatbaarheid van vennootschappen met een negatief eigen vermogen. Want de aandeelhouders zijn - op papier bekeken - hun volledige investering in het bedrijf al kwijt. De verliezen van het bedrijf hebben het eigen vermogen al opgegeten.

Piepkleine ondernemingen

De kwestie doet ertoe, omdat zombiebedrijven de gezonde ondernemingen hinderen. Ze kunnen de prijzen in de sector naar omlaag duwen, het andere bedrijven moeilijker maken om personeel te vinden en zijn een rem op innovatie. Er zit financiering in de onderneming die elders vruchtbaarder kan worden ingezet. En ook de zombies hadden het voorbije jaar recht op coronasteun.

Ze hinderen de gezonde. 'Eigenlijk is dit een kwestie van fair play', zegt Van den Broele. 'Is het rechtvaardig dat geld en coronasteun bevroren zitten in bedrijven die de toekomst hypothekeren?'

45.000
werknemers
45.000 mensen werken in zombiebedrijven.

Vaak gaat het om piepkleine ondernemingen. Twee op de drie zombiebedrijven hebben geen personeel. In de andere werken alles samen 45.000 mensen. Meer dan 9.000 van die jobs zijn in de horeca. Andere zombiesectoren zijn rusthuizen, schoonmaakbedrijven, transport, beveiliging, kleinhandel, wellness en lichaamsverzorging. Vlaanderen telt 8 procent zombiebedrijven, Wallonië 11 procent en Brussel 12 procent. Vaak gaat het om kleine eenmanszaken, van snack- en koffiebars tot nacht- en belwinkels.

Vijf miljard

De cijfers slaan op de situatie voor de coronacrisis losbarstte. De grote vraag wordt in welke mate de schok van de pandemie de zombiebedrijven ook doet sterven. Graydon raamt het extra kapitaal dat ze nodig hebben om weer onder de levenden te komen op 5,3 miljard euro. Meer dan 3 miljard daarvan zou nodig zijn in vennootschappen zonder personeel.

De OESO, de denktank van de rijke landen, doet al lang onderzoek naar zombiebedrijven, maar hanteert een andere definitie. Ze bekijkt in welke mate een onderneming de voorbije jaren genoeg cash zag binnenkomen om de schulden af te betalen. Die aanpak creëert te veel ruis, meent Van den Broele, omdat België veel managementvennootschappen en holdings telt. De eerste zijn fiscaal geoptimaliseerd om weinig of geen winst te maken, terwijl holdings zeer onregelmatige maar grote inkomsten kunnen krijgen uit de verkoop van dochterbedrijven.

De zombiebedrijven spelen een rol in de heropstart van de economie na de pandemie. Het wordt belangrijk de gezonde bedrijven te laten heropstarten zonder dat ze in een faillissementenstorm worden meegesleurd door andere bedrijven die hun facturen niet betalen. Omgekeerd wordt het ook belangrijk dat ongezonde bedrijven verdwijnen en plaatsmaken voor de heropstart van beter draaiende ondernemingen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud