interview

‘Ziekenhuizen hebben belang bij zo veel mogelijk zieke mensen'

Marc Noppen is sinds 2006 de gedelegeerd bestuurder van het UZ Brussel. ©Saskia Vanderstichele

‘We kunnen écht niet verder zo. De manier waarop onze ziekenhuizen werken, is financieel onhoudbaar.’ Marc Noppen, de topman van het UZ Brussel, trekt aan de alarmbel.

‘Denk even over het volgende na’, port Marc Noppen, de topman van het UZ Brussel, ons aan. Het is maandagochtend 8 uur op de campus van zijn ziekenhuis in Jette. We treffen Noppen, die het ziekenhuis verbonden aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) al meer dan tien jaar leidt, op het enige vrije gaatje in zijn drukke agenda. ‘Van ziekenhuizen wordt verwacht dat ze zo veel mogelijk zieke mensen zo goed mogelijk behandelen. Op zich is dat een nobel doel, maar het werkt niet. Het betekent ook dat alle honderd ziekenhuizen in ons land er alle belang bij hebben dat er zo veel mogelijk zieke mensen zijn.’

Noppen zegt het bijna achteloos. Maar het is een snoeiharde uitspraak, één die in de sector niet overal op applaus zal worden onthaald. Zijn klare taal maakt van de arts, die van opleiding een longspecialist is, een vaak gevraagde gast voor lezingen. In de gezondheidssector wordt hij gezien als een van de meest visionaire stemmen. Ook politici polsen vaak naar zijn mening, wat hem evenwel niet tegenhoudt forse kritiek te uiten op diezelfde politici.

Marc Noppen

Marc Noppen is sinds 2006 de gedelegeerd bestuurder van het UZ Brussel, dat als universitair ziekenhuis is verbonden aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB).

Het ziekenhuis telt 721 bedden en neemt jaarlijks meer dan 30.000 patiënten op. Daarvoor heeft de instelling 3.800 mensen in dienst. Het UZBrussel is een vrijzinnig ziekenhuis, al spreekt het zelf tegenwoordig over pluralisme. Noppen is longarts, gespecialiseerd in astma en longziekten.

‘Het zou al veel helpen mocht eindelijk eens een visie worden ontwikkeld over hoe onze zorg er over vijftig jaar zou moeten uitzien. Nederland, Duitsland en de Scandinavische landen zijn daarmee bezig en dat is nodig, want het huidige model is financieel onhoudbaar. In ons land reikt de horizon evenwel niet verder dan de volgende verkiezingen, met alle gevolgen van dien.’

Noppen, zijn lange grijze haar achterovergekamd en een modieuze bril op zijn neus, ijvert voor diepgaande hervormingen. Zo wil hij dat ziekenhuizen meer voor de geleverde kwaliteit worden vergoed en niet langer vooral voor een prestatie. Het zal er volgens hem toe leiden dat het aantal ziekenhuisbedden kan worden verminderd. Daarmee zit hij op dezelfde lijn als het Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE), een federale onderzoeksinstelling, die onlangs berekende dat het met 7.000 ziekenhuisbedden minder kan. ‘Ik weet dat het in de ziekenhuiswereld als vloeken in de kerk is, maar we moeten echt die richting uitgaan.’

Waarom is ons zorgmodel financieel onhoudbaar?
Marc Noppen: ‘De focus ligt op sick care en niet op health care. We proberen te herstellen wat kapot is en we worden daar steeds beter in. Het wordt evenwel steeds duurder om almaar kleinere gezondheidswinsten te boeken. Mensen sterven veelal niet meer onmiddellijk door kanker of hartinfarcten, maar ze blijven leven met zo’n chronische en dus dure ziekte. Om hen in leven te houden zijn evenwel vaker geïndividualiseerde en dus peperdure behandelingen nodig. Door de vergrijzing, waardoor er meer ouderen en dus meer zieken zijn, zullen we nog frequenter zulke behandelingen moeten uitvoeren. Nu al gaat 80 procent van de uitgaven in de gezondheidszorg naar 20 procent van de bevolking. 50 procent gaat zelfs naar slechts 5 procent van de bevolking. Zo kan het echt niet verder.’

Als we mensen kunnen redden, moeten we dat toch doen?
Noppen: ‘Ja, maar dat kunnen we veel beter doen door ziektes te voorspellen en te voorkomen in plaats van ze te genezen. Pas dan spreken we over health care, waarbij we proberen te voorkomen dat mensen ziek worden, zodat we de kosten kunnen drukken. In Nederland, Duitsland en enkele andere landen denken beleidsmakers daarover na. Ze zoeken uit hoe ze in tien jaar tijd 500 ziekenhuisbedden kunnen schrappen in een bepaalde regio.’

Wie betere zorg wil, is beter af in Nederland. Wie een snelle service wil, moet in België zijn.
Marc Noppen
Topman UZ Brussel

‘Nederland heeft op een bepaald moment zelfs beslist het aantal ziekenhuizen op termijn te halveren. Dat is niet onlogisch. Een gemiddelde nacht in mijn ziekenhuis kost 600 euro. Daarvoor kan je een suite nemen in het betere Brusselse hotel. Elke nacht die we kunnen vermijden, is winst voor de gemeenschap. Dan moeten er natuurlijk wel alternatieven voorhanden zijn, zoals zorghotels waar de kostprijs beperkt blijft tot 100 euro per nacht.’

Toen CM-voorzitter Luc Van Gorp opperde dat een op de vier zieken-huizen zonder problemen dicht kan, beschuldigde de artsenvakbond BVAS hem ervan de mensen dood te willen.
Noppen: ‘Van Gorp had het misschien wat voorzichtiger moeten uitdrukken. Als hij over het sluiten van ziekenhuizen spreekt, denken mensen meteen aan ontslagen en patiënten die op straat worden gezet. Maar er zit een grond van waarheid in, al moeten dan wel alternatieven beschikbaar zijn.’

‘België heeft 20 procent meer ziekenhuisbedden dan Nederland. Waarom? We zijn niet zieker dan de Nederlanders, dus daar kan het niet aan liggen. Ook de verblijfsduur ligt hier hoger dan in de buurlanden. Toen minister van Volksgezondheid en Sociale Zaken Maggie De Block (Open VLD) besliste om bevallen vrouwen al na drie dagen naar huis te sturen in plaats van na vijf dagen, werd ze door velen verketterd. Terwijl veel buitenlandse ziekenhuizen en ook wij dat al lang zo doen. Sommigen spreken in die zin over ‘Belgian hospitalitis’. We hebben de neiging alles in het ziekenhuis te willen doen, terwijl in het buitenland veel meer wordt gezocht naar hoe ze dingen buiten het ziekenhuis kunnen doen.’

Waarom houden ziekenhuizen zo vast aan hun bedden?
Noppen: ‘Omdat die geld opleveren. Volume draaien - en dus meer mensen behandelen - is financieel interessant. Dat heeft voordelen, want het maakt onze gezondheidszorg heel toegankelijk. Maar er zijn nog meer nadelen. Veel te kort door de bocht gesteld worden ziekenhuizen zelfs beloond als ze slechte kwaliteit afleveren. Dan moeten mensen vaker terugkomen, waardoor het ziekenhuis nog eens langs de kassa passeert. In denk niet dat het beleid dat als doelstelling heeft.’

Terwijl ziekenhuizen zo veel mogelijk patiënten proberen te behandelen, wordt de werkdruk in de ziekenhuizen almaar hoger. Is dat houdbaar?
Noppen: ‘Mensen die ervoor kiezen in de zorgsector te werken, hebben een zorgende reflex en beschikken over veel mededogen en empathie. Als we zulke werknemers te veel belasten met wettelijk opgelegde taken als zorgregistratie, administratie en allerhande projecten, dan leidt dat tot frustraties.’

Kort door de bocht gesteld worden zieken huizen beloond als ze slechte kwaliteit afleveren.
Marc Noppen
Topman UZ Brussel

‘Tel daarbij dat de ziekenhuizen al jaren in een besparingslogica zitten. Vergeleken met zeven jaar geleden krijgt het UZ Brussel jaarlijks 22 miljoen euro minder om méér werk te doen. Dat is geld voor 250 voltijdse werknemers. Daardoor stijgt de werkdruk en neemt het aantal burn-outs toe. Als je weet dat er haast nergens in Europa minder verpleegkundigen per ziekenhuisbed zijn en je weet dat de kwaliteit van de zorg daalt als er minder verzorgend personeel is, dan weet je het wel, hè.’

Toch gaan velen ervan uit dat onze gezondheidszorg wereldtop is. Kijk naar de vele Nederlanders die zich in onze ziekenhuizen laten behandelen.
Noppen: ‘Die Nederlanders komen naar hier voor de snelle service. Als een Nederlander een nieuwe heup wil, kan hij hier dezelfde avond nog terecht in eender welk ziekenhuis en kan hij de week nadien onder het mes. In Nederland bepalen de zorgverzekeraar en het type van verzekering waar de patiënt zich moet laten behandelen. Vaak valt de keuze op een gespecialiseerd centrum, waar ze niet anders doen dan nieuwe heupen steken. Patiënten komen dan op een wachtlijst te staan, maar na hun operatie kunnen ze al na een dag naar huis in plaats van na een week bij ons. Het aantal complicaties ligt er de helft lager, net zoals het aantal vervangingen binnen tien jaar. En ze doen dat tegen de helft van de prijs.’

‘Wie betere zorg wil, is beter af in Nederland. Wie een snelle service wil, in België. Voor de meeste Belgen, en ook voor veel Nederlanders, is vooral die service belangrijk. De niet-perfecte kwaliteit nemen ze erbij. Je moet dat ook niet dramatiseren, België is Zuid-Soedan niet. De kwaliteit is hier ook nog altijd schitterend.’

Hoe kunnen we de kwaliteit van onze zorg verhogen zonder aan de service te raken?
Noppen: ‘We moeten een ideale mix zoeken. In de gezondheidszorg spreken we over ‘triple aim’. Hoe kunnen we tegelijk de kwaliteit van de zorg verhogen, de gezondheid van de mensen verbeteren en de kosten verlagen? Dat betekent dat we de snelle service en de vlotte toegankelijkheid deels moeten inruilen voor betere kwaliteit. Daarom wil Maggie De Block ziekenhuizen laten samenwerken in netwerken en ze heeft daarvoor een pico bello plan afgeleverd. In plaats van 100 ziekenhuizen willen we evolueren naar 25 ziekenhuisnetwerken. Patiënten zullen daardoor niet altijd meer in hun ziekenhuis terechtkunnen voor een ingewikkelde ingreep en ze zullen iets verder moeten rijden. Maar ze krijgen wel betere zorg.’

U steunt de ziekenhuishervorming van De Block?
Noppen: ‘De minister heeft een heel goede eerste stap gezet, maar haar hervorming dreigt op de grenzen van de Belgische besluitvorming te botsen. In het zuiden van het land houden ze er een andere visie op na, waardoor het moeilijk is de netwerken van de grond te krijgen. En nu Franstalig België politiek geblokkeerd is, wordt het alleen maar moeilijker. Zo blijven we ter plaatste trappelen.’

Wordt de hervorming, hoe goed de uitgangsprincipes ook mogen zijn, een maat voor niets?
Noppen: ‘Dat heb ik nu ook weer niet gezegd. Het is belangrijk dat de ziekenhuizen beseffen dat ze niet langer eilandjes zijn waarop ze kunnen doen wat ze willen. Zeker de kleine ziekenhuizen kunnen ook niet anders, want zitten vaker in de rode cijfers omdat ze onvoldoende schaal hebben om efficiënt te kunnen werken en winst te maken.’

600
‘Een nacht in mijn ziekenhuis kost 600 euro. Daarvoor kan je een suite nemen in het betere Brusselse hotel’, zegt Noppen.

‘Daarom is het een goede zaak dat alvast in Vlaanderen ziekenhuizen in eenzelfde regio aan het uitzoeken zijn hoe ze beter kunnen samenwerken of zelfs fuseren. Er zijn nog altijd een pak ziekenhuizen met minder dan 400 bedden, wat eigenlijk het minimum is om leefbaar te zijn. Er zijn regio’s, zoals de Kempen, waar ziekenhuizen elkaar hebben gevonden en één groot koepelnetwerk willen vormen. In grote steden als Antwerpen, Gent en zeker Brussel gaat het moeizamer, maar ook daar beweegt van alles. De uitdaging wordt nu om dat engagement tot samenwerking ook om te zetten in concrete afspraken, zodat de patiënten er beter van worden.’

Wat bedoelt u?
Noppen: ‘Er moeten financiële afspraken worden gemaakt. Als een ziekenhuis inzicht krijgt in de financiën van een ander, kan het goed zijn dat de zin om samen te werken drastisch afneemt (glimlacht). En als vier ziekenhuizen samenwerken, zullen sommige onder hen diensten moeten sluiten. Maar wat met het ziekenhuis dat zijn spoeddienst dicht moet doen? Die spoed zorgt voor de helft van de opnames. Hoe ga je ziekenhuizen vergoeden voor die gemiste inkomsten als ze hun spoed sluiten? Maggie De Block zou daarvoor een oplossing moeten uitwerken, maar door de verdeeldheid tussen de deelstaten komt die er maar niet. De ziekenhuizen gaan dan maar zelf wat bricoleren. Op zich is dat niet slecht, maar we verliezen hierdoor alweer tijd.’

Hoe ziet de ideale hervorming eruit?
Noppen: ‘We moeten evolueren naar een systeem waarbij een ziekenhuis meer beloond wordt als het kwaliteit aflevert. In het Verenigd Koninkrijk hebben ze daarmee geëxperimenteerd, en dat werkt. Huisartsen werden in een bepaalde regio niet langer per prestatie betaald maar op basis van de gezondheid van hun patiënten. Die werd gemeten op basis van een diabetescontrole, het cholesterolgehalte en het rookgedrag. De patiënten werden een jaar lang opgevolgd en als er gezondheidswinsten werden geboekt, dan kregen de huisartsen een bonus.’

‘Wat bleek na afloop? De artsen zijn massaal beginnen in te zetten op preventie zoals rookstopbegeleiding, beweging en diëten. Resultaat: de bevolking was op de drie gemeten indicatoren na een jaar de gezondste van Engeland. Zo simpel is het in de realiteit natuurlijk niet, maar artsen waren plots bezig met het gezond houden van mensen en niet langer met het genezen van patiënten.’

Het risico is dan toch dat dokters zieke patiënten zullen afstoten?
Noppen: ‘We moeten niet naïef zijn. Daarom hebben we een gemengd systeem nodig, waarbij artsen zowel worden gestimuleerd om in te zetten op preventie als op het genezen van zieke patiënten. Ze zullen daarin worden geholpen doordat we binnenkort beter kunnen voorspellen welke ziektes meneer X of mevrouw Y zou kunnen krijgen. Dan kunnen we veel gerichter bezig zijn met preventie en kunnen we tijdig ingrijpen, waardoor we kunnen voorkomen dat dure behandelingen nodig zijn om mensen te genezen.’

Veel mensen vinden zulke voorspellingen zeer beangstigend.

©Saskia Vanderstichele

Noppen: ‘We gaan niet evolueren naar een brave new world waar we bij de geboorte een fiche krijgen waarop staat dat mensen 80 procent kans hebben om kanker te krijgen en 20 procent op alzheimer. Dat is nutteloze informatie waar mensen bang van worden. Maar als iemand bij zijn dokter langsgaat met enkele klachten en als die dokter mede op basis van data rekening kan houden met de mogelijke gezondheidsrisico’s, dan kunnen we snel de juiste diagnose stellen en ingrijpen en vermijden we nutteloze behandelingen. En we besparen geld, waardoor we de gezondheidszorg betaalbaar houden.’

In ons land zijn de regio’s bevoegd voor preventie, maar de ziekenhuizenzorg is grotendeels een federale bevoegdheid. Dat bemoeilijkt het beleid toch?
Noppen: ‘Het almaar verder schotten opbouwen in de gezondheidszorg, zoals we dat de voorbije decennia hebben gedaan, is inderdaad niet de oplossing. Alle andere landen gaan net voor meer integratie. De thuiszorg, de eerste lijn zoals huisdokters en de rust- en ziekenhuizen slaan er de handen in elkaar. Het zou me verbazen dat wij, die altijd voor een verdere opsplitsing zijn gegaan, het als enigen bij het rechte eind hebben.’

‘Het gaat ook in tegen de medische logica. Ons ziekenhuis heeft een groot fertiliteitscentrum. We stelden vast dat mannen die door de erfelijke aandoening Klinefelter een verlaagde vruchtbaarheid hebben vaak ook met andere problemen kampen, zoals bewegings- of hartproblemen. Daarom hebben de specialisten op de vloer beslist zulke patiënten samen te zien en kennis te bundelen, waardoor ze slechts één keer naar het ziekenhuis hoeven te komen. Met dat Klinefelter-centrum behandelen we intussen 80 procent van de Belgische patiënten met die aandoening. Intussen doen we hetzelfde voor patiënten met melanomen of diabetes. Het opsplitsen van bevoegdheden gaat volledig in tegen die filosofie van samenwerking en is echt niet de weg die we moeten uitgaan.’

Het zou al veel helpen mocht eindelijk eens een visie worden ontwikkeld over hoe onze zorg er over vijftig jaar moet uitzien.
Marc Noppen
Topman UZ Brussel

Is een verdere staatshervorming om te komen tot homogene bevoegdheidspakketten een oplossing?
Noppen: ‘Ik ben geen politicus, gelukkig maar. Ik weet het niet. Want wat doe je met het probleem Brussel? Ik heb daar nog altijd geen voldragen oplossing voor gezien. Maar ik weet wel dat het totaal onlogisch is dat de financiering van de ziekenhuizen en de thuiszorg federale bevoegdheden zijn, terwijl ouderenzorg en preventie regionale bevoegdheden zijn. Want wat zien we? We hebben veel bevoegdheden eerst opgesplitst en nu moeten we tussen de verschillende regio’s en de federale overheid akkoorden sluiten om het systeem werkbaar te houden. Dat is toch waanzinnig?’

Hebt u nog vertrouwen in de politiek?
Noppen: ‘De ministers moeten werken binnen de huidige regels. Ik verwijt hun niets, het is een gevolg van hoe dit land de voorbije 200 jaar is geëvolueerd. They have to play with the rules. In hun plaats zit ik verveeld met de ellendige situatie waarin ze moeten werken. Je hebt een framework nodig, een overheid die de richting uitzet en een sector die er voor wil gaan.’

‘In China - ik weet dat dat land niet het beste voorbeeld is - denken ze vijftig jaar vooruit en dat lukt. In de ons omringende landen proberen ze dat ook te doen. Dat gaat met vallen en opstaan, maar vaak boeken ze ook succes. Probeer in ons land maar eens tot één visie te komen met één federale overheid en drie deelstaten. Dat is vrijwel onmogelijk. Omdat dat niet lukt, handelen de politici au fur et à mesure. Ik hoop dat de politiek op termijn een oplossing vindt, maar ik vrees dat het heel moeilijk wordt.’

Gesponsorde inhoud

Partner content