analyse

‘Tweede taxshift is fiscale revolutie'

Johan Van Overtveldt. ©Photo News

Het plan voor de hervorming van de vennootschapsbelasting is volgens specialisten een van de grootste fiscale omwentelingen in jaren.

Minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA, foto) stak de voorbije weken veel tijd in zijn plan om de vennootschapsbelasting te hervormen. Dat blijkt uit de uitgebreide onderhandelingsnota die is opgesteld op basis van input van het kabinet-Van Overtveldt, de Hoge Raad van Financiën en de coalitiepartners. Volgens fiscalisten gaat het om ‘een fiscale revolutie’. ‘Het is voor het eerst in jaren dat zo’n grondige hervorming in de vennootschapsbelasting op tafel ligt’, zegt een fiscalist. De Tijd kon de nota inkijken.

1. Wat zit erin voor de bedrijven?

1. Lager belastingtarief

Het belastingtarief zakt tegen 2020 van 33,99 procent naar 20 procent. Volgend jaar zou het dalen naar 28 procent, in 2018 naar 24 procent en eind 2019 naar 20 procent. Het tarief van 20 procent geldt voor alle bedrijven, inclusief kmo’s.

2. Afschaffing fairnesstaks

De fairnesstaks, de symboolbelasting van de regering-Di Rupo, verdwijnt. Die geldt voor bedrijven die dankzij de notionele intrestaftrek geen of weinig belastingen betalen, maar wel een dividend uitkeren aan hun aandeelhouders. Die taks brengt per jaar zo’n 75 miljoen euro op, maar dreigde te sneuvelen omdat ze op een Europees veto botste.

3. Volledige belastingvrijstelling dividenden (DBI-aftrek)

De dividenden die een Belgisch moederbedrijf van een dochter in binnen- of buitenland ontvangt, zijn nu voor 95 procent belastingvrij als de dochter zelf onderworpen is aan een normaal belastingregime. Net zoals in Nederland en Luxemburg zou voortaan een volledige vrijstelling gelden.

©Mediafin

4. Extra stimulans voor starters

Startende bedrijven hoeven de eerste jaren geen belastingen te betalen op hun winst, op voorwaarde dat de reserve die ze aanleggen wordt geïnvesteerd in terreinen, gebouwen of het aantrekken van personeel.

5. Lagere meerwaardebelasting vennootschappen

Bedrijven die een meerwaarde realiseren bij de verkoop van aandelen die ze minder dan 1 jaar in hun bezit hadden, moeten daarop vandaag een meerwaardebelasting van 25 procent betalen. Die heffing zakt naar 20 procent.

De forfaitaire meerwaardebelasting van 0,40 procent op aandelen voor grote vennootschappen sneuvelt.

2. Welke offers brengen de bedrijven?

1. De notionele intrestaftrek verdwijnt

De notionele intrestaftrek, het belastingvoordeel voor bedrijven met veel eigen vermogen, verdwijnt. Dankzij dat systeem mogen bedrijven een rente van het eigen vermogen aftrekken van hun belastbare winst. Die rente is gebaseerd op de langetermijnrente (Belgische staatsobligatie op 10 jaar). Maar omdat die almaar daalt, is het voordeel voor de bedrijven vandaag veel minder groot dan vroeger.

2. De investeringsaftrek sneuvelt

Dankzij de investeringsaftrek kunnen kleine vennootschappen hun belastbare winst verminderen met een bepaald percentage van het bedrag dat aan een nieuwe investering werd besteed. Die aftrek wordt gradueel tegen 2020 afgeschaft.

3. Minder gunstig regime voor afschrijvingen

Het degressieve afschrijvingsstelsel verdwijnt. Daardoor kunnen bedrijven hun materiaal minder snel afschrijven en moeten ze dus sneller meer belastingen betalen.

4. Hogere sanctie voor bedrijven die belastingaangifte niet indienen

Er zijn in ons land nog altijd bedrijven die geen belastingaangifte indienen. Die worden belast op basis van een forfaitaire minimumwinst van 19.000 euro. Dat bedrag stijgt naar 40.000 euro.

3. Wat is de impact voor de belegger en de zelfstandige?

1. Hogere roerende voorheffing

De roerende voorheffing op dividenden stijgt van 27 procent naar 30 procent.

2. Meerwaardebelasting bij verkoop bedrijf

Wie een ‘aanmerkelijk belang’ bezit in een bedrijf en dat verkoopt, wordt voortaan belast. Hoe hoog dat belang is, moet nog worden bepaald. In Nederland ligt de grens op 5 procent.

3. Strijd tegen misbruik vennootschap

Door de verlaging van de vennootschapsbelasting zullen veel zelfstandigen geneigd zijn een vennootschap op te richten om te kunnen profiteren van de verlaagde tarieven. Om dat te voorkomen is het de bedoeling bedrijfsleiders te verplichten zichzelf een minimumloon uit te keren dat belast wordt via de personenbelasting en onderworpen is aan sociale bijdragen.

4. Beperking aftrekbaarheid beroepskosten

Om misbruiken met de aftrek van beroepskosten tegen te gaan mogen de uitgaven (restaurant- en receptiekosten en relatiegeschenken) niet meer bedragen dan 5 procent van de omzet.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect