Vlaanderen investeert minder in innovatie

©Hollandse Hoogte

In 2014 gaven de Vlaamse bedrijven en universiteiten minder uit aan innovatie dan het jaar voordien. Vlaanderen dreigt zo zijn innovatiedoelen te missen.

Jarenlang kon Vlaanderen pronken met een innovatiespurtje. Investeringen in onderzoek en ontwikkeling (O&O) namen alsmaar toe. Maar die opmars is ten einde gekomen. In 2014 lagen de uitgaven lager dan een jaar voordien. Zo’n daling was geleden van 2006. Dat leert een studie van het Expertisecentrum voor O&O-monitoring (ECOOM), die De Tijd kon inkijken.

©Mediafin

Vlaanderen is zo weer wat verder verwijderd van zijn eigen innovatiedoelen. Tegen 2020 moet drie procent van het regionaal bruto binnenlands product (bbpr) naar het onderzoeken van nieuwe technologieën en het ontwikkelen van nieuwe producten vloeien. Het bedrijfsleven moet 2 procentpunt voor zijn rekening nemen, universiteiten en overheden samen 1 procentpunt.

Norm

In 2014 klokten de totale Vlaamse uitgaven voor onderzoek af op 2,46 procent van het bbpr. Dat is een kleine daling vergeleken met 2013 (2,55 procent). Vooral de bedrijven zakken weg, van 1,76 procent in 2013 naar 1,68 procent. Overheden en universiteiten houden beter stand. ‘In 2020 de norm halen, wordt niet gemakkelijk’, erkent Koenraad Debackere, algemeen beheerder van de KU Leuven en medeauteur van de studie.

De bedrijven blijken het meest van al de vinger op de knip te houden. Ze trokken in 2014 122 miljoen euro minder uit voor innovatie. De universiteiten gaven 15 miljoen euro minder uit. De overheid spendeerde wel meer, maar kon de daling niet voldoende compenseren. Bovendien trok de economische groei wel aan. 

Het kabinet van Vlaams minister voor Innovatie Philippe Muyters nuanceert de cijfers. ‘Het is mogelijk dat de daling op het conto te schrijven is van enkele grote bedrijven die tijdelijk minder investeerden.’ In Vlaanderen nemen de vijftig meest onderzoeksactieve bedrijven maar liefst 62 procent van de uitgaven voor hun rekening. De daling bij de universiteiten schrijft Muyters dan weer toe aan de besparingen in het begin van de legislatuur. ‘Maar die zijn nu achter de rug.’

Caterpillar

Wilson De Pril, directeur-generaal van techfederatie Agoria, ziet toch meer structurele factoren een rol spelen. ‘Vlak na het crisisjaar 2008 hadden bedrijf een impuls om te investeren. Ze gingen uit van het idee dat de malaise maar een of twee jaar zou duren. Maar de onzekerheid blijft duren en dus lassen veel bedrijven een rustpauze in.’

De sluiting van Caterpillar bewijst nog maar eens dat bedrijven moeten investeren in productinnovatie.
Wilson De Pril
Directeur-generaal Agoria

Dat is een heel gevaarlijke attitude, aldus De Pril, die bedrijven oproept te blijven innoveren. ‘De sluiting van de vestiging van Caterpillar in Gosselies bewijst nog maar eens dat bedrijven voldoende moeten investeren in productinnovatie. In een internationale omgeving moet je kwalitatief en marktgericht blijven innoveren.’

Innovatiesubsidies

Om bedrijven daarbij te ondersteunen, werkt Muyters ook aan een ingrijpende hervorming van de innovatiesubsidies. In het najaar rolt hij het ‘clusterbeleid’ uit. Daarbij krijgen vijf Vlaamse sectoren de stempel van ‘speerpuntcluster’ . Ze staan zo eerste in de rij voor innovatiesubsidies.

Die innovatiesubsidies kunnen van doorslaggevend belang zijn, zo bewijst de Antwerpse starter Playpass. Die ontwikkelt technologie om festivalbandjes ‘slim’ te maken. De bandjes dienen voor toegangscontrole of zelfs om te betalen. De start-up haalde bij het IWT iets meer dan een miljoen euro op voor een proefproject op het dancefestival Tomorrowland.

‘In onze financieringsmix spelen subsidies een substantiële rol, legt financieel directeur Ron Schuermans uit. Playpass speelt in op de wensen van elk festival apart. ‘In die optiek is innovatie belangrijk. Een team van programmeurs werkt de klok rond om op die wensen in te spelen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud