interview

'Dit moest de mooiste week uit mijn leven worden'

'We moeten het idee doorprikken dat het Vlaams Belang de antwoorden heeft, want het heeft die niet.' ©jonas lampens

Als tijdelijk voorzitter van het Vlaams Parlement mag Kris Van Dijck deze week speechen op de Vlaamse feestdag. Maar door een dronken autorit ligt de N-VA’er van het eerste uur onder vuur. ‘Ik schaam mij diep.’

Vorige week ging Vlaams Parlementsvoorzitter en burgemeester van Dessel Kris Van Dijck (N-VA) na een avondlijke vergadering nog iets drinken. Op de terugweg naar huis botste hij met zijn auto tegen een aanhangwagen. De politie stelde vast dat Van Dijck te veel had gedronken. Toen het nieuws het afgelopen weekend uitlekte, ging de N-VA’er door het stof. Hij bood zijn excuses aan en beloofde zijn wedde te storten aan een fonds voor verkeersslachtoffers. Tegelijkertijd nuanceerde hij. ‘Ik had te veel op, maar ik heb geen criminele daad gepleegd.’

Van Dijck wil niets minimaliseren, benadrukt hij in zijn bureau in het Vlaams Parlement. ‘Ik heb een voorbeeldfunctie en ik zie de fout in. Wat ik gedaan heb, kan niet. Maar ik trek daar wel een aantal lessen uit. Het is een catharsis. Ze zullen mij niet snel opnieuw in een café zien, laat staan met een glas in de hand. Dit hakt er echt diep in. Ik heb nog nooit zoveel televisieploegen op bezoek gekregen. Daarom zei ik dat ik me gecriminaliseerd voelde. Dat neemt uiteraard niet weg dat de kritiek terecht was.’

In het buitenland namen politici bij gelijkaardige incidenten ontslag. Heeft dit voor u nog verdere gevolgen?
Kris Van Dijck: ‘Daar zullen anderen over oordelen. Ik ben door mijn partij terecht op de vingers getikt, maar ze behoudt het vertrouwen in me. Ik heb decennialang hard gewerkt en heb nu een fout gemaakt. Op een cruciaal moment. Eigenlijk had dit de mooiste week van mijn leven moeten worden. Dat is niet meer het geval en daarvoor is maar één iemand verantwoordelijk: ikzelf.’

Uw tijdelijk voorzitterschap wordt bij de regeringsvorming mogelijk verlengd. U zei afgelopen weekend: ‘Hoelang ik voorzitter ben, hangt af van factoren die ik niet in de hand heb. Tenzij ik het de volgende weken zelf naar de knoppen help.’
Van Dijck: ‘Ik ben aangeduid door meer dan honderd parlementsleden. Als ik van hen het signaal krijg dat mijn positie niet houdbaar is, moet ik daaruit mijn conclusies trekken.’

Was dit voorzitterschap een droom die uitkwam?
Van Dijck: ‘Absoluut. Ik kom uit de Volksunie. Op mijn oude bureau hing een affiche van de Volksunie met de slogan: ‘Vlaams Parlement nu’. Het was onze ambitie een rechtstreeks verkozen Vlaams Parlement te hebben als emanatie van de Vlaamse natie. Sinds 1995 zetel ik in dat rechtstreeks verkozen Vlaams Parlement. Dat was een grote eer. Ik was onderwijzer. Toen ik in de politiek stapte, zei mijn vader zaliger: misschien word je ooit schepen.’

Ze zullen mij niet snel opnieuw in een café zien, laat staan met een glas in de hand.
Kris Van Dijck, voorzitter Vlaams Parlement

Hoe heeft u dat Vlaams Parlement zien evolueren?
Van Dijck:‘Het was vroeger een bewuste keuze van veel politici om in het Vlaams Parlement te zetelen. Ik heb de indruk dat dat bij de jongere generatie minder speelt. Zij veranderen ook gemakkelijker van parlement. We moeten opnieuw bereiken dat het Vlaams Parlement door de buitenwacht wordt gezien als hét huis van de Vlaamse democratie.’

Is het parlement dan te weinig het vlaggenschip van Vlaanderen?
Van Dijck: ‘Jan (Peumans, de vorige parlementsvoorzitter, red.) heeft daar enorm veel moeite voor gedaan. Maar je hebt hier meer de Noord-Europese, zakelijke cultuur, terwijl er in de Kamer aan de overkant van de straat wat meer geroepen en getierd wordt. Ze gaan daardoor met wat meer aandacht lopen. Maar daarom is het niet beter. Toen ik in 2010 als lijstduwer in de Kamer verkozen raakte, heb ik er geen seconde aan gedacht hier weg te gaan. Dit is mijn biotoop.’

Is uw Vlaams engagement er met de paplepel ingegoten?
Van Dijck: ‘Mijn familie is pas na de oorlog Vlaamsgezind geworden. Mijn grootvader heeft onterecht in de gevangenis gezeten. Hij werd weliswaar vrijgesproken, maar mocht het eerste halfjaar niet naar Dessel komen. Zo is hij flamingant geworden.’

Staan we nu op een kantelpunt voor het confederalisme?
Van Dijck: ‘Ik zou dit momentum toch niet te snel voorbij laten gaan. Of dit het kantelpunt wordt, weet ik niet. De PS wil niet met ons praten, maar die dialoog zal er ooit moeten komen. Dat is ook de reden waarom we even afwachten wat er federaal beweegt. Nu snel een Vlaamse regering vormen waarna er een federale regering komt met een Vlaamse minderheid, daar passen wij voor. Dat is niet in het belang van de Vlamingen.’

Hoe staat u tegenover de gesprekken met het Vlaams Belang?
Van Dijck: ‘Als je vaststelt dat een partij die vijf jaar geleden ten dode leek opgeschreven niet alleen rechtstaat, maar 18 procent van de stemmen haalt, moet je naar die partij luisteren. Het is goed vragen te stellen en hen te confronteren met sommige stellingen die contradictorisch zijn.’

Om die stellingen te doorprikken?
Van Dijck: ‘Of om zaken op te pikken die interessant kunnen zijn. Je moet een dialoog in openheid aangaan.’

Kunt u een dialoog aangaan met een partij die insinueert dat baldadige jongeren in de Middellandse Zee mogen verdrinken?
Van Dijck: ‘Mijn partij heeft daar onmiddellijk op gereageerd.’

Zijn zulke opmerkingen niet voldoende om de gesprekken met die partij te stoppen?
Van Dijck: ‘We moeten luisteren naar alle partijen en vervolgens een consistente Vlaamse regering vormen die een antwoord probeert te geven op de noden van de Vlaming.’

Liefst zonder het Vlaams Belang, als het van u afhangt?
Van Dijck: Ik doe daar geen uitspraken over. Om met iemand samen te werken, moet er een sterke cohesie zijn in een gemeenschappelijk programma. Wat telt, is het regeerakkoord.’

De N-VA heeft niet genoeg het verschil kunnen maken.

Maar wat zegt dat over een eventuele samenwerking met het Belang?
Van Dijck: ‘Niet veel. Ik ben rond de pot aan het draaien.’ (lacht)

Was u eigenlijk verbaasd dat die partij zo goed scoorde?
Van Dijck: ‘Weinigen zagen het aankomen, maar ik schrok er echt niet van. Er is heel veel ongenoegen bij de mensen. We moeten het idee doorprikken dat het Vlaams Belang de antwoorden heeft, want het heeft die niet. Het Belang wil de grenzen sluiten. Ik woon op tien kilometer van de Nederlandse grens. Moeten we die grens ook sluiten? De Vlaming wil dat de Europese buitengrenzen worden gesloten, net zoals sommige socialisten dat willen. Maar dat kunnen we niet zomaar. Of kijk eens naar het economische programma van het Vlaams Belang. Je kan hun sociaal-economische programma zo naast dat van de PVDA leggen. Wij willen dat onze economie vleugels krijgt door investeringen aan te moedigen en de belastingdruk te verlagen. Het heeft geen zin mensen een lagere pensioenleeftijd of een kortere werkweek voor hetzelfde loon te beloven als het geld op is.’

Het was de verdienste van de N-VA dat ze het Vlaams Belang de wind uit de zeilen had genomen. Waar is het fout gelopen?
Van Dijck: ‘We hebben niet aan de verwachtingen van de kiezer voldaan. We hebben niet genoeg het verschil kunnen maken. Hebben we zelf fouten gemaakt? Waarschijnlijk. Maar compromissen zijn eigen aan de macht, zeker in België. We hebben kiezers aan het Vlaams Belang verloren omdat een groep ontgoocheld was in wat we verwezenlijkt hebben.’

Moet u het Vlaams Belang mee in zee nemen om hun voorstellen te doorprikken?’
Van Dijck: ‘Daarom moet je ze niet per se in een regering meenemen. We moeten vooral hun kiezers serieus nemen. Je zal mij een Vlaams Belang-kiezer nooit een insect horen noemen. (Open VLD-coryfee Karel De Gucht sprak destijds over het Vlaams Belang als mestkevers, red.) Je moet luisteren naar de mensen zonder hen daarom naar de mond te willen praten. Dat is de enige manier om kiezers terug te halen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect