interview

‘Ik lig niet wakker van perceptie'

©Dieter Telemans

Er is al genoeg spierballengerol in de politiek, vindt Vlaams minister van Omgeving Joke Schauvliege. Van perceptie ligt ze niet wakker. ‘Maar dat ik weinig om het klimaat zou geven, is flauwekul.’

Soms lijkt het alsof Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege (CD&V) niets goed kan doen. Toen ze besliste later naar Parijs te gaan om de Uplace-beslissing te verdedigen in het Vlaams Parlement, verweet de oppositie haar dat de klimaattop voor haar geen prioriteit is. Ze gooit de handen wanhopig in de lucht. ‘Als een parlement een actualiteitsdebat houdt, is het toch een evidentie dat de bevoegde minister aanwezig is?’

De kritiek raakt haar, want ze heeft naar eigen zeggen een speciale band met de klimaatconferenties. ‘Kopenhagen was een van mijn eerste vuurdopen als minister. Die top heeft de verwachtingen niet ingelost, wat tot een zekere klimaatmoeheid heeft geleid. Ik heb dat gevoel helpen keren toen ik als voorzitter van de Europese Raad voor Leefmilieu mee in de machinekamer zat bij de klimaatconferentie van Cancun. Daar hebben we afgesproken de opwarming van de aarde te beperken tot 2 graden Celcius, wat nu in Parijs in daden wordt vertaald.’

Zelfs als dat lukt, zal het voor sommigen niet genoeg zijn. Dat beseft ze. In klimaat- en leefmilieudossiers is het voor velen nooit genoeg, en dat irriteert de nuchtere Schauvliege wel eens. Ze is niet de politica van de ronkende verklaringen. ‘Het is fijn om veel ambitie te hebben, maar het moet ook haalbaar zijn’, zegt ze. ‘Hoe meer hoe liever, maar je moet altijd een afweging maken. Je moet als beleidsmaker kijken wat technisch haalbaar en betaalbaar is. En als je sommige dossiers te snel op tafel legt, heb je soms niet iedereen mee om iets te realiseren. Die pijlers zijn voor mij essentieel om in leefmilieu knopen door te hakken: elke beslissing moet haalbaar, betaalbaar en aanvaardbaar zijn.’

Haalbaar, betaalbaar en aanvaardbaar. Het is weinig rock ‘n roll, net als haar bevoegdheden ruimtelijke ordening, leefmilieu en klimaat. ‘Toch is dat mijn politieke droomcombinatie. Ik voel me heel stevig in mijn schoenen bij die bevoegdheden. Ze combineren de nood aan juridische expertise met de zoektocht naar compromissen. Ik ben nu eenmaal geen politica die gevleugelde woorden gebruikt of grote emoties etaleert. Daardoor ontstaat blijkbaar de perceptie dat ik maar lauwtjes bezig ben of weinig om het klimaat geef. Dat is flauwekul.’

Toch noemt zelfs coalitiepartner N-VA uw klimaatbeleid ‘weinig ambitieus.’
Joke Schauvliege: ‘We nemen de ene beslissing na de andere voor het leefmilieu. We hebben na 20 jaar discussie een beslissing genomen over de poldergraslanden. We doen enorme inspanningen om onze doelstellingen te halen voor het behoud van de natuur. Er wordt niet bespaard op de budgetten voor het leefmilieu. Zo kan ik nog wel even doorgaan.’

Ze zucht even. ‘Ik ben nu eenmaal een realistisch persoon. Het is heel gemakkelijk om te zeggen dat ik Vlaanderen tegen 2030 klimaatneutraal wil maken. Wat koop je daarmee? Geen halve maatregel en zeker geen resultaat. Sommigen toeteren hoe het allemaal beter kan, maar hebben nog niets gerealiseerd. Ik zet stappen vooruit. Zeggen dat ik te weinig ambitie heb, is een dooddoener.’

Het helpt niet dat sommigen in uw regering u afschilderen als ‘de marionet van de Boerenbond’.
Schauvliege: ‘Sommigen proberen dat in de markt te zetten. Ik praat met alle organisaties en probeer tussen die belangen het evenwicht te zoeken. Daar speelt ook wat groene rancune mee. De groene flank houdt er niet van dat de domeinen Landbouw en Natuur onder één minister zitten. Ze lijkt te wachten op mijn mislukking om die belangen te verzoenen. Zelf vind ik het een voordeel dat ik voor beide bevoegd ben, want je moet sowieso het evenwicht bewaken. Kijk naar de reacties op mijn beslissing over de poldergraslanden. De natuurbewegingen vonden dat ik niet genoeg natuur had beschermd, terwijl de landbouwers het een schande vonden dat ik zo veel gebied had beschermd. Dat is een teken dat we goed in het midden zitten.’

Het leidt er ook toe dat u langs beide kanten onder vuur wordt genomen. Waarom bijt u niet meer van u af?
Schauvliege: ‘Ik ben geen ruziemaker. Zelfs als ik op onterechte commentaar reageer, zal ik dat sec doen. Het zit niet in mij om vanop het spreekgestoelte gevleugelde woorden over het parlement uit te strooien. Die stoere verklaringen veranderen niets. Ik boek resultaten.’

Stoort u zich dan niet aan het geroep van anderen, zeker als het over uw functioneren als minister gaat?
Schauvliege: ‘Ik kan dat heel goed relativeren. Vergeet niet dat ik al heel lang in de politiek zit. Nogmaals: mij gaat het om de resultaten. Ik ben niet bezig met hoe ik mezelf in de markt kan zetten of met de perceptie over mezelf. Ik geen tijd om daar wakker van te liggen, want ik ben daarvoor te hard aan het werken. Misschien is dat een van mijn tekortkomingen.’

Of misschien net niet, want u haalt wel opvallend veel stemmen.
Schauvliege: ‘Ik haal stemmen met de resultaten die ik boek. Ik verdedig mijn zaak minder door grote krantenkoppen en meer door persoonlijke uitleg te geven aan mijn kiezers. Zet me voor een zaal om het Uplace-dossier uit te leggen, en ik doe dat met plezier. Maar ruzie maken in het parlement draagt volgens mij weinig bij tot de maatschappij. Er is al genoeg spierballengerol in de politiek. Mensen hebben daar geen boodschap aan. Ik leg liever uit waarom ik een beslissing genomen heb. In de regering ben ik wel vastberaden als ik iets wil doorduwen. Onlangs noemde iemand me een charmante dwarsligger. Ik beschouw dat als een compliment.’

U bereikte na zes jaar een akkoord met de andere regeringen over de verdeling van de klimaatinspanningen. Waarom duurde dat zo lang?
Schauvliege: ‘Je zit met een hele reeks politieke partijen aan tafel, wat niet evident is. Bovendien vroeg elke regering aan zijn of haar minister om niet van het onderhandelingsmandaat af te wijken. Zo kun je niet onderhandelen. We hebben zes jaar lang elk op ons mandaat gekampeerd. Iedereen keek naar elkaar, maar om politieke redenen bewoog niemand.’

Zijn we bij nieuwe afspraken in Parijs opnieuw vertrokken voor jaren getouwtrek in eigen land?
Schauvliege: ‘Als de door Parijs te leveren inspanningen in Europa worden verdeeld, riskeren we inderdaad een herhaling van dat scenario. Daarom pleit ik ervoor dat we nu al samen vaste verdeelsleutels voor de klimaatdoelstellingen vastleggen. Op die manier is het direct duidelijk wie wat moet doen. Ik hoop dat we de moed kunnen opbrengen om daar nu al afspraken over te maken, los van concrete dossiers.’

Eind oktober was er al een voorstel tot klimaatakkoord, maar de Vlaamse regering gaf daarvoor geen groen licht. Hoe kijkt u daar op terug?
Schauvliege: ‘Op een goede vrijdag kwam mijn federale collega (Marie-Christine Marghem, red.) met een ongelooflijke oplossing. Ze kon een extra inspanning doen voor het aandeel hernieuwbare energie, wat de hele puzzel veranderde. Dat bleek uiteindelijk een foute inschatting van haar, waardoor dat akkoord weer op de helling stond. Men heeft inderdaad vanuit een bepaalde hoek gezegd dat Vlaanderen zou betalen voor dat slechte akkoord. De uitspraken van parlementsleden zijn hun verantwoordelijkheid, maar in de regering is dat nooit zo gezegd. Er zit geen mes in mijn rug.’

De N-VA heeft u daarbij wel als minister geviseerd. Had u slecht onderhandeld?
Schauvliege: ‘Ik had zeker niet slecht onderhandeld. Ik was inderdaad buiten mijn onderhandelingsmandaat gegaan, maar dat was bij het uiteindelijke akkoord ook zo. Anders kan je geen compromis sluiten. Wat mij betreft, was de kritiek onterecht, maar ik heb echt geen zin om daar nu nog op terug te komen. Wat koop je daarmee? Komaan, volgende vraag.’

Hoe wil u de nieuwe doelen halen?
Schauvliege: ‘We voerden natuurlijk al een klimaatbeleid toen er nog geen klimaatakkoord was. Ons klimaatbeleidsplan gaat uit van 15 procent minder CO2-uitstoot tegen 2020 in vergelijking met 1990. We zullen nu 15,7 procent moeten halen, en dus extra maatregelen nemen. We gaan in Vlaanderen een klimaattop organiseren en aan de verschillende beleidsdomeinen concrete beloftes vragen. Denk aan de isolatie of het energiezuinig maken van woningen, of maatregelen om de CO2-uitstoot van het vervoer te verminderen.’


U moest deze week ook het winkelcomplex Uplace verdedigen.

Schauvliege: ‘Uplace is een dossier dat emotioneel geladen is. Het hele verhaal heeft ook veel te lang geduurd. We willen als Vlaamse regering voldoende rechtszekerheid geven, maar die beslissing was uiteraard een moeilijke afweging. We moeten daar in de toekomst nog moeilijke knopen over doorhakken. Vilvoorde wil bijvoorbeeld baanwinkels bouwen in ongeveer dezelfde zone als Uplace. We zullen bij het uitreiken van de nodige vergunningen moeten bekijken hoeveel retailruimte voor iedereen mogelijk is.’

Ligt de winkeloppervlakte voor Uplace dan nog niet vast?
Schauvliege: ‘De beslissing die we vorige week hebben genomen, gaat over een volledige cluster binnen het gebied. Daar komt 66.000 m² voor retail. Wanneer een vergunning voor een specifiek project wordt verleend, zoals de milieuvergunning, moet bekeken worden over welke retailopppervlakte het precies gaat. De beslissing van vorige week doet geen voorafname op de retailruimte van Uplace.’

CD&V-fractievoorzitter Koen Van den Heuvel noemt Uplace een project uit het verleden. Hij hoopt dat het strandt bij de Raad van State. Hoopt u dat ook?
Schauvliege: ‘Ik laat geen beslissingen goedkeuren door de regering in de hoop dat ze daarna vernietigd worden. (Slaat op een hoop papier) Wij hebben een stevig onderbouwde beslissing van meer dan 200 pagina’s om tegemoet te komen aan de bezwaren. Sommige denken inderdaad dat Uplace niet meer van deze tijd is door de opkomst van e-commerce. Maar het is niet aan de overheid dat te beslissen. Als de ontwikkelaar vindt dat Uplace niet meer leefbaar is en dat e-commerce de bovenhand haalt, zal hij zelf die conclusie wel trekken.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect