interview

‘Het leven is een Russische roulette, en dat is oké'

©Jef Boes

Wat doet de zelfdoding van een kind met een vader? Sommigen gaan eraan kapot, anderen vinden een nieuwe levensmissie. Jan Toye (Palm) en Marc vande Gucht (BeAligned) zetten met hun fonds GavoorGeluk een hefboom onder de preventie van depressie en suïcide in Vlaanderen. ‘Ik moest een kind verliezen om te beseffen hoe fout ik bezig was.’

Een landgoed in het Oost-Vlaamse Hansbeke. Een oprijlaan leidt naar een prachtig gerestaureerd kasteeltje, met veel kunst, foie gras en goede wijn uit kristallen glazen. Vanop het bordes kijken we naar de oude bomen in het park. De schoonheid en de rust zijn overweldigend.

‘Een mens moet iets hebben om zich mee te troosten’, zegt Jan Toye (67), eigenaar van de brouwersgroep Palm. Er volgt een glimlach met een dubbele bodem. Het verlies went nooit, zegt ook Marc vande Gucht (59), directeur van het consultancybedrijf BeAligned, die aanschuift voor het gesprek.

Respectievelijk elf en twaalf jaar geleden stapten hun kinderen, Christoph en Joke, uit het leven. Jonge twintigers. Hij was hoogbegaafd en hypersensitief. Zij worstelde met haar geaardheid. Beiden vonden ze hun plek niet. Ze misten de warmte van een samenleving die hen aanvaardt zoals ze zijn, zonder meer.

Christoph zou zo trots zijn, mocht hij zien wie ik nu ben en wat ik doe. Dat stelt me gerust.
Jan Toye

Hun vaders, ‘de ankers losgeslagen’, gingen op zoek naar antwoorden. Vande Gucht, toen nog commercieel directeur van Uitgeversbedrijf Tijd, schreef de onmacht van zich af in het boek ‘Down under’. In de nasleep leerde hij Toye kennen. Het klikte. ‘We waren op dezelfde manier beschadigd.’ Ze praatten, avonden en nachten door. Om te begrijpen. Voorbij de schuldvraag, want dat heeft geen zin. Daaraan ga je kapot.

Vande Gucht: ‘In die zoektocht is er maar één zekerheid: dat je het nooit helemaal gaat weten.’

We plegen te veel roofbouw op onze werknemers. Als je dat te ver drijft, wordt het crimineel.
Jan Toye

Toye: ‘Je dringt nooit door tot de kern van je geliefden. Er is altijd een jardin secret. Ook de intiemste vrienden van Christoph, die niets wisten over zijn donkere gedachten, waren in shock. Wat is vriendschap, wat is liefde nog? Op zo’n moment besef je dat menselijke relaties toch altijd aan de oppervlakte blijven.’

Vande Gucht: ‘What you see is not always what you get.’

©Jef Boes

Toverbos

Op die avonden groeide een plan. Te veel jongeren worstelen met zichzelf, met existentiële vragen. Wat ze voor hun eigen kinderen niet meer konden doen, kon misschien wel nog voor die van anderen, beseften Toye en vande Gucht. Zo ontstond het idee voor een fonds dat projecten zou ondersteunen om het mentaal welbevinden van jongeren te verbeteren. Toye bracht een deel van het kapitaal in: ‘een stukje erfenis van Christoph’, de rest kwam van legaten en schenkingen. Vandaag bestaat GavoorGeluk tien jaar. Het wil een strohalm bieden voor wie zijn doosje geluk in het leven niet vindt.

10 jaar > Het fonds GavoorGeluk werd tien jaar geleden opgericht door Jan Toye, eigenaar van onder meer Palm en Eddy Merckx fietsen, en Marc vande Gucht, toenmalig commercieel directeur van Uitgeversbedrijf Tijd en vandaag directeur van consultant BeAligned. Met het fonds willen de mannen, die een kind verloren aan zelfdoding, projecten ondersteunen om het mentaal welbevinden van jongeren te verbeteren.

5 leerstoelen > GavoorGeluk financierde vijf universitaire leerstoelen, voor de preventie van depressie en suïcide en voor hoogbegaafdheid. Het fonds realiseert ook modelprojecten in samenwerking met universiteiten en beleidsmakers. Dat resulteerde onder meer in Toverbos (emotionele expressie bij kleuters), een trainingsprogramma rond mindfulness bij adolescenten, MindMates (herkenning depressie bij studenten) en Warme Steden. Gaandeweg willen ze de focus uitbreiden naar de werkplek.

3 miljoen > Het eigen vermogen bedraagt 3 miljoen euro. De opbrengst daarvan gaat, samen met jaarlijkse schenkingen, naar de financiering van de projecten. De voorbije tien jaar investeerde het fonds 2 miljoen euro, een vijfde wat Vlaanderen aan de preventie van depressie en suïcide besteedt. Het fonds werd dit jaar bij de Koning Boudewijnstichting ondergebracht, zodat het de oprichters zou overleven.

Vrijblijvend was dat decennium niet. Toye en vande Gucht zijn wie ze zijn: zakenmannen. ‘We wilden het systeem beïnvloeden’, zegt vande Gucht. ‘In Vlaanderen zijn twee keer meer zelfmoorden dan in Nederland. Hoe komt dat? We analyseerden de markt. Wat bestaat al voor de preventie van depressie en zelfmoord? Wat kunnen wij toevoegen? We deelden de markt op in segmenten, van kleuters tot bejaarden. En we zeiden: we gaan beginnen bij de kleuters. Daar kan je het meeste rendement halen.’ Hij glimlacht. ‘We hebben het nogal zakelijk aangepakt.’

Het eerste project van GavoorGeluk was Toverbos, een poppenspel voor kleuterleiders dat werd ontwikkeld door kinderpsychiater Peter Adriaenssens. De juf of meester gaat met de kleuters het toverbos is. Via de poppen kunnen kinderen hun gevoelens uiten. ‘Op twee sessies komen de leerkrachten meer te weten dan na zes maanden in de klas’, zegt vande Gucht. ‘Het project is getest in enkele scholen, en wordt nu standaard ingeplugd in de opleiding van kleuterleiders.’

Toye: ‘Een goede start in het leven is alles. Uit studies blijkt dat kinderen die met weinig jeugdtrauma’s volwassen worden, zich beter in hun vel voelen. Dat gaat over weerbaarheid, een warme omgeving, verbondenheid.’

‘Christoph zei ooit: ‘Papa, wij hebben geen achterdeur.’ Hij had gelijk. We woonden in een mooi huis, met hagen en hoge muren. Vriendjes kwamen bij ons niet onverwachts langs. Hij zei ook: ‘Vroeger was het makkelijk, toen had je maar één normenstelsel. Wij moeten shoppen in de normenshop, en we lopen verloren.’ Zelfmoord bij jongeren is vaak een gevolg van slecht geconnecteerd zijn. Daar willen we op inzetten. Vorige week stelde de universiteit van Leuven het project MindMates voor, waarbij studenten, proffen of ouders worden opgeleid om signalen van depressie bij studenten vroeg te leren herkennen. Ook dat hebben wij mee gefinancierd.’

Jan Toye en Marc vande Gught: ‘Wie in Vlaanderen aan filantropie doet, wordt buitengekeken. Het heeft ons alleen extra gemotiveerd.' ©Jef Boes

GavoorGeluk investeerde de jongste tien jaar 2 miljoen euro, of een vijfde van het budget dat Vlaanderen aan de preventie van depressie en zelfmoord spendeert. Bent u een luis in de pels?
Toye: ‘Nee, we werken samen. We willen wegen op het beleid, versnippering tegengaan, mensen en projecten verbinden, zorgen dat ze sneller schakelen. We geven daarbij een financiële duw in de rug.’

Vande Gucht: ‘Dat loopt niet altijd vanzelf. Intussen gaan we geregeld op de koffie bij minister van Welzijn Jo Vandeurzen. We zijn lid van de werkgroep voor suïcidepreventie. Maar in het begin vonden ze dat we in de weg liepen.’

De meeste mensen zijn vooral bezig met de norm te volgen. Alleen beseffen ze het niet.
Marc Vande Gught

Toye: ‘We gaan een groot project uitrollen rond ‘warme steden’. Met scholen, dokters, jeugdverenigingen en bewoners een visie ontwikkelen voor een warmere leefomgeving, en de bestaande initiatieven verbinden. In Oudenaarde hadden we iedereen mee. Serviceclubs hadden via benefieten 40.000 euro geïnd. Maar de overheid floot ons terug. In Antwerpen mislukte het ook, omdat het stadsbestuur niet mee was. In Gent lukt het nu wel. Daar hebben het bestuur, het UZ en de centra voor geestelijke gezondheidszorg ons zelf gecontacteerd om dit uit te rollen.’

‘Wie in Vlaanderen aan filantropie doet, wordt buitengekeken. ‘Moei u niet.’ Het heeft ons alleen extra gemotiveerd. Ondertussen ziet de minister ook in dat hij dat soort burgerinitiatieven nodig heeft als hij zijn beleid wil waarmaken.’

Vande Gucht: ‘We hebben nu een basiskapitaal van 3 miljoen euro. De opbrengst daarvan gaat naar onze projecten. We willen naar 10 miljoen gaan. Dan hebben we een deftige inkomstenstroom en kunnen we evenveel doen als de overheid.’

Drie schildpadden

Opvallend: de ondernemer en de manager, voor wie ratio primeerden, zijn handelaars in emotie geworden. Het fonds krijgt voorrang. Dit gesprek gaat over mindfulness en bewustwording. Over groei. Niet in bedrijfstabellen, maar als mens. Het trauma verandert de man.

Vande Gucht: ‘Het blijft op je netvlies, onzichtbaar. Je staat ermee op en gaat ermee slapen. Dat zal zo blijven. Dat mag.’ Toye: ‘Mijn vrienden zullen zeggen: ‘Jan Toye is een ander mens geworden.’ Vroeger was ik vooral bezig met mezelf en het bedrijf. Geld verdienen en meerwaarde creëren. Diepgang was voor later, als we eens tijd hadden. Maar dat systeem loopt op zijn einde. Die hebzucht, de wereld gaat eraan kapot. We plegen roofbouw op de natuur en op de mens.’

Mijn kamikaze-gehalte is groter geworden sinds de dood van Joke.
Marc Vande Gucht

‘Ik geloof sterk in wat de Amerikaanse econoom Jeremy Rifkin zegt: we evolueren naar een ‘empathic civilization’. De internetrevolutie doorprikt de oude structuren waarop het westerse model van de vrije markt is gebaseerd: top-down, met macht geconcentreerd in enkele bastions, waarbij het individu alsmaar meer welvaart nastreeft ten koste van zijn omgeving. Kennis - en dus macht - raakt verdeeld. Onze met schulden gedopeerde economie wordt naar zijn ware proporties herleid, ook al betekent dat twintig jaar weinig of geen groei. De volgende generatie heeft zich erbij neergelegd dat het met minder ook gaat. Ze wil zich niet meer kapot werken voor dat grote huis of die dure auto.’

U hebt een kind moeten verliezen om dat in te zien.
Toye: ‘Ja. Ik zag het niet. The sky was the limit. Altijd meer. Waarom zijn de banken omgevallen? Omdat ze verblind waren door hebzucht. Ik heb dat aan den lijve ondervonden. Dat kan toch het doel van het leven niet zijn?’

Uw familie was een grote aandeelhouder van Fortis. U hebt er erg veel geld aan verloren. Hoe erg is dat?
Toye: ‘Niet erg. Wat betekent dat, als je nog genoeg over hebt? Geld verliezen is maar erg als je in armoede vervalt. Voor mij was het een goede les. Ik heb hier in de living drie schildpadden aan de muur hangen. Ze herinneren me eraan dat ik de dingen nu degelijk en grondig wil doen. Met meer gemoedelijkheid.’

Vande Gucht: ‘Je staat anders in het leven. Kort na Jokes dood ging ik ook professioneel door een stormachtige episode. Het was de periode dat De Tijd werd ingelijfd door De Persgroep. Ik heb toen tegen Christian Van Thillo gezegd: ‘Ik wil blijven meedraaien, maar je moet één ding weten: ik heb een vervaldatum. Alleen kan ik hem vandaag niet lezen.’’

‘Hij vond dat ik een risico nam door dat te zeggen. Maar voor mij was dat geen risico. Mijn kamikazegehalte is groter sinds de dood van mijn dochter. Wat heb je nog te verliezen als je het belangrijkste al kwijt bent? Ik klampte me niet vast aan die job. Toen ik zeven maanden later een nieuw onderhoud vroeg bij Van Thillo, wist hij meteen hoe laat het was.’

Geen bezit

Het heeft na een zelfdoding geen zin in te gaan op de schuldvraag, beslisten de vaders twaalf jaar geleden. Toch rolt ze tussen de zinnen door over tafel. Zoals bij de vaststelling dat we de ander te vaak zien als een middel om onze eigen ambities waar te maken. Ook onze kinderen, zonder het te beseffen.

‘Ik straalde dat uit’, zegt Toye. ‘Mijn twee zonen waren voor mij ‘twee opvolgers’. Het waren slimme kinderen, dus je gaat ervan uit dat ze universiteit gaan doen. Minstens. Graag nog een postgraduaat erbij. Wat ze zelf wilden, was bijkomstig. Dat was fout. Ik ben de voorbije tien jaar in het reine moeten komen met mijn tekorten als vader. Ik zou het van de daken willen schreeuwen: ouders moeten beseffen dat hun kinderen hun bezit niet zijn. Christoph zei dat letterlijk: ‘Papa, ik ben uw asset niet.’

Hoe reageerde u daarop?
Toye: ‘Ik begreep niet wat hij bedoelde. Hij schreef al eens een brief naar ons. Wat daarin stond, was zo matuur dat ik dacht: ‘Zie je wel, die jongen heeft verstand.’ Ik kon niet begrijpen waarom hij zijn eerste jaar aan de universiteit moest trissen, dat gaf spanningen. Maar hij worstelde met existentiële vragen, hij was bezig met dingen waar wij geen benul van hadden. En hij voelde de druk van het juk dat ik onbewust op zijn schouders had gelegd. Dat moet diep gezeten hebben.’

‘Nog voor de begrafenis kwam zijn jongere broer Matthias naar mij. ‘Papa,’ zei hij, ‘nu valt al die druk op mij alleen.’ Ik ben toen enorm geschrokken. ‘Maar manneke toch, jij moet helemaal niets. Laat ons dat hier nu afspreken: voor je dertigste ga ik je niet vragen of je me wilt opvolgen. Zoek je eigen weg. Je hebt vleugels, vlieg!’ Dat heeft hij gedaan. Hij is even in het bedrijf komen werken, maar het bleek niets voor hem. Nu heeft hij net zijn pilotenopleiding afgerond.’

Vande Gucht: ‘Ik zag hem onlangs. Hij ziet er goed uit.’

Toye: ‘Ik hoop dat hij plezier vindt in wat hij doet. Ieder moet zijn eigen spel spelen, met zijn eigen speelgoed. Ik merk hoeveel vrienden-ondernemers ervan uitgaan dat hun kinderen in hun voetsporen treden. Dat is niet goed. Temper die druk. Hetzelfde met werknemers: wat willen of kunnen mensen echt? Dat vragen we zelden.’

Net zoals ouders hun kinderen zien als de lakeien van hun eigen dromen, beschouwen werkgevers hun medewerkers als de uitvoerders van een bedrijfsstrategie?
Vande Gucht: ‘Te vaak wel, helaas. Je moet passen in het organigram. Dat brandt mensen op. Werkgevers hebben een verpletterende verantwoordelijkheid.’

Toye: ‘In evaluatiegesprekken wordt de belangrijkste vraag zelden gesteld: wat doe jij graag? Terwijl iedereen weet: een gelukkige werknemer is een betere werknemer.’

Heeft dat niet een hoog Bond Zonder Naam-gehalte?
Vande Gucht: ‘Tel je kosten. Al die mensen die lange tijd wegvallen door burn-outs, die op zijn omdat ze uitgeperst zijn als een citroen. Als je dat uitrekent, is het geen Bond Zonder Naam meer.’

Toye: ‘De werkplek kan onze volgende focus worden. Binnenkort zitten we samen met mensen van Idewe, de grootste dienst voor bescherming en preventie op het werk, en met een prof arbeidsgeneeskunde. We plegen te veel roofbouw op onze werknemers. Als je dat te ver drijft, wordt het crimineel.’

Wat kunnen we daaraan doen?
Vande Gucht: ‘Het begint met de selectie van leidinggevenden. Bij BeAligned ga ik op zoek naar topmensen. Ik kijk meer dan ooit hoe ze mentaal in elkaar zitten. Die diploma’s hebben ze toch. De emotionele intelligentie niet altijd. Die interesseert me evenzeer, want daar gaan ze het verschil maken.’

Toye: ‘Authentieke leiders zitten goed in hun vel. Ze hebben hun ego afgelegd. Ze zijn niet angstvallig bezig met hun eigen ambities, maar kijken hoe anderen kunnen groeien. Ik heb mijn directiecomité herschikt en samengesteld met mensen die zichzelf overstijgen.’

Hoogmoed

Toye nam wat afstand van Palm. Hij liet de dagelijkse leiding aan een externe CEO. Hij is nog 50 procent bezig met het bedrijf, de andere 50 procent investeert hij in GavoorGeluk. De transformatie van de topman ging samen met die van Palm. Het iconische biermerk, dat ooit 5 procent van de Belgische biermarkt in handen had, verloor de voorbije 17 jaar meer dan de helft van zijn marktaandeel. Toye knikt. ‘Dat is zo. What goes up must come down.’

Vindt u het niet erg dat u die eeuwenoude erfenis niet intact kunt doorgeven?
Toye: (glimlacht) ‘Nee. Als je snel groeit en de cashflow explodeert, denk je van jezelf dat je geniaal bent. Het is de hoogmoed van iemand die een succesvol imperium erft. Maar nu het moeilijk gaat, kan ik pas echt bewijzen dat ik een ondernemer ben. Ik moet het bedrijf nieuwe fundamenten geven. Palm was het bier van de arbeider, maar we moesten wel opboksen tegen de grote jongens met hun goedkope pils. Die race konden wij niet winnen. We zijn op zoek gegaan naar nieuwe, hoogwaardiger niches. Kleinere volumes, hogere toegevoegde waarde. Daar is tijd voor nodig. Die schildpad, weet u wel.’

Was het verstandig u als topman terug te plooien, terwijl het bedrijf door stormweer ging?
Toye: ‘Ik kon niet anders. Eerst ging Palm achteruit, dan stierf Christoph. Er was de beurscrash, de val van Fortis. We hadden problemen met onze grote brouwerij in Polen. Het waren veel klappen tegelijk. Ik kreeg een burn-out. En ik ben gaan nadenken, na lange gesprekken met Marc. Ik heb toen ingezien dat het even waardevol was met andere dingen bezig te zijn. Bij Palm stuur ik de vernieuwing aan, het leuke werk. Maar wat we met GavoorGeluk doen, geeft me evenveel energie.’

Bent u zelf gelukkig nu?
Toye: ‘Dat is een goede vraag.’

Vande Gucht: ‘Ja, maar we blijven beschadigd. Al hebben we dat destructieve verhaal wel kunnen ombuigen tot iets moois.’

Toye: ‘We grew up. We weten dat het leven een Russische roulette is. Nu zitten we te praten, morgen kan iemand van ons een slechte diagnose krijgen. Ik aanvaard dat het zo is en wapen me ertegen. In die zin ervaar ik de dood van Christoph niet als een verlies. Ik heb het gevoel dat we samen op stap zijn. Mijn enige frustratie is dat hij het zelf niet geweten heeft. Hij zou zo trots zijn, mocht hij zien wie ik nu ben en wat ik doe. Dat stelt me gerust.’

‘Die zoektocht naar jezelf: dat is uiteindelijk het leven. Het klinkt zweverig, maar het is wat het is. Hoe dieper je graaft, des te boeiender het wordt. Wie dat niet doet, blijft aan de oppervlakte. Dat is gemakkelijker. Meedeinen met de flow, jezelf niet te veel vragen stellen.’

Vande Gucht: ‘De meeste mensen zijn vooral bezig met de norm te volgen. Alleen beseffen ze het niet. We zijn kuddebeesten: hard werken, zwaktes verbergen, vooral geen fouten maken. Keeping up appearences.’

Toye: ‘Ik was ook zo. Ik heb veel moeten meemaken om wat rijper te worden. Maar het vreemde is: ik kom nu veel meer zulke mensen tegen.’

Vande Gucht: (droog) ‘Soort zoekt soort.’

Toye: ‘Dat zou kunnen. Vroeger was ik meer omringd door strebers. Die vinden elkaar en peppen elkaar op. Nu kom ik andere mensen tegen. En mijn leven is veel rijker.’

Wie vragen heeft over zelfdoding, kan terecht op het gratis nummer 1813 en op www.zelfmoord1813.be

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content