Privacycommissie fnuikt nieuwe terroristendatabank

De Marokkaans-Nederlandse imam El Alami Amaouch was de eerste haatprediker die in oktober 2016 ons land definitief moest verlaten. ©rv

De privacycommissie maakt brandhout van de manier waarop de regering-Michel de grote terroristendatabank wil uitbreiden met namen van haatpredikers en niet-Syriëstrijders.

Al in de zomer van 2016 maakte de regering-Michel bekend dat het antiterreurorgaan OCAD naast de Syriëstrijders of ‘foreign terrorist fighters’ ook een lijst zou gaan bijhouden met ‘haatpredikers’. Het OCAD begon die nieuwe lijst al gauw te voeden met gegevens van de politie- en inlichtingendiensten. Intussen staan er zo al 76 ‘haatpropgandisten’ opgelijst in de centrale databank van het OCAD.

Maar pas op 1 december vorig jaar, bijna anderhalf jaar na de aankondiging, keurde de ministerraad een koninklijk besluit goed dat het bijhouden van die namen van ‘haatpropagandisten’ wettelijk regelt.

Een tweede koninklijk besluit moest dat ook regelen voor nog een andere lijst in de databank van het OCAD: de ‘homegrown terrorist fighters’. Dat zijn een dertigtal namen van (potentiële) terroristen die nooit naar Syrië of Irak gingen strijden, maar wel in het vizier lopen van onze antiterreurdiensten.

Voordat ze de koninklijke besluiten zou publiceren, vroeg de regering spoedadviezen aan de Raad van State en de privacycommissie. Dat gebeurde op 11 december.

Ongunstig advies

En de privacycommissie maakt brandhout van beide koninklijke besluiten die de minister van Justitie en Binnenlandse Zaken, Jan Jambon (N-VA) en Koen Geens (CD&V), hadden opgesteld. Beide krijgen een ‘ongunstig advies’ omdat de privacycommissie er niet zomaar wat opmerkingen over heeft, maar wel fundamentele problemen.

De privacycommissie merkt op dat de scoop van de terroristendatabank van het OCAD fors wordt uitgebreid naar ‘alle vormen van extremisme en terrorisme’.

Veel meer mensen kunnen in de databank belanden. Bijvoorbeeld omdat ze extreemrechtse, extreemlinkse, ‘ecoterroristische’ of andere extremistische groepen steunen.

Veel meer mensen kunnen dus in de databank belanden. Bijvoorbeeld omdat ze extreemrechtse, extreemlinkse, ‘ecoterroristisch’ of andere extremistische groepen steunen.

‘Zonder ons uit te spreken over het vraagstuk of het wel opportuun is om de registratiebasis uit te breiden naar alle ‘ideologische en politieke motieven’, ontbreekt er een degelijke motivering voor die uitbreiding. kennelijk is niet onderzocht wat de privacygevolgen van die uitbreiding zullen zijn, qua proportionaliteit en toegang tot de informatie’, schrijft de privacycommissie in haar adviezen over de besluiten.

‘Is er bijvoorbeeld over nagedacht dat alle burgemeesters toegang zullen hebben tot de nieuwe gegevens? En of dat wel relavant of noodzakelijk is? Uit niets blijkt dat zo’n cruciale oefening gemaakt is.’

Bezorgd

De commissie heeft naar eigen zeggen wel begrip dat de politie- en veiligheidsdiensten de terrorismedreigingen in kaart moeten brengen, maar de commissie is ‘tegelijk bezorgd over de onduidelijke en vage formuleringen’ waarmee de regering dat nu wil doen.

De databank is uitgebreid met ‘haatpropagandisten’, maar dat begrip is niet eens geduid door de regering, merkt de Privacycommissie op.

De commissie stelt vast dat cruciale, nieuwe begrippen zoals ‘haatpropagandist’ niet eens worden geduid of verklaard.

De commissie vraagt zich ook af ‘wat onder ‘haat’ moet worden verstaan. Er zijn namelijk uiteenlopende vormen van haat. En niet elke vorm van haat is strafbaar of beoogt de ontwrichting van de staat. Gaat het om alle mogelijke vormen van haat, ongeacht of die filosofisch, politiek, religieus of ideologische geïnspireerd zijn?’.

De commissie besluit dus dat het toepassingsgebied te ruim is, terwijl alle mensen die in de databank belanden wel gevolgen zullen ondervinden voor hun bewegingsvrijheid. Zo zijn onze politiediensten verplicht bepaalde gegevens te delen met buitenlandse- en internationale diensten zoals Interpol.

Privacyregels

En de privacycommissie ziet niet in waarom ook in eigen land zo veel diensten, onder andere bij de douane, Binnenlandse- en Buitenlandse Zaken, toegang moeten krijgen tot de uitgebreide databank met ook ‘potentiële’ extremisten en ‘potentiële’ haatpredikers, die nog geen enkel misdrijf pleegden.

De commissie waarschuwt dat vanaf 6 mei nieuwe privacyregels gelden in ons land, gebaseerd op een Europese richtlijn. Dan kunnen zulke vage regels zeker niet meer.

Moeten ook diensten bij de douane, Buitenlandse Zaken en Binnenlandse Zaken toegang krijgen tot die namen?, luidt het. De commissie hekelt dat het soms zelfs ‘volstrekt onduidelijk’ is welke diensten nu juist toegang zullen krijgen tot de lijsten.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect